Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

De trekkende liefde des Vaders

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

De trekkende liefde des Vaders

Onze tekstwoorden beginnen met het woordje ‘zij’. Er wordt een groep mensen aangewezen. Wie het zijn? Het gaat hier in de eerste plaats over een deel van het volk Israël dat uit de ballingschap zal terugkeren.

13 minuten leestijd

Zij zullen komen met geween… Jeremía 31:9a

Ballingschap? Ja, het is laag afge- lopen met het bondsvolk dat de Heere apart had gezet van alle andere volkeren. Grote voorrechten had het volk genoten. Bij de Horeb ontving het de wet des Heeren als richtsnoer voor het leven, maar groter nog: het volk had onderwijs gekregen aangaande de weg die de Heere Zelf had uitgedacht om verloren zondaren te herstellen in Zijn gunst en gemeenschap. De tabernakeldienst wees heen naar het volkomen Offerlam, Jezus Christus. Hij zou komen om Zijn bloed te storten, om de zonde en schuld te verzoe- nen met Zichzelf. Maar telkens weer bleek dat er in de mens geen wil en geen moge- lijkheid is om de Heere te dienen. Telkens weer vermoeide het volk de Heere met hun afhoereren en vijandschap.

Nóg zond de Heere Zijn profeten om hen te waarschuwen, maar er werd niet geluisterd. Nee, de Heere is geen ledig aanschouwer en zo werd Israël ten slotte weggevoerd in ballingschap. Wát een beeld van de uitwendige kerk in onze dagen! We zijn afgezonderd van de grote hoop van de wereld, maar telkens weer blijkt dat niemand uit zichzelf naar de Heere vraagt. Ook een kerkganger zonder genade blijft vasthouden aan eigen zin en mening; steeds duidelijker wordt het dat een adamskind van geboorte een liefheb- ber is van zichzelf. Gelukkig dat God Zelf zoekt en vraagt naar zondaren, vanuit Zijn eeuwig welbehagen, en trekt uit de mod- der van de wereld of uit de eigenwillige godsdienst. Er wórdt een volk zalig, niet omdat zíj het willen, maar omdat Gód het wil. Dat blijkt duidelijk uit de woorden van onze overdenking.

Geen voleinding maken

De Heere had het volk niet geheel losgela- ten. We lezen dat al in het vorige hoofdstuk: ‘Want Ik ben met u, spreekt de Heere, om u te verlossen; want Ik zal een voleinding maken met al de heidenen waarheen Ik u verstrooid heb, maar met u zal Ik geen voleinding maken; maar Ik zal u kastijden met mate en u niet gans onschuldig houden’ (vers 11). Dat volk, met wie het om eigen schuld zo laag was afgelopen, zou door Gods genade wederkeren uit de balling- schap. Nee, dat hing niet af van hun goede wil, want dan was er niemand weergekeerd. Het geheim van hun terugkeer lezen we in Jeremia 31:3: ‘Ja, Ik heb u liefgehad met een eeuwige liefde; daarom heb Ik u getrokken met goedertierenheid’. Dat is dus alleen vrucht van Gods verkiezende liefde!

Wie kwamen er uiteindelijk? We zouden toch mogen verwachten dat álle weg- gevoerden wilden terugkeren naar hun vaderland. Helaas was dat niet zo, want de meesten voelden zich in Babel prima thuis. Het was een prachtig land met vruchtbare akkers en, wat zéker niet onbelangrijk was: er was veel geld te verdienen in de handel.

Geliefde lezer(es), wordt hier niet uw en mijn leven van nature getekend? Ballingen zijn we door onze val in het paradijs. Van nature hebben we het prima naar onze zin in alles wat de wereld ons te bieden heeft.

Door eigen schuld liggen we buiten Gods gunst en gemeenschap, maar is dat ons al tot verdriet geworden? Want dát gaat de Heere werken in het leven van de Zijnen.

Als Hij hen roept, worden ze bezet met een hartelijke droefheid naar God die een onbe- rouwelijke bekering werkt tot zaligheid.

Ja, er waren er in Babel die met deze droef- heid bezet waren. Weet u waar men hen kon vinden? Wel, aan de rivieren van Babel weenden zij als ze dachten aan Sion. Die mensen waren bepaald bij de oorzaak van hun ballingschap. Ze zeiden niet: Onze va- deren hebben gezondigd en wij zijn daarvan de zielige slachtoffers. Nee, het was hún schuld geworden dat ze weggevoerd waren en dat stad en tempel verwoest waren.

