Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Het Tribunnal weer begonnen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het Tribunnal weer begonnen

30 minuten leestijd

Van Ex-burgemeester Visscher w«rd f 5000.— verbeurd verklaard; van Koert ook f.5000.- en van Spee f 1000.-

Na een gedwongen rust van enkele maanden hield het Tribunaal in „Patagonia" Dinsdag j.1. weer zitting. President was Mr. Jonker Adj. Secrt. Mr. Hovenkamp en leden de heeren Mijnders en ^jeijdens.

Allereerst kwam de zaak van ex-burg. Visscher, die naar het vooronderzoek terug verwezen was, aan de orde. De president brengt eerst het bezoek van Hoogendoorn ter sprake, doch bekl. weet zich daarvan niets te herinneren. Wel houdt hij zich bij zijn vorige verklaring in het geval met Buitenhuis. De president kan zich indenken da-t bekl. de namen en dagen niet meer herinnert, doch dat het geheele feit hem ontgaan zou zijn, gelooft hij niet. Bekl. houdt vol, dat hij van meening was, dat de kwestie met Buitenhuis een val was om hem in te lokken, doch de Pres. meent dat hem hiermede niets had kunnen gebeuren.

Dat bekl. aangegeven zou hebben, dat Dr. Stoel naar de Engelsche zender zou geluisterd hebben ig niet nader komen vast te staan. '

Ook zou bekl. aan de S. D. hebben verklaard dat Dr. Stoel en Dr. Jessurun „Deutsch-feindUch" waren. Bekl. beweert echter, dat dit slechts een toegeven geweest is van feiten die men reeds wist. „U had moeten zeggen: dat weet ik niet," zei de pres. ,,De moffen hadden de branie om te zeggen: zoo is het! al wisten ze or niets van."

Bekl. zegt dat hij dat niet kon doen. Als Cs. V. d. Wal verhoord was had hij er in g'ezeten. Dat bekl. illegale bladen naar de S.D. opgestuurd heeft ontkent hij niet,

,,Op goede secretarieën werden ze achtergehouden, zegt de Pres., doch bekl. beweert het tegendeel. „Kunt U dat waar maken?" vraagt de Pres. Verd. zegt dan dat Middelhamis het ook gedaan heeft en meer andere secretarieën. Dan komt weer de radio-inleverings

Dan komt weer de radio-inleveringskwestie ter sprake, waarvan bekl. gezegd zou hebben dat er slecht ingeleverd was. Bekl. zegt een vingerwijzing gehad te hebben, dat de Duitschers het wisten. De President (nijdig:) „zwijg toch! U was weer doodsbang!" Bekl. ontkent echter een leverancierslijst te hebben opgesteld. Ook de waarschuwing aan de Soer over zijn radiotoestel komt wee>' op het tapijt, wat bekl. volhoudt uit best wil gedaan te hebben. Langdurig wordt stil gestaan bij de kwestie dat bekl. tegen van der Baan gezegd zou hebben dat hij wel wist wie de grootste ophitsers waren en dat hij Sieling tot alles in staat achtte. Bekl. zegt naar v. d. Baan gegaan te zijn om pogingen in het werk te stellen, om de zoon van Sieling, die gevangen zat vrij te krijgen. Misschien is er toen in een andere geest over Sieling CS. gesproken, en bekl. vindt het nerens naar lijken, dat van der Baan zooiets doorgeeft. „Maa,i? U had niets moeten zeggen!" roept de Pres. uit. „TJ is veel te loslippig geweest! Bekl. betreurt het dat het hem euvel geduid wordt, dat hij gepoogd heeft de zoon van SieUng vrij te krijgen, maar de 'Pres. verzoekt hem niet zulke domme antwoorden te geven. Niet zijn pogingen worden euvel geduid, hoewel de pres. er persoonlijk niet voor is om hulp bij een N.S.B.- ër te vragen, maar het praten over anderen.

Bekl. blijft bij zijn ontkenning dat hij aan de feldgendarmerie meegedeeld zou hebben dat Spaan z'n radio niet had ingeleverd. De briefkaart van Witvliet, die bekl. heeft verbrand, kost hem een standje van den Pres. „U hebt de correspondentie van een ander niet te verbranden! zegt deze. De verklaring aan de S.D., dat bekl. niet meer met Dr. 'Stoel om­ ging, heeft hij slechts desgevraagd afgelegd. Pertinent blijft bèkl. ontkennen een verjaarsfuif met een Duitsche commandant gevierd te hebben, hoewel er een verklaring is van Dr. Jessurun, dat deze hem dit feit verweten had, waarop bekl. gezegd had: ik kon niet anders.

