Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Net Avondmaal...

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Net Avondmaal...

5 minuten leestijd

Fransje is een jongen van een jaar of vier. Hij gaat samen met zijn ouders mee naar de kerk. Ze hebben een heel eind gelopen om bij de kerk te komen en Fransje is vergeten om voor het weggaan nog wat te drinken. Onderweg moet hij er steeds aan denken hoe dom het is dat hij thuis niets heeft gedronken. Hoe meer hij eraan denkt, hoe erger zijn dorst wordt.

In de kerk lijkt hij het even vergeten te zijn. Aandachtig luistert hij naar Gods Woord, maar als de dominee in de preek voorafgaand aan het Avondmaal zijn glas water omhooghoudt en zegt: “Wie dorst heeft kome en neme het water des levens om niet”, bedenkt Fransje zich geen moment en loopt hij naar de preekstoel. De dominee begrijpt onmiddellijk de situatie en geeft het kind te drinken. Wat een treffend beeld geeft de schrijver van het boek In zijn arm de lammeren wat de Heere Jezus zegt over het worden als een kind. Fransje wist uit ervaring dat zo’n glas drinken hem de dorst zou lessen.

Hoe anders ben ik. Ik weet wel dat we de Gastheer moeten kennen en iets gezien moeten hebben van Zijn bloed dat reinigt van alle zonden om gehoor te kunnen geven aan de nodiging tot het Avondmaal, maar dan nog kan er toch iets ‘tussen liggen’ waardoor je de vrijmoedigheid mist.

Een tijd geleden heb ik ook iets ‘doms’ gedaan. Fransje was vergeten om water te drinken, maar dat van mij was zonde. Ik had er zo’n last van, dat ik er de hele tijd aan moest denken. Waarom had ik niet eerst goed nagedacht en waarom deed ik het eigenlijk?

Uiteindelijk zat ik zondagmorgen Eerste Paasdag op de bank in de kamer met mijn man en onze kinderen om te gaan luisteren naar de preek. Ik had geen praatjes meer en in mijn zondige bestaan bleef alleen nog het verlangen naar de Heere over. Naar Hem ging mijn hart uit, ook al zag ik alleen mijn zonden en dat was dus de grote belemmering voor mij om te geloven.

De preek ging over de Emmaüsgangers die verslagen en moedeloos naar Emmaüs liepen en hoe langer hoe meer uitgelegd kregen onderweg.

Pas toen Hij als Gastheer het brood brak en het eten zegende, gingen hun ogen open en zagen zij Hem. Op dat moment liet de Heere dat ook aan mij zien. Ik zag Zijn wonden en dat voor mijn zonden. Omdat ik dit wel eens eerder heb gezien, herkende ik het. Ik was verbroken om Zijn vergevende liefde en het vertrouwen dat Hij alleen maar weer kan geven.

In Coronatijd.

Niet in de kerk.

Thuis op de bank.

Voor zo iemand als ik?

Het was net Avondmaal...

Dit artikel werd u aangeboden door: Jeugdbond Gereformeerde Gemeenten

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 november 2020

Daniel | 32 Pagina's

Net Avondmaal...

Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 november 2020

Daniel | 32 Pagina's

PDF Bekijken