Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

De levensvraag van de stokbewaarder

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

De levensvraag van de stokbewaarder

7 minuten leestijd

En als hij licht geëist had, sprong hij in en werd zeer bevende en viel voor Paulus en Silas neder aan de voeten. En hen buitengebracht hebbende, zeide hij: Lieve heren, wat moet ik doen opdat ik zalig worde? Handelingen 16:29 en 30

Geliefde lezers,
In het diepste en donkerste plekje van de gevangenis te Filippi zitten twee van Gods getrouwe knechten met bebloede ruggen. Wat is er gebeurd? Paulus en Silas zijn in opdracht van het hoogste gezag in Filippi met vele slagen gegeseld en door de stokbewaarder in de binnenste kerker geworpen. Zij werden beschuldigd van oproer- makerij en van het verkondigen van de weg der zaligheid. Het plan van satan om de mond van deze dienstknechten van de allerhoogste God te snoeren, leek aardig te zijn gelukt. Satan blijkt zich echter toch goed te hebben vergist, want wat lezen we in vers 25? En omtrent de middernacht baden Paulus en Silas en zongen Gode lofzangen. Dat vieze, onderaardse hol werd voor hen een zalige plaats, een huis Gods en een poort des hemels, want Christus daalde daar in hun ziel af met Zijn dierbare gunst en zalige tegenwoordigheid. Lichamelijk mochten zij dan gevangen zitten en geen kant op kunnen, maar naar hun ziel werden zij in de ruimte gesteld en wandelden in het licht met Jezus. Niets kon hen scheiden van de liefde Gods, welke is in Christus Jezus, hun Heere (Rom. 8:39). Zij achtten de smaadheid van Christus meerdere rijkdom dan de gunst van het Romeinse gezag in Filippi. Voordat zij hun stem gebruikten om Godeverheerlijkende lofzangen te zingen, hieven zij eerst hun hart op tot God door middel van het gebed. Wat denkt u, zullen zij niet gebeden hebben om standvastig te mogen blijven? Zullen zij niet gebeden hebben of de Heere wilde tonen dat niet de vorst der duisternis, maar de Vorst des levens het laatste woord heeft? Zullen zij niet gebeden hebben voor hun vijanden, inzonderheid voor de stokbewaarder, of zij allen tot waarachtige bekering mochten komen? Hun stem drong door de muren van de gevangenis heen, ja, door lucht en wolken heen, tot in het Hof der hoven, tot in de oren van de almachtige God. Hij zag van Sion neer, de woonplaats van Zijn eer, en hoorde hun gebeden (Ps. 3:2, ber.).

We zijn het van harte eens met de kanttekenaren die de zware aardbeving die vervolgens plaatsvond als een bewijs hiervan zien. Laten we niet vergeten dat als het onweert, het de God der ere is Die dondert. Het is diezelfde almachtige God Die de wind uit Zijn schatkameren doet voortkomen. Hij is het ook Die de aarde op haar grondvesten doet beven.

Door deze zware aardbeving ontwaakte de stokbewaarder eerst uit zijn natuurlijke slaap. Toen hij zag dat de gevangenisdeuren open stonden, kon hij niet anders denken dan dat de gevangenen gevlucht waren. Daardoor werd hij zo wanhopig, dat hij zijn zwaard trok om zichzelf te doden. Als zijn opdrachtgevers er immers achter zouden komen dat hij geslapen had tijdens zijn dienstwerk, en dat daardoor de gevangenen ontkomen waren, dan zou hij zeker de doodstraf krijgen. Dan behield hij maar liever de eer aan zichzelf, en zo stond hij op het punt om zichzelf van het leven te beroven. Maar, o wonder van vrije genade, toen was juist het ogenblik aangebroken dat God door middel van Zijn knecht Paulus ingreep. Doe uzelven geen kwaad, want wij zijn allen hier, zo horen we hem zeggen. De stokbewaarder kon en mocht niet in zijn eigen zwaard vallen, want hij moest door het zwaard van Gods heilige wet neergeveld worden op het slagveld van vrije genade.