Die ballingen konden het in Babel niet meer uithouden. ‘Zij zullen komen...’. Dat is ook zo in het genadeleven. Als de Heere in ons leven gaat werken, dan kunnen wij het in de wereld niet langer uithouden. Ja, velen die in moeilijke omstandigheden terechtkwa- men, hebben dat weleens gedacht, maar het is nooit praktijk geworden. Er is wel gezegd dat de weg naar de hel geplaveid is met goede voornemens, maar als de Heere gaat werken, dan verlaat Gods kind de wereld. Want de wereld en de zonde wordt voor zo een de dood.

‘Zij zullen komen....’ Hoe komen zij? Met gejuich en met veel getuigen, zoals we om ons heen steeds meer zien gebeuren? Ko- men ze omhangen met beloftes? Ach, als satan een mens bekeert, dan gebeurt dat wel, maar als God bekering werkt door de bediening van Zijn Geest, dan gebeurt dat niet. Er staat dat ze ‘met geween’ komen.

Wat is wenen? Wel, dat is schreien. Dat is rouwklagen vanwege het zondige leven dat achterligt. Wenen, omdat er tegen een goeddoend God gezondigd is. Niemand kan zó wenen als een kind van God hier op aarde.

O dát wenen vanwege het Godsgemis moe- ten wij allemaal leren kennen. Als het hier op aarde geleerd mag worden, dan geldt het troostwoord van de Koning: ‘Zalig zijn die treuren; want zij zullen vertroost wor- den.’ Maar als wij hier die droefheid naar God níét leren kennen, dan zullen wij straks eeuwig vloekend wenen in vijandschap.

Bittere smart

Gods kinderen leren wenen omdat ze God zijn kwijtgeraakt door hun zonde. Dat veroorzaakt bittere smart. Die smart gaat veel dieper dan verdriet over het gemis van vleselijke betrekkingen. Weet u waarom?

Wel, de liefde kán niet missen. Dat geldt in het natuurlijke leven, maar nog veel meer als het gaat over het geestelijke leven. Ze leren het Godonterende karakter van de zonde zien. Nadat Petrus tot driemaal toe vloekend en eedzwerend zijn Meester had verloochend, zag Jezus hem aan en onder die liefdesblik werd hij verbroken. ‘En Pe- trus naar buiten gaande, weende bitterlijk’. Zó gaan Gods kinderen de zonde bewenen, want de Heere vergeeft geen droge zon- den. Hij zegt het Zelf: ‘Zij zullen komen met geween’. Nee, onze tranen zijn geen grond voor de schuldvergeving, maar het zal ook niet buiten de tranen omgaan.

Wenen vanwege het Godsgemis, maar Gods kinderen gaan ook wenen van blijd- schap. Wenen van blijdschap, als ze horen dat ze nog zalig kunnen worden door een Ander. Wenen van blijdschap als ze die Ander mogen leren kennen. Wenen van verwondering en blijdschap als Christus aan hun ziel geopenbaard wordt.

Wat hebben die ballingen geweend toen ze te horen kregen dat ze mochten terug- keren. Het is hun een wonder geworden dat de Heere met hen nog van doen wilde hebben. Ja, ook dán tranen, maar die tranen zijn zoeter dan al de blijdschap van de wereld. Wereldse blijdschap zal eens verande- ren in eeuwige droefheid.

Behoren wij al tot de wederkerenden die straks het hemelse Sion mogen binnengaan, om daar eeuwig Gods gunst en ge- meenschap te mogen proeven en smaken? Of gevoelen wij ons in Babel nog zo thuis? O, bedenk heden wat tot uw eeuwige vre- de is dienende, want het Babel van deze wereld zal eens vallen, maar het Jeruzalem dat boven is, dat blijft tot in der eeuwig- heid. Amen.


ds. E.J. Boudewijn, Barneveld

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van Thursday 22 October 2020

De Saambinder | 20 Pagina's

De trekkende liefde des Vaders

Bekijk de hele uitgave van Thursday 22 October 2020

De Saambinder | 20 Pagina's

PDF Bekijken