' De verdediger, Mr. Groenenboom, zegt vorige keer een parallel getrokken te hebben met burg. Bia, waarbij hij ook gewezen heeft op een andere burgemeester in de nabijheid, die zich niet zoo flink gedragen had. Door leen zoon van dien burgemeester, een collega van spr., is hij hierop geattendeerd en deze heeft hem verklaard, dat zijn vader niet onder het zuiveringsbesluit gevallen ig e.d., waarvan hij aanneemt dat het juist is, dus het zijn plicht acht, dit te herroepen.

PI. trekt dan weer een parallel met het hoo/d van het Centr. bevolkingsregister Lens en ergert zich aan de wijze van behandeling van de zaak burgemeester Visscher. PI. ziet bekl. als een stootblok tusschen de partijen. De Duitschers en N.S.B.-ërs, maar ook de kliek Stoel wilden niets met hem te maken hebben.

De President zegt wel: ik zou het niet gedaan hebben, maar U was geen burgemeester. Het was bekend dat Dr. Stoel luisterde en deze waagde er het ziekenhuis met de patiënten aan; die is de schuldige.. Later wilde hij wel gebruik maken van de diensten van bekl. om uit gijzeliflg ontslagen te worden. Dr. Stoel is nu boog omdat bekl" in vrijheid gesteld is. Hij hoopt nu dat bekl. een groote boete zal krijgen, waardoor hij g'enoodzaakt zal zijn, zijni huis te verkoopen en zoodoende zal verdwijnen.

PI. hoopt echter dat het Tribunaal daar boven zal "staan. De meest onbenullige feiten worden zoo gedraaid, dat ze ten nadeele van bekl. gebruikt kimnen worden. Dat bekl. in de Volksdienst en Winterhulp zat, was ten voordeele der bevolking. De verdeeling kwam daardoor beter tot zijn recht dan wanneer N.S.B.- ërs dit gedaan hadden. Ook is bekl. aangewreven een vriend van Dr. Schwebel te zijn. Hij heeft deze echter uit zakelijk oogpunt slechts driemaal ontmoet. In het geval Sieling doet van der Baan het voorkomen alsof het initiatief van bekl. zou zijn uitgegaan, wat niet juist is. Bij de radio-inlevering heeft Schipper, die met het toezicht belast was, gezegd, dat Dirksland zoo beroerd ingeleverd had en dit is de Duitschers ter oore gekomen. PI. meent dat bekl. in de zaak Hoogendoom-Buitenhuis nog niet zoo gek gehandeld heeft. Alle feiten uit de tenlasteleggingen acht PI. onbewezen. Bekl. heeft zeer voortreffelijke daden gedaan tijdens de bezetting. Hij heeft gijzelaars vrijgemaakt, tweemaal heeft hij gevangen gezeten wegens sabotage; de radio van het gem. huis te Herkingen heeft hij doen onderduiken; aan goede veldwachters vuurwapens verstrekt; een afgeworpen piloot heeft hij gelegenheid gegeven om geheime papieren te verbranden, terwijl hij er medewetende van was, dat te Melissant persoonsbewijzen werden vervalscht. De verklaringen die pi. over bekl. heeft zijn van menschen die hooger staan dan het meerendeel der getuigen. Andere burgemeesters, die veel minder goeds gedaan hebben zijn bevorderd! PI. staat dan nog stil bij de gemeene loer die bekl. gedraaid is, waardoor hij zonder een cent op straat kwam te staan. Wanneer er een volksstemming gehouden zou worden in de drie gemeenten, dan is pi. overtuigd, dat bekl. met een overweldigende meerderheid tot burgemeester geroepen zou worden. Niemand is onfeilbaar, doch er staan vele goede dinge tegenover de handelingen van bekl. die misschien beter anders gedaan hadden kunnen worden. PI. verzoekt daarom eerherstel van bekl., vervallen verklaring der dagvaarding en vrijgave van beheer.

