Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Leren op de school van Christus [31]

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Leren op de school van Christus [31]

5 minuten leestijd

Deel II Zuigelingen

IX ZIJ SMAKEN DAT DE HEERE GOEDERTIEREN IS EN VERLANGEN NAAR DE ONVERVALSTE MELK VAN HET WOORD (VOLGENS 1 PETRUS 2:1-3).

Ze hebben dat verschillende malen ervaren en geproefd.

1. Dat de Heere hun berouw schenkt, is genade. Toen de mens gezondigd had, was de wet streng en zijn berouw kon hem niet in aanmerking doen komen voor wederaanneming, ook al zou hij die zoeken met tranen. God had kunnen kiezen of Hij de mens de mogelijkheid tot bekering zou geven. Maar nu Hij dat gedaan heeft, smaakt dat naar genade en daardoor smaken ook de zuigelingen dat Hij goedertieren is.

2. Zij smaken dat de Heere goedertieren is, omdat Hij heeft voorzien in een nieuwe en levende weg om tot Hem te komen, zodat ze zalig kunnen worden op kosten van een Ander. Hij zond Zijn Zoon in de wereld om zondaren zalig te maken, opdat zij door Hem in God zouden geloven en hoop op Hem zouden hebben (1 Petr. 1:21).

3. Zij smaken hierin Gods goedertierenheid, dat Hij geen grotere dingen van hen vraagt dan melk te drinken, zich te bekeren en het Evangelie te geloven. Hij stopt hen geen duizend jaar in de hel om boete te doen. Evenmin vraagt Hij hier op aarde buitengewone plichten van hen, zoals het kapot schreien van de ogen of het verslijten van de knieën.

4. Zij smaken Zijn goedertierenheid hierin, dat Hij hen niet alleen gebiedt, maar ook nodigt en smeekt om te komen, zich te bekeren en te geloven, opdat ze zullen leven. Dat God zo laag afgedaald is dat Hij zelfs smeekt en bedelt om zich te laten verzoenen, geeft hun de smaak dat de Heere goedertieren is (2 Kor. 5:19-20).

5. Zij smaken het ook door de aanmoedigingen die God hun geeft door middel van vele grote en dierbare beloften (Jes. 55:1-3; Matth. 11:28-30). Inderdaad, Hij zweert bij Zijn leven dat Hij geen lust heeft in de dood van de zondaar, maar in zijn bekering en zijn leven.

6. God heeft vaak geklopt en lang gewacht om hen tot bekering te leiden door Zijn goedheid, geduld en lankmoedigheid. Ze hebben daar lange tijd slechts nors en zondig op gereageerd. Ze hebben Zijn geduld op de proef gesteld, maar Hij bleef kloppen en wachten. Dat doet hen nog meer smaken dat de Heere goedertieren is.

7. Het is genade dat ze uiteindelijk overtuigd werden van de noodzaak van bekering tot God en geloof in onze Heere Jezus Christus, dat ze tot zichzelf gekomen zijn om hun dode, verloren en hopeloze toestand te zien. Want wie had hun ogen kunnen of willen openen en in hun harten willen werken dan alleen een genadig God ? Hierin smaken ze dat Hij goedertieren is.

(wordt vervolgd)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 augustus 2020

De Saambinder | 20 Pagina's

Leren op de school van Christus [31]

Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 augustus 2020

De Saambinder | 20 Pagina's

PDF Bekijken