Barak
Zou ik verhalen van… Barak? Hebreeën 11:32
God wordt van het zaad Jakobs vergeten. Hij, Die Zijn weldaden aan Israël zo onuitsprekelijk groot gemaakt had, Die uit Egypte Zijn volk had opgehaald en veertig jaren lang Zijn wonderen verheerlijkte in de woestijn, Hij Die Kanaäns sterkten brak en volkeren verdierf, om het land der belofte aan Zijn volk te geven. Deze God wordt van Jakobs zaad vergeten en verloochend. Zijn eigen volk doet wat kwaad is in Zijn oog.
Hoe moet het ons gedurig op het allerdiepst vernederen, en beschamen dat ons hart dit verderf opwerpt. Hoe onmisbaar zijn daarom de kastijdingen Gods voor degenen die Hem vrezen. Roede en bittere tegenheden moeten dienen om Gods afhoererend volk tot Hem te doen wederkeren. De zonde wordt zo duur betaald, zo bitter betreurd. Eerst is de zonde een vijand van verre, dan één van nabij, thans één die zich in Kanaän heeft genesteld. Daardoor tuchtigt God Zijn volk. Het moge ons de zonde meer en meer doen vrezen!
Met geweld onderdrukt Jabin het Israël Gods, twintig jaren lang. Er is spies ter bevrijding noch schild ter beschutting meer. Het lijden wordt ondraaglijk. Dáár moet het komen. Tot zo lang houdt het volk het vol. Dan pas roept het tot de Heere. Ja, zo lang God voor het laatst gehouden. Met beschaming moeten wij het niet eens, maar telkens weer erkennen: tot het uiterste houdt Gods volk vol. Totdat God het hart verbreekt. Het is Zijn werk. Hij is de Eerste en de Laatste. Door Hem alleen zal Zijn volk tot Hem wederkeren, opdat Hij het verlosse en het opnieuw aan Hem verbinde. Zo deed Hij door Barak.
Barak was van Kedes-Naftali, de stam die door Sisera het zwaarst was onderdrukt. Door Debora, de profetes, is Barak het woord des Heeren gebracht, dat hij met tienduizend man Sisera slaan zal aan de Kison. Een onmogelijke eis die aan Barak wordt gesteld! Sisera heeft 900 ijzeren strijdwagens. Wat vermag daartegen het voetvolk van Barak? Bovendien moet hij met de zijnen de Thabor beklimmen, en zich daar op de top geheel laten insluiten. Voorwaar, de Heere doet wonderen, maar steeds door het menselijk onmogelijke heen. Zo zal de verlossing van Zijn volk steeds blijken Zijn werk te zijn. Dat is het. God drijft Sisera’s leger voort, de trechter van de vlakte in. In de gezwollen wateren van de Kison komen paarden en wagens en ruiters om. De Heere is God! Hij Die Farao en zijn ruiteren ombracht in de zee, verderft de Kanaänieten in de Kison.
Barak heeft geloofd! Voorwaar, anders was hij niet uitgetrokken, had hij de strijd niet durven wagen. Zijn legertje vermocht niets tegen de macht van de Kanaänieten. Maar de zonde van het volk riep om wraak. Door het geloof mocht Barak de genade Gods omhelzen en verzoening vinden voor de schuld. Door het geloof heeft hij Gods Woord, dat hem riep, aanvaard. Door het geloof heeft hij de sterkste legermachten niet gevreesd. Waarom begeert hij dan dat Debora met hem ten strijde trekt? Omdat Debora een profetes was, opdat hij uit haar mond het Woord des Heeren vernemen zal, opdat het volk door haar woord bezield de strijd zal wagen.
Een vrouw zal de overste van de vijand doden, niet hij, niet Barak. Gods roepend Woord had Barak genoeg moeten zijn. Maar ook al zoekt Barak bij Debora steun, het geloof deed hem de strijd ter overwinning kampen.
volgende week het vervolg
Uit: MEER DAN OVERWINNAARS ds. G.H. Kersten (uitg. De Banier, 1953).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 februari 2023
De Saambinder | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 februari 2023
De Saambinder | 24 Pagina's