Het Tribunaal, op Woensdag uitspraak doende, achtte verschillende punten der beschuldiging niet voldoende bewezen, o.m., dat bekl. Dr. Stoel zou hebben aangebracht inzake het luisteren naar de Engelsche zender; de verjaarsfuif met den commandant; de kwestie over de radio van Spaan en het sabotage-geval inlevering radio's. Wel schetst het Tribunaal bekl. als een figuur die bang was zoowel voor de Duitschers en de N.S.B.-ërs, ook voor de goede Vaderlanders, waardoor hij tusschen twee stoelen kwam te zitten. In de zonderlin- • ge geschiedenis Hoogendoorn, en Buitenhuis die bekl. zegt zich niet te kunnen herinperen, meent het Tribunaal dat hi uit misplaatste angst naar den Officier van Justitie gegaan is. Rekening houdende met het feit dat bekl. reeds financieel getroffen is, omdat hij zonder recht op pensioen is ontslagen, wordt hi veroordeeld tot verbeurd verklaring van zijn vermogen tot een bedrag van ƒ 5000 benevens het radio-toestel, terwijl hem de beide kiesrechten en het recht om openbare ambten te bekleeden worden ontzegd. Daarna komt

Dirk Witte 47 jaar, van Ouddorp voor de balie. Deze zou zich voor verpleegdlensten bij de O.T. te Ouddorp opgegeven hebben en is in vrijwillig O.T.-verband naar Parijs en later naar Marseille vertrokken. Ook heeft hij dienst gedaan als hulplandwachter voor reizigerscontrole en opsporen van onderduikers, met name G. v. d. Spaan te Meli^sant. Hij is lid der N.S.B, geweest tot het einde van den oorlog en heeft de functie bekleed van blokleider, colporteur en tijdelijk groepsleider. Tenslotte heeft hij zijn radio mogen behouden.

Bekl. geeft toe als O.T.-er naar Parijs en vandaar naar Marseille gegaan te zijn. Hij is er toe gekomen omdat hij geen werk als metselaar meer had. Daarna is hij landwachter geworden, waar hij ook een keer op wacht gestaan heeft bij het ophalen van den onderduiker G. V. d. Spaan te Melissant. Bekl. zegt aan v. d. Spaan gelegenheid gegeven te hebben om te ontsnappen. Hij weet niet waar ze hem later weer vandaan gehaald hebben. De Pres', zegt dat hij er toch aan mee geholpen heeft, wat bekl. toegeeft. Ook is hij lid geworden van de N.S.B, om de positie van zijn gezin te verbeteren, wat de Pres. hem zeer kwalijk neemt. Bekl. ontkent dat hij blokleider, colporteur en groepsleider geweest zou zijn, hoewel het in zijn N.S.B.- zakboekje vermeld staat. Zijn radio heeft hij ook mogen behouden, waarover beklaagde's vrouw vertelt, dat zij moeite gedaan heeft deze te mogen behouden. Zij luisterde er samen met haar man mee naar de Engelsche zender.

Volgens ingekomen bericht van Notaris Risseeuw heeft bekl. nog een vermogen van ƒ 4300.—. Tot zijn verweer kan bekl. alleen aanvoeren dat hij destijds G. V. d. Baan te Melissant heeft laten glippen; de andere feiten wil hij niet vergoelijken.

Woensdag wees het Tribunaal vonnis in deze zaak en rekening houdende met het feit dat bekl. eerlijk voor zijn misdragingen Is uitgekomen en de onderduiker V. d. Spaan heeft laten ontsnappen, wordt hij veroordeeld tot ontzetting uit de kiesrechten, het verbod openbare ambten te bekleeden, terwijl zijn vermogen tot een bedrag van ƒ 500.—, zoomede zijn radio-toestel wordt verklaard. verbeurd

Dan komt voor A. li. va« Mourik 38 jaar, dijkwerker te Herkingen, die ten laste wordt gelegd dat hij met een dubbelloops jachtgeweer vrijwillig dienst gedaan heeft als hulplandwachter; in Juni '43 sympatlüseerend lid der N.S.B, geworden is; lid was van het N.A.P.; een ausweis gekregen heeft om aan de razzia te ontkomen en steeds Duitschers aan huis ontving.

(Bekl. geeft toe landwachter geworden te zijn, doch zeide dat dit voortvloeide d-Bijosi'B'BUipix uöz aSioAsSua^ Jinjp ^xn der N.S.B., waarvan hij zeide lid geworden te zijn omdat hij meende dat de toestand voor de mindere man beter zou worden. Op de vraag van den President of hij er dan zijn land maar voor moest verraden zegt bekl. dat hij nooit zoover gedacht had. En met de hooge loonen die hij zich voorgesteld had is het' ook wel afgeloopen! Dat hij lid van het N. A.F. geworden is, kwam doordat de bonden daartoe overgingen, doch de Pres. brengt hem onder het oog dat hij daartoe geenerlei verplichting had.

