Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Op de ic-afdeling

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Op de ic-afdeling

19 minuten leestijd

Hoewel velen in de zorg werken, is het merendeel van de SGP’ers toch een relatieve buitenstaander als het gaat om wat er daadwerkelijk aan de frontlinie in het ziekenhuis gebeurt. Hoe heeft de coronapandemie zijn sporen getrokken? Hoe wordt het handelen van de overheid beoordeeld? Bij Banieren over de coronacrisis kan een schets vanuit het binnenste van de ziekenhuizen niet ontbreken. Daarom hebben we twee elkaar aanvullende collega’s uit het Albert Schweitzerziekenhuis in Dordrecht gevraagd om ons daarover te vertellen.

Allereerst stellen de twee heren zich voor:

Rechts op de foto: Johan Oostrom (36), sinds 2012 werkzaam als ic-verpleegkundige en vanaf 2015 als Ventilation Practitioner (vp) op de intensive care in de dagelijkse zorg aan patiënten met (acuut) bedreigde vitale functies.

Links op de foto: Christiaan Theunisse (36), sinds 2008 werkzaam als ic-verpleegkundige. Ik combineer dit sinds 2010 met het werk als ventilation practitioner. Naast het werk wat Johan benoemt, zetten we ons beiden ook in voor de chronische patiënt met ernstig longfalen, waarbij ademhalingsondersteuning nodig is. Dit doen we vanuit de longpoli.

Om mee te beginnen willen we de term van ‘ventilation practitioner (vp)’ even helder hebben.

“Als vp’er ben je gericht op scholing, beleid, innovaties en onderzoek op het gebied van het (be)ademen. Dit in nauwe samenwerking met de intensivisten en ic-verpleegkundigen.”

Kunnen jullie omschrijven hoe het werk ging vóór de coronacrisis?

Op de ic komen altijd al patiënten met (acuut) bedreigde vitale functies die moeten worden ondersteund in afwachting op de effecten van de benodigde behandelingen. Wel is er een verschil in de aard en de hoeveelheid benodigde ondersteuning. Zo kan de ene patiënt een nacht op de intensive care (ic) verblijven om extra bewaakt te worden en de andere drie weken met maximale ondersteuning bij een bloedvergiftiging (sepsis). In de zorg op de ic geldt een aantal basishygiëneregels. Soms zijn deze onvoldoende en zijn er extra maatregelen nodig zoals isolatie om verspreiding van bacteriën en virussen tegen te gaan. Vóór de coronacrisis was dit in bepaalde gevallen noodzakelijk. Dat gaf zo z’n beperkingen, zowel voor de familie als de zorgverleners.”

Toen werd het 2020 en de coronapandemie deed z’n intrede. Kunnen jullie omschrijven hoe jullie werk er nú uitziet en hoe jullie dat ervaren?

De capaciteit voor ic-patiënten werd fors verhoogd. Dit betekende dat je ook in andere ruimten ic-zorg moest bieden.

Soms was dat met andere apparatuur en in samenwerking met andere specialisten. De bezetting bestond voornamelijk uit patiënten met corona (COVID-19) die gemiddeld een aantal weken(!) op de ic werden beademd en allemaal geïsoleerd moesten worden verpleegd, totdat het risico op verspreiding was afgenomen. Dat vraagt best veel van iedere zorgverlener, maar ook zeker van de familie van de betreffende patiënten.”

Het werk is altijd al zwaar, maar wat is er nu anders?

Christiaan: “Op een ic komen patiënten die ernstig ziek zijn. Dat is altijd zwaar. Het vraagt fysiek soms veel (intensieve zorg), maar ook mentaal en emotioneel. Een patiënt komt naar de ic met het doel om een behandeling in te zetten die zal slagen. Als je van tevoren al weet dat een behandeling geen zin heeft, dan heeft een opname op een ic ook geen zin. De realiteit is wel dat een deel van de patiënten na een intensief behandeltraject uiteindelijk toch overlijdt. De begeleiding van patiënt en familie is dan mentaal en emotioneel intensief, maar vaak ook heel waardevol om te mogen doen. Bij patiënten met corona is dat niet anders, alleen zijn het er nu veel meer. Door tekorten aan middelen en personeel loop je dan nu wel tegen de grenzen van je kunnen aan.

Wat mij persoonlijk opviel, is dat we de laatste weken juist twee relatief jonge patiënten zagen overlijden met een heel ander acuut ziektebeeld, geen COVID-19 dus. Coronacrisis of niet, op de ic zijn er dagelijks schrijnende situaties en staan leven en dood heel dicht bij elkaar.”

Johan: “Wat vooral anders was, was dat er tijdens de kritiek zieke fase geen familie op bezoek kon komen. Naast de zorg voor de patiënt is de begeleiding van familie van essentieel belang. Zij maken deze intensieve periode heel bewust mee, in tegenstelling tot de patiënt. Met videobellen werd geprobeerd familie zo goed mogelijk te informeren. Dit werd als zeer waardevol ervaren, maar ook erg confronterend als zij via beeld hun geliefde zo extreem ziek zagen en er zelf niet bij konden zijn. Bij coronapatiënten in de stervensfase konden er maximaal drie mensen bij. Ik geloof niet dat ik onder woorden kan brengen wat dat voor impact op de familie heeft gehad.”

De ic-capaciteit in Duitsland is veel hoger dan in Nederland. Klopt het dat ze daar andere keuzes maken omtrent het (terminale) leven?

