Verwachten
2. De belofte die gedaan wordt
Nu iets over de belofte die hun wordt gedaan: ‘Maar die den HEERE verwachten, zullen de kracht vernieuwen; zij zullen opvaren met vleugelen gelijk de arenden’. Wat de letter van de tekst betreft, zou het niet moeilijk zijn te zeggen hoe de oude vertalers -in navolging van Lutherhet vertaald hebben, hoe Engelse vertalers dat hebben gedaan, en hoe het in de Septuaginta (de Griekse vertaling van het Oude Testament) is gebeurd. Maar ik vind dat overbodig werk, omdat onze Statenvertaling daardoor niet opgehelderd kan worden. Ik had het plan ook nog wat te zeggen over de arenden vanuit het werk van de geleerde heer Bochart* en andere schrijvers, maar ik meen dat dit niet nodig is. De bijzonder nuttige Mengelstoffen van de eerwaarde en zalige heer ds. Hellenbroek zijn immers in uw bezit. Hij heeft dat heel kundig uiteengezet.
Vernieuwing van krachten
Wat de zaak zelf betreft, moeten we op verschillende dingen letten. Er wordt in de eerste plaats een vernieuwing van krachten beloofd: ‘Zij zullen de kracht vernieuwen’. Enkele zaken stellen we aan de orde. Als eerste is dat de vraag waarin deze vernieuwing bestaat.
a. In het algemeen gaat het hier om het nieuwe vermogen dat de gelovigen in de praktijk van een Godzalig leven zullen ondervinden om voor de Heere te leven, voor Zijn aangezicht te wandelen en te triomferen over al hun vijanden. Als de krachten vernieuwd worden, worden geloof, hoop en liefde opnieuw opgewekt, verlevendigd en versterkt. De zwakken worden als David: de slappe handen breken een stalen boog, en de lamme kan over een muur springen en door een bende heen dringen (zie 2 Sam. 22:30; Ps. 18:30).
b. In bijzondere zin geeft deze vernieuwing van krachten aan dat de gelovige die dit verwachten kent, moed begint te scheppen. Als hij moedeloos is, laat hij de harp aan de wilgen hangen (zie Ps. 137:2), maar als God begint met het vernieuwen van de krachten, dan is het eerste wat hij merkt dat de Heere op een verborgen wijze moed geeft. De gelovige begint op het fundament te bouwen van Gods deugden, de beloften van de Heere, het volbrachte werk van de Middelaar en hun vroegere beloften en geestelijke ervaringen. Daarom begint hij te zeggen: Misschien zal God mij horen en uithelpen.
Hoewel dit alles in het begin nog niet bijzonder veel lijkt in te houden, wordt toch de weg tot méér gebaand. Dat beurt de ziel van zo’n arm maar verwachtend mens op en doet hem volhouden. Het is net als bij een soldaat die op een gevaarlijke post staat, en nieuwe moed krijgt als hij eraan denkt dat zijn kapitein betrouwbaar is, met hem meeleeft en er een eer in stelt liever zijn ondergeschikten te hulp te komen dan hen door de vijand te laten overrompelen.
c. Deze vernieuwing van krachten bestaat ook daarin dat de genadeweldaden, die als het ware onder de aarde bedolven en begraven waren, weer levend beginnen te worden en tevoorschijn komen. Het is net als bij een boom die in de winter dood lijkt te zijn, zonder vruchten, bladeren of bloesem, maar die zo langzamerhand weer tekenen van leven begint te vertonen.
* Samuel Bochart (1599-1667) was een Franse protestantse theoloog. Hij werd met name bekend door zijn in het Latijn geschreven werk over dieren in de Bijbel (1663).
wordt vervolgd
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 december 2024
De Saambinder | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 december 2024
De Saambinder | 24 Pagina's