Mr. den Hollander de verdediger van bekl., zegt dat bekl. ook reeds van de Dijkring een ausweis had, terwijl voor het overige een buitenstaander niet kan zien wat de Duitschers bij hem kwamen doen. Het gaat nu slechts om de waardeering van de feiten die bewezen zijn. PI. schetst bekl. als een persoon, die door iemand, die reeds 7 jaar in Duitschland gewerkt had, beïnvloed is. Hij is een van de mindere goden der N.S.B., want hij is zelfs nog geëvacueerd geworden, terwijl andere prominente figuren mochten blijven. Aansluitend op een door dhr. van Vulpen ingezonden schrijven, die in verband met behl.'s gezinsomstandigheden een verzoek tot vrijlating aan het Tribunaal had gericht, verzoekt pi. een straf toe te passen, gelijk aan de tijd der interneering.

Bekl. werd Woensdag door het Tribunaal veroordeeld tot ontzetting uit de Kiesrechten, en de ontzegging openbare ambten te bekleeden, terwijl zijn onmiddellijke invrijheidsstelling werd gelast. Volgt de zaak van Marlniis Jan Koert

Marlniis Jan Koert 36 jaar te Middelharnis, die wordt beschuldigd van: Abonnernentschap op Vova; lidmaat

Abonnernentschap op Vova; lidmaatschap N.S.B., waar hij de functie bekleedde als Kringbeheerder, Kring propagandaleider, Groepsbeheerder, organisator en vertegenwoordiger voor Agrarische Zaken, de vergaderingen bezocht en haar propaganda heeft bevorderd door het verspreiden van en colporteeren met Vova en door het verspreiden en in het openbaar aanplakken van propagandabiljetten der N.S.B.; Lid N.A.F., waarbij hij Agrarisch raadsman was; lid Germaansche S.S., waarvoor hij vormingsbladen aannam; lidmaatschap W.A.; het afleggen van de eed op Mussert; het openbaar dragen van een zwart hemd met riem; aan de Commissie uitzending landarbeiders naar het Oosten op te geven, dat hij in aanmerking wenschte te komen voor bedrijfsleider in Oost-Europa op grond van zijn lidmaatschap het behouden van zijn fiets en radio.

Bekl. die reeds vanaf 1934 lid der N.' S.iB. was, zegt lid geworden te zijn omdat hij er verbetering van de economische toesta,n4 in zag. Vroeger was hij lid van dè fascistische organisatie „dè Bezem."' De President legt hem uit, dat de slechte economische toestand mede oorzaak was, doordat de Duitschers onze producten niet wilden hebben, omdat ze liever kanonnen dan boter hadden. „Je had een vent geweest, als je bij het begin van den oorlog bedankt had, maar je hebt allerlei baantjes aangenomen en geparadeerd met zoo'n mooi pakje! bijt de Pres. bekl. toe. De meeste feiten der tenlastelegging geeft bekl. toe, doch dat hij een eed op Mussert gedaan zou hebben ontkent hij. De president legt hem echter door hem geteekende schriftelijke belofte van trouw aan Mussert over, wat volgens hem op hetzelfde neer komt. . Het bezit van bekl. komt op een .hedrag van ƒ 23.500.—.

Mr. Verheul die in de plaats van Mr. van Mastrigt het pleit voert, meent dat de eerste schrik die veroorzaakt wordt door de vele punten der tenlastelegging, sterk wordt getemperd door het terugbrengen der feiten tot hun ware proporties. Verschillende zijner functies waren slechts „papieren" functies. Er is een ontstellende hoeveelheid verklaringen, waaruit blijkt, dat bekl. zijn medeburgers begunstigd heeft tegen alle Duitsche verordeningen in. Het lidmaatschap N.A.F, kan volgens pi. niet anders zijn dan Ned. Arbeidsfront terwijl hem tenlaste gelegd wordt „Agrarisch" front, waarom pi. meent, dat dit punt kan vervallen, zoomede zijn lidmaatschap der Germaansche (Zie vervolg pag. 2 Ie kolom.)l

Vekvolg tribunaal

S.S., waarvan hij slechts begunstiger was. Het lidmaatschap W.A. wordt hem aangewreven, doch bekl. heeft zich heel handig liieraan onttrokken door zich bij de W.A. motorafdeeling op te geven, wetende, dat er op Flakkee geen motorafdeeling was. De eed op Mussert acht pi. niet bewezen, daar deze niet afgelegd is en er slechts een briefje van trouw geschreven is. Aan het uitzenden van landarbeiders naar het 'Oosten heeft bekl. zich tijdig met 70 anderen onttrokken.