“In het nieuws kwam inderdaad naar voren dat in Duitsland dokters er alles aan moeten doen om patiënten beter te maken. Iedereen die een kans heeft op overleven, jong of oud, moet daar terechtkunnen op de ic. Ik ben ervan overtuigd dat dit ook de uitgangspunten van de Nederlandse ic’s zijn. Wel wordt er blijkbaar meer gekeken in hoeverre een behandeling medisch zinvol is. Er is altijd een spanningsveld tussen levensverlengend of stervensrekkend handelen, vooral op een ic. Het is dan zeker geoorloofd te richten op kwaliteit van leven in de betekenis van de gezondheidstoestand van een patiënt, zonder af te doen aan de waarde van het leven.”

Als het gaat om de beeldvorming van de zorg die jullie verlenen, zijn er dan kanten die wij, gewone burgers, niet zien.

“Het is goed om te benoemen dat de zorg die verleend werd altijd kwalitatief goede zorg was. Natuurlijk kon het wel beter, maar het was zeker niet ondermaats. Dat zal de gemiddelde Nederlander niet door hebben gehad. Dat onderstreept ook nog eens het feit dat alle opgelegde maatregelen nodig waren en dat het niet goed is om 1.400 patiënten met corona op de Nederlandse ic’s te hebben.”

Heeft een medicus in dezen een mening over het beleid van de landelijke en andere overheden?

Christiaan: “We doen gewoon ons werk, maar we zijn wel blij met de duidelijke regels en richtlijnen vanuit de politiek. De mensen thuis moeten ervan doordrongen zijn dat er veel van het zorgpersoneel gevraagd wordt en dat de spullen opraken. Gelukkig werd dat continu duidelijk gemeld en werd iedereen, ook toen het weer wat beter ging, gevraagd zich aan de regels te houden en voorzichtig te blijven.”

Johan: “Een medicus heeft wel degelijk een mening, ik denk dat er juist vanuit de intensivisten op zowel lokaal als op (inter)nationaal niveau actief is geparticipeerd in de beleidsvoering. Wie heeft er bijvoorbeeld inmiddels niet van Diederik Gommers gehoord of gelezen?”

Johan, je zit ook in de Sliedrechtse gemeenteraad. Verandert politiek actief zijn én in de zorg werken je visie op deze omstandigheden?

“Voor de crisis zag ik het werk op de ic vooral los staan van de samenleving en kon ik het moeilijk rijmen met mijn politieke werkzaamheden als raadslid. Nu is inmiddels het onderlinge verband een stuk duidelijker geworden.”

Waarover maken jullie je zorgen?

“Over het zo goed mogelijk opstarten van de reguliere zorg. Dat is best een uitdaging. Datzelfde geldt voor de versoepeling van de coronamaatregelen. Het is nog onduidelijk hoe het geheel verder zal verlopen, dat maakt het best lastig om goede keuzes te kunnen maken.”

Ik sprak een ondernemer, een industrieel ontwerper. Volgens hem had de overheid veel eerder moeten handelen en verder vooruit moeten kijken. De vroegtijdige aanschaf van apparatuur had jullie tekorten kunnen voorkomen.

Christiaan: “Bij ons was er nog geen tekort, maar we zitten dan ook niet in het epicentrum van de patiëntenstroom. Naar mijn mening had niemand deze pandemie verwacht. We hadden altijd gewoon onze spullen en beademingsapparatuur. Personeelstekort was al wel langer een probleem. Bij ons op de ic ging het goed, maar je hoorde wel van ziekenhuizen die onvoldoende ic-verpleegkundigen hadden en daarom niet de ic-capaciteit konden bieden die ze wel zouden willen. Landelijk kon dat met bijvoorbeeld overplaatsingen nog wel voldoende worden opgevangen.”

Johan: “Zoals eerder al aangegeven: de zorg was nooit ondermaats. Het vervangende materieel was wel minder optimaal dan dat je zou willen. Het blijft een dilemma om zo goed mogelijk op een pandemie voorbereid te zijn, besluiten moeten vaak genomen worden met minimale informatie. Het is, denk ik, zeker goed om op alle niveaus kritisch te evalueren hoe we het de volgende keer beter zouden kunnen doen, zonder direct naar elkaar met de vinger te gaan wijzen.”

Heeft deze crisis de creativiteit, inventiviteit en de flexibiliteit in de zorg aangesproken?

“Voor de zorg is en was de opvang van coronapatiënten een immense operatie. Dit was niet gelukt zonder creativiteit, inventiviteit en flexibiliteit van alle zorgmedewerkers. Een specifiek voorbeeld daarvan vind ik de ontwikkeling en productie van een noodbeademingsapparaat voor coronapatiënten dat ontwikkeld werd door studenten van de TU Delft.”

Hoe verandert deze crisis de zorg, de waardering voor de zorg?

Christiaan: “Ik hoop dat de zorg op de ic gewoon blijft zoals die was. Het is mooi om te zien dat geld in deze periode geen rol lijkt te spelen. Dat zou een leerpunt voor de zorg kunnen zijn. De zorg moet optimaal zijn en uiteraard is het mooi als dat tegen lage kosten kan, maar niet ten koste van alles. ‘Value based healthcare’ wordt dat ook wel genoemd: hoe bereik je het maximale voor de patiënt enerzijds, en hoe reduceer je de zorgkosten anderzijds. Dat is een uitdagend spanningsveld.”

Johan: “Daaraan toevoegend: het blijft wel belangrijk om te waken. Blijf de kwaliteit van leven zien in de context van de gezondheidstoestand van een patiënt en niet vanuit het perspectief van de waarde en zin van het leven. Dit is een subjectief gegeven en past niet in een besluitvorming gericht op het leven en welzijn van een patiënt.” 

Dit artikel werd u aangeboden door: Staatkundig Gereformeerde Partij

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 mei 2020

De Banier | 32 Pagina's

Op de ic-afdeling

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 mei 2020

De Banier | 32 Pagina's

PDF Bekijken