Nadat de stokbewaarder licht geëist heeft, springt hij direct de binnenste kerker binnen en ziet dat Paulus de waarheid gesproken heeft. En terwijl hij daar staat, begint hij ontzettend te beven. Kinderen, wat gebeurt hier dat hij zo beeft? De stokbewaarder wordt hier uit zijn geestelijke doodsslaap wakker geschud. Hier wordt hij van geestelijk dood geestelijk levend gemaakt. Hier verlicht Gods Geest zijn door de zonde verduisterde verstand, zodat hij ineens met verlichte ogen ziet dat hij met God in rekening staat. Hier dringt het scherpe zwaard van Gods heilige wet zijn ziel binnen en ontvangt hij diepe indrukken van de heiligheid en majesteit Gods, zodat hij op de grond terecht komt. We lezen in vers 29 dat hij aan Paulus’ en Silas’ voeten neervalt. Ten diepste komt hij hier als een gebrokene van hart en verslagene van geest voor God in het stof terecht.

Geliefde lezers, is dit al in uw leven gebeurd? U kunt heel wat figuurlijke aardbevingen in uw leven hebben meegemaakt, maar bent u ook uit uw doodsslaap ontwaakt en als een door Gods wet veroordeelde zondaar voor God in het stof terechtgekomen? U kunt stilgezet zijn op de brede weg en er kunnen grote veranderingen als gevolg daarvan in uw leven hebben plaatsgevonden, maar bent u ook van de brede weg overgezet op de smalle weg? Er kan veel benauwdheid in uw hart geweest zijn vanwege de gevolgen van uw bedreven zonden, maar is uw hart ook vervuld geworden met een hartelijke en innige smart over de zonden waarmee u God tot toorn verwekt hebt? Dat gebeurde hier in het leven van de stokbewaarder. Hij kreeg met God en Zijn heilige wet van doen; hij zag hoe het zwaard van Gods gerechtigheid boven zijn hoofd hing en ieder ogenblik zijn levensdraad zou kunnen afsnijden, waardoor hij in de binnenste kerker van de put des verderfs zou neerstorten. In deze zielennood werd de vraag geboren: Lieve heren, wat moet ik doen opdat ik zalig worde? Hoort u waar het de ontwaakte en overtuigde stokbewaarder dus om te doen is? Om zalig te worden, dat wil zeggen, om verlost te worden van het grootste kwaad en gebracht te worden tot het hoogste goed! Bij het ontdekkend genadelicht van Gods Geest had hij zich in korte tijd leren kennen als een ellendige, schuldige en verloren zondaar voor God, die niet meer wist hoe hij zalig moest worden. Juist omdat de weg der zaligheid zo verborgen voor hem was, kreeg hij onderwijs in deze weg nodig. We hopen dit onderwijs met de hulp des Heeren in een volgende meditatie te overdenken.

Geliefde lezers, waar gaat uw levensvraag over? Gaat deze over het behoud van uw kostelijke ziel, of luidt deze nog steeds zoals de levensvraag van de mensen uit Psalm 4: Wie zal ons het goede doen zien? Bent u nog steeds alleen maar gericht op het vergaderen van schatten op deze aarde? Och, wat bent u dan nameloos arm! Bedenk dat u al uw schatten bij uw sterven zult moeten achterlaten en aan anderen overlaten. Neem daarom toch Christus’ woorden ter harte: Zoekt eerst het Koninkrijk Gods en Zijn gerechtigheid, en al deze dingen zullen u toegeworpen worden (Matth. 6:33).

Tot slot, als de levensvraag van de stokbewaarder daarentegen wel uw levensvraag is geworden en u bent begerig gemaakt naar hemels onderwijs, hoor dan eens wat de meerdere David u thans ter bemoediging toeroept: Ik zal u onderwijzen, en u leren van den weg dien gij gaan zult; Ik zal raad geven, Mijn oog zal op u zijn (Ps. 32:8).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 augustus 2020

De Wachter Sions | 12 Pagina's

De levensvraag van de stokbewaarder

Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 augustus 2020

De Wachter Sions | 12 Pagina's

PDF Bekijken