Dat hij zijn radio, die op ,,Concordia" stond heeft behouden, was een goede daad. Velen hebben er mee naar de Engelsche zender geluisterd.

PI. zegt, dat bekl. tegen hem gezegd heeft nu pas goed te zien, waar hij zich destijds mee ingelaten heeft.

PI. heeft een bloemlezing van de meening der eilandbewoners over bekl. Hij heeft tal van menschen uit de klauwen der Duitschers gered; heeft de gijzelaars in St. Michiels gestel gesteund en zijn functies gebruikt om zijn medemenschen te helpen. PI. schetst beschuldigde als geen slecht mensch; 23 maanden heeft hij in het kamp doorgebracht en verzoekt onmiddellijke JnvrijheidsstelUng.

Ook in deze zaak deed het Tribunaal Woensdag uitspraak en veroordeelde bekl tot ontzetting uit de kiesrechten; het bekleeden van openbare ambten werd hem ontzegd, terwijl voorts zijn vermogen verbeurd verklaard werd tot een bedrag ƒ 5000.—, plus radiotoestel.

Bekl. werd voorts onmiddellijk in vrijheid gesteld.

Als laatste delinquent voor Dinsdag komt Marienus Spee,

instantie of aan den N.S.B.-brigadier Schaap, die het aan genoemde instantie doorgaf, dat op het tramstation te Middelharnis in een gesprek B. van Dongen en J. Buijsse zich in pro-geallieerden, althans anti-Duitschen geest hadden, uitgelaten naar aanleiding van overvliegende vliegtuigen, met het gevolg dat van Dongen door het Landesgericht werd veroordeeld tot 6 maanden gevangenisstraf, later gewijzigd in 2 maanden gevangenisstraf; J. Buijsse en J. Hammelenburg leder tot 8 weken en de proceskosten. Verder heeft hij groote hoeveelheden koopman, Middelharnis, 44 jaar, die ten laste gelegd wordt, dat hij hulp of steun aan den vijand heeft verleend, door in Sept. 1940 aan te geven bij een Duitsche

Verder heeft hij groote hoeveelheden manufacturen aan de Duitschers verkocht, die hij zoodoende aan zijn Nederlandsche klajiten onttrok.

(En Juni 1943 is hij aangesloten als sympathiseerend lid bg de N.S.B., terwijl hij tenslotte zijn radio heeft mogen behouden.

Bekl. geeft toe getuige van het gesprek tusschen Buijsse en van Dongen geweest te zijn, doch hij heeft ze niet aangeklaagd. Bekl. zegt onder pressie der IDuitschers gestaan te hebben, doch de president meent, dat dit niet zoo hevig kon zijn in het begin van den oorlog. Bekl. zegt, dat hij voor van Dongen gesproken heeft, waarop deze vrijgelaten is en 80 gulden boete gekregen heeft, doch de president leest hem voor dat hij 2 maanden gezeten en 180 gld. boete heeft moeten betalen. Bekl. zegt dat hij destijds achterop ge

Bekl. zegt dat hij destijds achterop gezeten werd door Meerkamp, welke er ook bij was; hij durfde niet ontkennen het gesprek gehoord te hebben omdat hij bedreigd werd naar Duitschland te zullen worden gezonden.

Dat bekl. lid der N.S.B, geweest zou zijn ontkent hij. Hij heeft alleen ƒ 2.50 betaald voor het mogen behouden van zijn radio, doch de president maakt hem duidelijk, dat dit contributie als symp. lid der N.S.B. was. Bekl. noemt het een stommiteit van zichzelf, dat hij getracht heeft zijn radio op die manier te behouden. De president laat ook het aanvraag-' formulier zien, waarop staat: „sympathiseerend lid".

Bekl. verklaart nooit iets met de N. S.B. te maken gehad te hebben, wat alle N.S.B'.-ërs uit Middelharnis wel zullen kunnen verklaren.

Verder geeft bekl. toe goederen aan de Duitschers verkocht te hebben, doch betwist,' dat dit groote hoeveelheden geweest zijn. Hij was een kleine koopman In hoofdzaak waren het pelswaren. en de toewijzingen waren niet groot.

„Omdat het hier zeker zoo koud was," vulde de president aan.

Het vermogen van bekl. beloopt een bedrag van ruim ƒ 6000.—.

