Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Ondergaande zon

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Ondergaande zon

11 minuten leestijd

Jack is gesneuveld een dag na het einde van de Tweede Wereldoorlog. Susanna probeert te bevatten wat dit inhoudt en ze is ontroostbaar.

Juni 1945

kom je met mij mee naar het dorp?” Met een vragend gezicht komt moeder de “Susanna, kamer binnen. Haar ogen glijden over de liggende gestalte van haar dochter. Susanna duwt de dekens een beetje van zich af. “Nee mam, ik heb daar echt geen zin in.” “Toe nou, Susanna. Je kunt jezelf niet altijd blijven verstoppen.” “Dat weet ik mama, maar al die medelijdende blikken van de mensen. Ik hoef dat niet.” Moeder zucht. “Maar ze bedoelen het echt goed, hoor. Ze willen je ook helpen en steunen.” “Nee, ik wil het niet. Ik blijf thuis. Ik moet ook op Lynn letten.” “Die kunnen we ook meenemen”, probeert moeder nog een keertje. Maar Susanna schudt stuurs haar hoofd. Zuchtend draait moeder zich om en loopt de kamer uit. Susanna kijkt naar de dichte deur. Het kan haar allemaal gestolen worden. Al die mensen die het goed bedoelen en die haar van die goedbedoelde opmerkingen geven. “Je komt er vast wel een keertje bovenop, meid!” “Ach, wat erg voor je dat Jack zo plotseling nog gesneuveld is.” “Er zijn nog meer vrouwen in het dorp die een man moeten missen. Je bent niet de enige.” “Gelukkig heb je Lynn nog. Anders was het vast nog zwaarder geweest.” Ze kon er nog wel een paar bedenken. Zouden de mensen ooit begrijpen welk verdriet ze doormaakt? De enige met wie ze deze dagen nog een beetje overweg kan, is haar vader. Met zijn ruige handen die af en toe zomaar ineens een glinsterende traan van zijn gezicht vegen. Zijn gezicht vertoont tegenwoordig ineens veel diepere groeven dan anders. Ja, vader begrijpt het verdriet. Hij voelt zelf het verdriet ook. Moeder lijkt het weg te stoppen en is zoals altijd druk bezig om alles te regelen en om sociale contacten te onderhouden.

De afgelopen dagen is Susanna bijna niet uit haar slaapkamer geweest, behalve om die ene keer naar het dorp te gaan. Haar moeder heeft elke dag een bord met eten gebracht, maar verder heeft Susanna niets meer gedaan dan liggen en staren naar het plafond. Inmiddels is het aantal spinnenwebben uitgebreid en pronkt er in elke hoek een kunstig werkje van doorzichtige draadjes. Maar het kan Susanna niets schelen. Er is toch geen Jack meer die het kan zien. Ze hijst zichzelf overeind in bed. Het is allang midden op de dag, maar echt zin en puf om eruit te komen heeft ze niet. Waar zou ze heen moeten? Wat zou ze nog meer de hele dag moeten doen? Susanna kijkt om zich heen. De slaapkamer ziet er slordig en rommelig uit. Het anders zo netjes opgemaakte bed ligt er nu slonzig bij. Haar kleren liggen uitgeschopt op een hoopje in de hoek naast de commode. Niemand die de moeite neemt om ze te wassen en te strijken. Op de commode is het een rommeltje. Luiers, babydoekjes en andere spullen liggen verspreid over het blad en ook op de grond ligt van alles. De gordijntjes van het wiegje zitten scheef en een half glas water staat op de grond naast de wieg. De gordijnen hangen half voor de ramen en zijn niet netjes dicht of opgebonden. Het enige wat nog vlekkeloos en smetteloos in deze kamer is, ligt op haar nachtkastje. Onder de inmiddels beduimelde brief met ezelsoren -haar laatste teken van leven van Jack. Daar onder die brief ligt de grote, zwarte huwelijksbijbel. De goudsnede glimt in het zonlicht dat de kamer binnenvalt. Het zwarte leer ziet er nog net zo gaaf uit als toen ze de Bijbel ruim een jaar geleden kregen. Onaangeroerd ligt de Bijbel daar. Waarom zou ze nog in de Bijbel lezen? Dat heeft toch geen zin meer? Daar krijgt ze Jack niet mee terug.

Waarom glijdt haar hand dan nu toch ineens naar die grote Bijbel? Waarom pakken haar handen dan toch ineens het zware boek vast? Susanna weet het niet. Gedachteloos bladert ze door de Bijbel heen. Ze stopt met bladeren als ze het boek van de Psalmen heeft bereikt. De Bijbel ligt opengeslagen bij Psalm 27. Door een waas van tranen ziet Susanna de verzen staan. Ze ziet zichzelf weer zitten. Die mooie avond met die zonsondergang. Toen had Jack net gehoord dat hij toch snel naar het front zou moeten. Het zou gaan beginnen.

Zij was bang geweest. Zij had gehuild. Maar Jack was moedig geweest. Hij had voorgelezen uit deze psalm. Susanna ziet het weer staan: Een psalm van David. De HEERE is mijn Licht en mijn Heil, voor wie zou ik vrezen? (….) Ofschoon mij een leger belegerde, mijn hart zou niet vrezen; ofschoon een oorlog tegen mij opstond, zo vertrouw ik hierop. Susanna ziet weer het gezicht van Jack voor zich. Ze ziet de rust op zijn gezicht. Hij wist zeker dat de Heere hem zou helpen. Hij had nog zo gezegd: “We mogen er toch op vertrouwen dat God voor jou hier en voor mij aan het front zal zorgen? We hoeven niet bang te zijn, Suzy”. En nu? Nu is hij gestorven! En dat terwijl Susanna zeker wist dat Jack God kende.

Hij had zo vaak mogen getuigen dat God in zijn leven was gekomen. Ze had ook durven vertrouwen op deze woorden van Psalm 27. Want Jack wist het zo zeker.

Maar nu… Wat is er van deze woorden gebleken? Nu is Jack gestorven. Nu komt hij nooit meer terug. Nu heeft ze niets aan deze belofte. Of was het helemaal geen belofte? Waren het gewoon loze woorden? Waren het gewoon letters in een zwart boek? Ze sluit vermoeid haar ogen. Na een tijdje piekeren trekt ze de conclusie. Ineens daagt het besef in haar. Deze woorden zijn helemaal niet van God geweest! Het zijn allemaal leugens! Ze spert haar ogen wijd open. Met een klap slaat ze de Bijbel dicht en met een luide bons laat ze hem op het nachtkastje vallen. Buiten is de zon schuilgegaan achter een wolk. De goudsnede van de Bijbel glimt niet meer. Resoluut pakt Susanna de Bijbel op en loopt ermee naar de commode. De onderste lade trekt ze open en in het verste hoekje achterin legt ze de Bijbel neer. Een stapel babykleertjes legt ze er bovenop.

Wordt vervolgd.

Dit artikel werd u aangeboden door: Jeugdbond Gereformeerde Gemeenten

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 september 2020

Daniel | 32 Pagina's

Ondergaande zon

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 september 2020

Daniel | 32 Pagina's

PDF Bekijken