Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Vloeken en lasteren in de hel

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Vloeken en lasteren in de hel

Ds. Labee over:

8 minuten leestijd

Enige tijd geleden was ik bij een lezing waarbij werd uitgesproken dat de verlorenen in de hel ‘eeuwig de Heere zullen vloeken en lasteren’. Is het juist om dat te zeggen?

Onze ouden

Het is opmerkelijk dat de Heilige Schrift zeer terughoudend is in een concrete beschrijving als het gaat om de eeuwige verlorenheid. Wat de Heere ons erover open- baart is allervreselijkst. Met name twee Bijbelteksten hebben aanleiding gegeven tot de gedachte van dat vloeken en laste- ren. In Jezus’ gelijkenis over de koninklijke bruiloft lezen we: ‘Toen zeide de koning tot de dienaars: Bindt zijn handen en voeten, neemt hem weg, en werpt hem uit in de buitenste duisternis; daar zal zijn wening en knersing der tanden’ (Matth. 22:13). Ook wordt gewezen op dit woord als de ze- vende fiool (schaal) van Gods toorn wordt uitgegoten: ‘En een grote hagel, elk als een talentpond zwaar, viel neder uit den hemel op de mensen; en de mensen lasterden God vanwege de plaag des hagels; want deszelfs plaag was zeer groot’ (Openb. 16:21). Onze vaderen schrijven daar in de kanttekening (38): ‘Namelijk uit desperatie en wanhoop, gelijk de goddelozen ook ten uitersten dage doen zullen’.

Verschillende van onze ouden hebben op grond van de beperkte Bijbelse gegevens eveneens aangenomen dat het vloeken en lasteren op die onuitsprekelijk nare plaats, werkelijkheid zal worden. We denken aan ds. T. Boston (1676-1732), die schrijft in zijn ‘Viervoudige staat’ over de eeuwige wanhoop en de martelende gevoelsaandoe- ning in de hel waar alle hoop ontworteld is.

‘Dit zal hen vervullen met haat en woede tegen God Die voor hen een bekende, onverzoenlijke Vijand is. Zij zullen daarbij voor eeuwig brullen als wilde stieren in een net, en in alle eeu- wigheid de poel des afgronds vervullen met godslasteringen’. Ook een tijdgenoot als L. Myseras schreef in ‘De geestelijke pelgrim’ op deze wijze: ‘Wat zal het einde van hen die verloren gaan rampzalig wezen! Denk maar aan de plaats: de nare hel, de eeuwige rampzaligheid. Let eens op het gezelschap: de duivelen en verdoemden. In plaats van hemelse blijdschap zal er eeuwige pijn, ellende en smart zijn. Het werk van de verlo- renen zal bestaan uit lasteren, vloeken en zondigen’.

Ds. A. Gray (1633-1653) sprak deze woorden: ‘Er zijn er veel die aangenaam over Christus konden spreken, die Hem nu in de hel liggen te vloeken’.

En, om niet meer te noemen, ds. B. Smijtegelt (1665-1739) keert in zijn catechismuspreek over Zondag 22, vraag 58 om. ‘Wat schrik schept gij uit het artikel van het eeuwige leven? En het antwoord zal hierop moeten komen: Dat nademaal ik de beginsels van de eeuwige smarten der hel in mijn hart gevoel, in die nepen en angsten, en in die knaging van mijn gemoed; dat ik dan na dit leven, volkomen rampzaligheid zal hebben, die geen oog gezien, geen oor gehoord heeft, noch in het hart des mensen is opgeklommen; en dat om God daar eeuwiglijk te lasteren, en mijzelven te vervloeken’.

Onze bestemming

Lezer(es), dat toch ernst ons hart zou bezetten als we deze dingen overwegen. Want al zou het zo zijn dat Gods groot- heid en majesteit daadwerkelijk alle (grote) lastermond stopt, het ontzaglijke straflijden in de hel is er niet minder om. Graag geven we de raad van de bovengenoemde ds. Boston door: ‘O zondaar, haast u en ontkom naar de vrijstad. Was u nu in de fontein van het bloed van de Middelaar, opdat u niet zult omkomen in de ‘poel des verderfs’ (...). Verlaat uw zonden, want anders zullen ze u verderven (...).

De verschrikkingen van de hel, zowel als de vreugden van de hemel, worden u voorgesteld om u op te wekken om Hem met al Zijn zaligheid te ontvangen, en u over te buigen naar de weg van geloof en heiligheid, waarlangs u alleen kunt ont- snappen aan het eeuwige vuur’. En God geve dat niemand van ons zou weten hoe het straks werkelijk zal zijn in de hel.


VRAAG?

Heb jij/hebt u ook een vraag? Mogelijke vragen over onderwerpen binnen de doelstelling van De Saambinder kun jij/kunt u mailen naar ds. B. Labee of hem per post toezenden (zie colofon). Er volgt -zo mogelijk- altijd een reactie.

Echter alleen als de redactie het waardevol acht voor de lezers, volgt een antwoord op jouw/uw vraag in een nummer van De Saambinder.

Graag wel wat geduld. Er liggen nog tientallen vragen op een reactie te wachten.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 oktober 2020

De Saambinder | 20 Pagina's

Vloeken en lasteren in de hel

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 oktober 2020

De Saambinder | 20 Pagina's

PDF Bekijken