Mr. Verheul die ook in deze zaak als raadsman optreedt, acht het niet bewezen dat bekl. ,,zelf standig en desbewust" het gesprek van Buijsse aangebracht heeft. Wel heeft hij onder pressie een verklaring afgelegd, terwijl pi. meent dat hij van deze tenlastelegging vrijgesproken moet worden, hoewel pi. toegeeft, dat bekl. geen flinke houding heeft aangenomen. Volgens pi. kan bekl. niet gekwalificeerd worden als een valsche verrader en gelooft zeker dat hij niet begonnen is met deze menschen aan te klagen. PI. heeft 17 verklaringen, waaruit blijkt dat hij door de kennis van de Duitsche taal vele menschen tegen de Duitschers beschermd heeft. Van de bezettingstijd is hij niet rijk geworden. Wat de verkoopen aan de Duitschers betreft zegt pi. dat bekl. inkwartiering had, waardoor deze bij hem kochten. Hij maakt daardoor echter geen onderscheid met andere winkeliers, die ook aan de Duitschers verkocht hebben. PI. geeft vervolgens toe dat bekl. een slappe fignaur geweest is inzake het be­ houden van zijn radio. Blijkbaar heeft Gibbels hem ingeschreven als sympathiseerend lid, zonder dat bekl. er van wist. Het is nooit zijn bedoeling, geweest lid te worden. PI. gelooft niet dat het behouden van zijn radiotoestel hem zoo zwaar aangerekend mag worden. PI. verzoekt daarom ook bekl. onmid

PI. verzoekt daarom ook bekl. onmiddellijk in vrijheid te stellen. .

Bij de uitspraak op Woensdag werd bekl. ernstig aangerekend, dat hij de verklaring over Buijsse en van Dongen heeft afgelegd. Hij had naar de meening van het Tribunaal gerust kunnen zeggen, dat hij niet precies gehoord had wat er gesproken was. Ook acht het Tribunaal bekl. niet zoo naïef, dat hij zou meenen, voor ƒ 2.50 in het bezit van zijn radio te kunnen blijven. Dat hij groote hoeveelheden goederen aan de Duitschers heeft verkocht, zal hem niet te zwaar worden aangerekend. Tegen hem wordt Intemeering uitgesproken voor den tijd van 2 jaar, met aftrek, zoodat zijn interneering eindigt in Mei 1947, terwijl hij uit de kiesrechten wordt ontzet en verboden wordt openbare ambten te bekleeden. Tenslotte wordt zijn vermogen verbeurd verklaard tot een bedrag van ƒ 1000.—, plus zijn radio-toe}- stel.

Daarna werd de zitting gesloten en Woensdag weer heropend. Als eerste kwam

Jilles liooig, los-werkman te Middelharnis, 36 jaar Wien ten laste gelegd wordt, dat hij hulp of steun aan den vijand heeft verleend door: het geregeld koopen van Vova, Nationaal Dagblad en Ontwakend Volk; door aan J. P. Mast en diens zoon E. Mast de door hemzelf verzonnen leugen te vertellen, dat de burgemeester van den Bommel in een brief aan een N.S.B.-instantie verzocht had J. P. Mast op een zwarte lijst van de N.S.B, te plaatsen, door het bekend worden waarvan het vertrouwen van de goede Nederlandsche burgerij en daarmee haar weerstandskracht werd ondermgnd;

door in Juni '44 in dienst te treden bij de Landwacht en met een jachtgeweer als hulplandwachter dienst te doen bij controle van reizigers, onderduikers en illegale geschriften;

door zich in Jan. '43 als lid op te geven bij de N.S.B.; lid N.V..B, waarbij hij sus; deelgenomen heeft aan een vormingscur

N.A.F. Verder heeft hij blijk gegeven door plaatselijk leider te zijn van het van zijn N.S.B, gezindheid door op een formulier van de N.V.D. als polititieke richting in te vullen: N.S.B, en als liefhebberij: ,,Propaganda," door bij den kringleider v. Houten een klacht in te dienen over den dienst op het postkantoor te den Bommel, o.m. inhoudende, dat de stationhouder politieke gesprekken voerde, waarop door het NJS.B. hoofd, afd. personeel P.T.T. bij den stationhouder een onderzoek werd inge­ door vriendschappelijke omgang met steld;

door vriendschappelijke omgang met d. Linden. den N.S.B.-ër en C.C.D.-controleur K. v.

door als hulplandwachter twee fietsban­ Tenslotte heeft hij voordeel getrokken den toegewezen te krijgen.

