Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

De oogst is groot

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

De oogst is groot

9 minuten leestijd

We denken na over de roeping tot het predikambt. Dit in hartelijk meeleven met de intensieve vergaderingen van ons curatorium aan het begin van deze laatste week van augustus.

U kent de uitdrukking: ‘de Heere vindt ze bekwaam of maakt ze bekwaam’. De Heere roept niet wie zichzélf bekwaam vindt, maar Hij maakt bekwaam wie Hij roept. Daaraan geeft Hij Zelf getuigenis in verschillende stadia: bij de toelating, maar niet minder tijdens de vierjarige toerusting en daarna in de pastorie. Laten we toch veel verlegen zijn om dit getuigenis van de hemel. Want het komt aan op het stempel van Boven. Wat de taak van een dienaar des Woords inhoudt, is niet in twee zinnen te omschrijven. Laat de Schriftgetrouwe invulling in het formulier tot bevestiging van een dienaar van het Woord hierin toch bepalend blijven. Het absolute primaat van de Woordbediening, met de dringend noodzakelijke wekelijkse voorbereiding daarvoor. Daarbij komt alles wat met het ambt der onderwijzing samenhangt, de catechese en het pastoraat, en het geestelijk en principieel leidinggeven aan de gemeente, de kerkenraad en de ambtelijke vergaderingen. De taak van een geroepen dienaar in deze tijd is in ieder geval veel meer dan preken.

De Bijbelse eis ‘bekwaam om anderen te leren’ luistert erg nauw. Jeremia mocht voordat hij ging dienen twee zaken weten, namelijk dat de Heere hem persoonlijk van eeuwigheid gekend had, maar ook dat de Heere hem van de baarmoeder af had geheiligd (Jer. 1:5). Wat houdt dit laatste in? Dat de Heere ervoor zorgt dat de bekwaamheden voor het leraarsambt in aanleg aanwezig zijn.

Een vereiste

We luisteren in dit verband samenvattend weer naar Spurgeon: ‘Niet dat men direct met de vaardigste prediker is te vergelijken, maar een zekere gave om te spreken is nodig. Die kan en moet verder ontwikkeld worden. Maar de basisbekwaamheid om te spreken moet wel aanwezig zijn. Dat blijkt wel bij het houden van proefpreken. Alle verwaandheid wordt daarbij ontnomen; tekortkomingen moeten aan het licht gebracht worden. Daarom hoort bij de roeping de vraag: zal ons (s)preken stichten? Niet naar ons eigen oppervlakkig oordeel. Want we zijn vol zelfbehagen in plaats van ontvankelijk voor beproeving, toetsing en (bege)leiding. Maar we moeten afgaan op tot oordelen bevoegde, geestelijk gezinde personen. Mannen die dicht bij de Heere leven. Bij deze bekwaamheid om te stichten en geschiktheid om te onderwijzen hoort ook een gezond oordeel, vriendelijke manieren, liefdevolle gevoelens, moed, teerheid, bereidheid om te verdragen en te volharden’.

Spurgeon verwijst naar de vereisten in 1 Timótheüs 3:2-7 en in Titus 1: 6-9. Zou dit in de 21ste eeuw niet meer gelden? Het gaat niet om uitvoerige bekeringsen roepingsverhalen, maar om déze vruchten. Die blijken in de vier jaar van de opleiding en de tijd daarna in de gemeente(n). Voelt u aan wat er bedoeld wordt met ‘de Heere vindt ze bekwaam of Hij maakt ze bekwaam’? Dit getuigenis van Boven in de vruchten en in de kerkelijke praktijk hangt ten nauwste samen met het oordeel van een curatorium. Dit getuigenis in de schoolen gemeentepraktijk is de noodzakelijke bevestiging van de toelating. Toont de Heere dat het van Hém is? Blijkt in de praktijk de gunst Gods?

Een bewijs van de roeping

Een ander bewijs van de roeping is of het bekeringswerk onder de prediking enigermate zijn voortgang heeft, zo schrijft Spurgeon. Vruchten moeten op een of andere manier blijken. Krijgt de gemeente onderwijs? Worden er harten verbroken? Worden de zonde en de schuld gevoeld? Wordt de Zaligmaker gevonden? Worden er zielen gewonnen voor de kennis van Christus? Dan zijn we niet tevreden met een volle kerk, met aandacht en opening. Dan zien we uit naar de bekering van één ziel. Hoe zal anders prediken ons levenswerk worden?

Van de valse profeten lezen we in Jeremia 23:21 en 22 dat in de praktijk blijkt dat ze niet geroepen zijn, maar toch zijn gaan lopen. Jaar in jaar uit houden ze dat vol, zonder dat er één mens bekeerd wordt. Dan maar de schuld op Gods soevereiniteit werpen? Of op de Meester? Geeft God dan geen wasdom als Paulus plant? Alle gaven zijn waardeloos zonder de tekenen van Gods zegen. Wee de profeten wier woorden krachteloos zijn: het zijn zaaiers van wie alle zaad verdort, vissers die geen vis vangen. Zijn dat mannen door Gód geroepen?

Spurgeon zegt dat het beter is om vuilnisman of schoorsteenveger te worden dan onvruchtbaar in het ambt te staan. Waar is de vrucht tot eer des Heeren? Ondanks dorre tijden en magere jaren. Bij onvruchtbaarheid zal smart de ziel in ieder geval vervullen. Dat geeft strijd en worstelingen om het behoud van de zielen. Waar deze ijver voor de zielen gemist wordt, vermijd dan toch de preekstoel, roept Spurgeon verontwaardigd uit.

Het gebed om uitstoting vraagt dringend om een vervolg: het gebed om bekwaammaking als de bevestiging van Boven, aan de Boezemsingel en in de pastorie. Dáár moge Gods gunst blijken!

(slot)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 augustus 2020

De Saambinder | 20 Pagina's

De oogst is groot

Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 augustus 2020

De Saambinder | 20 Pagina's

PDF Bekijken