Bekl. erkent geregeld de bladen gekocht te hebben en ook de leugen t.o.v. Mast gebruikt te hebben. Hij zegt zich echter niet als landwachter opgegeven te hebben, doch in opdracht van Marechaussee Mulder dienst aan de haven gedaan te hebben; hij beschouwde het meer als hulp bij de politie. Toen ze hem echter opdracht gaven op onderduikers en illegale bladen te letten heeft hij de beenen genomen. In 1940 is hij opgepikt als N.S.B.-ër terwijl hij er steeds een felle tegenstander van was; hij was Gereformeerd en Anti-revolutionnair en dat hield hij hoog. Ook ontkent hij zelfs pro-lDuitsch geweest te zijn. Daarna is hij toegetreden tot de N.S.B., omdat hij toch al als N.S.B.-ër gedoodverfd was. Nu heeft hij er spijt van dat gedaan te hebben.

De heer Kreeft zegt, dat bekl. het misschien gedaan heeft om wraak te nemen op de burgers, doch bekl. beweert dat er nimmer wraakgevoelens bij hem opgekomen zijn.

Bekl. heeft ook spijt zich bij alle Duitsche instellingen aangesloten te hebben. Hoewel hij als liefhebberij op een formulier „propaganda" opgegeven heeft, beweert bekl. dat hij nimmer propaganda voor de N.V.D. heeft gemaakt. De President vindt het hoogst misselijk van bekl. om over de menschen van het postkantoor te klagen bij van Houten. Er is een heele correspondentie over geweest, doch bekl. herinnert zich de finesses niet meer. Voor de fietsbanden zegt hij alleen de bonnen gekregen te hebben, niet de banden. Bekl. heeft echter groote spijt van zijn houding. (De Echtgenoote van bekl. verklaart 12 gulden per week steun te krijgen; vermogen is echter niet aanwezig. De verdediger

Mr. I/. A. E. Briët veronderstelt, dat Ravens bekl. maar .ingeschreven heeft voor verschillende functies bij de N.S.B. zonder dat deze er zelf vanaf wist.

'Ook beschouwt pi. beklaagde als iemand, die door de Bommelaars gebruikt werd om anderen een hak te zetten. De klacht tegen Kwakemaat is daar om ook door anderen uitgelokt. Bovendien heeft deze man zelf een verklaring geschreven, waaruit blijkt, dat hij heelemaal niet boos op bekl. is. Was men eenmaal lid der N.S.B, dan zat de heele kring van foute handelingen aan elkaar vast. De arrestatie van bekl. in 1940 heeft volgens burg. Lemkes ook op een misverstand berust. Bekl. was gereformeerd, doch men beschouwde hem als N.S.B.-ër. Bij een zekere kerkgang werd hem gezegd: „Ga, maar terug, jij hoort hier niet!" Toen hij in de kerk kwam vond hij op het schutblad van zijn Bijbel een hakenkruis geteekend, met Zee" er onder. Dat heeft hem ,,Hou verbit­ ër geworden is. Sprekende over zijn lid­ terd en de stoot gegeven dat hij N.S.B.- bekl. er later door de N.S.B, uitgegooid maatschap van het N.A.F., zegt pi. dat is. Bekl. behartigde de belangen der leden, waarvan er 128 op den Bommel wa­ arbeidsvoorwaarden en niet om er een ren; hij deed dit uit gevoel voor betere boterham aan te verdienen. Wat zijn Mulder zelfs verklaard heeft, dat bekl. landwachterssehap betreft zegt pi. dat delijk werd bekl. door den burgemeester nimmer op kleinigheden lette. Herhaal­ uit te voeren. Deze worden er niets voor of marechaussee gehaald om opdrachten pi. op het credit van beklaagdes reke gedaan en bekl. is de man. Verder wil voor uitzending naar Duitschland heeft ning zetten, dat hij enkele menschen is. Hij stond klaar voor zijn medebewo­ gered en nimmer over de schreef gegaan ners en speelde niet de kwade rol, die men hem nu verwijt.

PI. verzoekt onmiddellijke invrijheid­ stelling. Na in raadkamer geweest te zijn acht het Tribunaal termen aanwezig om de uitspraak over 14 dagen zal plaats bekl. onmiddellijk vrij te laten, terwijl hebben. De zaak van Willem van Eek

landbouwer te Stellendam, wiens veroordeeling door den fiateur niet was goedgekeurd, kwam weer In behandeling. De Pres. vraagt hem hoe hij tot de bemiddeling bij de paardenvordering gekomen is, waarop bekl. zegt hiervoor door burg. Keijzer te zijn aangezocht, in 1943, doch toen heeft hij er niets aan gedaan. In '45 was hij ontboden door wnd. burg. Vogelaar, die zijn hulp ingeroepen heeft, toen heeft hij in het belang der boeren zijn medewerking verleend.

Verd. ontkent ook omgang met de Duitschers gehad te hebben, ze kwamem wel bij hem opscheppen. Voor de Landstand heeft hij nooit geen cent betaald, ook is hij geen streekboerenleider geweest, noch „Orsbauerführer."

Bekl. verklaart verder dat hij gee» bezit heeft, al zijn vee is verkocht, door wie weet hij niet. De verdediger merkte hierbij op, dat over deze verkoop het laatste woord nog niet gesproken is.

Nu moet hij om overbruggingssteun. De President berekent echter dat hij ongeveer ƒ 9000.— bezit, wat bekl. tegenvalt, hoewel liij zelf • niet weet hoeveel hij heeft, want hij betaalt maar net zoolang tot het op Is. De verdediger

Mr. J. W. W. V. d. Hoeve« zegt, dat, wanneer men het oorspronkelijke procesverbaal leest, de haren te berge rijzen. Bij nadere beschouwing blijkt, dat steeds dezelfde namen Moyses em Klink in de stukken voorkomen. Moyses was door de Duitschers aangesteld als vorderaar, waar hij veel aan verdiend heeft en op Klink valt ook wel een ea ander te zeggen. De aanklachten tegen bekl. heeft spr. reeds bij de vorige zitting- weerlegd. Bekl. is niet voor de Weermacht, doch voor den burgemeester bij de paardenvordering geweest. Hij heeft zich laten leiden door zijn gevoel voor den kleinen boer. Bekl. is iemand die niet op z'n mondje gevallen is, waarom de burgemeester hem als de man zag, die niet bang was en van zich af kon bijten. Iemand als van Eek maakt zich ook vijanden die er tenslotte kans toe gezien hebben hem geïnterneerd te krijgen. Bekl. is goed Nederlander en anti-Duitsch, hoewel kwade tongen beweren dat hij „Deutsch-freundlich" geweest zou zijn. Door de Duitschers is bekl. den titel van Ortsbauerführer" aangeleund. PI. concludeert, dat bekl. ten onrechte een jaar gezeten heeft en verzoekt de beschuldigingen vervallen te ­verklftren. Het tribunaal zal 9 April uitspraak doen. Ook de zaak

Bastiaan Leendert Geldhof komt ten tweeden male voor het tribunaal. Bekl. is destijds veroordeeld tot 4% jaar interneering. De hooge autoriteit acht dat de kwestie met den piloot nader moet worden bezien. Er zijn twee landingen geweest. Bij de eerste landing zijn gijzelaars opgepakt. Voor dat gebeurde, zou bekl. tegen Hoogerwerf gezegd hebben dat Witvliet, Klem en Wisse binnen een paar dagen zouden worden opgepakt, wat ook uitgekomen is, doch bekl. ontkent er over gesproken te hebben; hij kwalificeert Huizer als de man die het gedaan heeft, waaruit de Pres. concludeert, dat de een het 'op de ander schuift. Bij de tweede landing heeft bekl. de Duitschers gewaarschuwd, wat hij toegeeft.

Bekl. ontkent, dat hij Bestman, die ondergedoken was, zou verraden hebben. Verd. heeft spijt van zijn houding, omdat hij niet geweten heeft, dat er zulke elementen als Huizer in de N.S.B. zaten. De Pres. zag liever dat hij er spijt van had uit principieel, niet uit persoonlijk oogpunt.

De vrouw van bekl., Lena Polder, zegt getracht te hebben haar man van de N. S.B. tenig te houden, wat haar niet gelukt is.

Mr. den Hollander acht de gronden waarop de veroordeeling van bekl. steunde, erg zwak. Volkomen terecht heeft de hooge autoriteit de bewijzen niet voldoende geacht. Uit het onderzoek is gebleken dat bekl. buiten het verraad staat, en er is vast komen te staan wie het wel heeft gedaan. Spr. releveert de geschiedenis waaruit alle verklaringen blijkt, dat Huizer de man is en bekl. geen schuld heeft. PI. meent dat er alleen overschiet het hdmaatschap van de N.S.B, krantenbezorger enz. voor welke feiten bekl. al meer dan voldoende gestraft is. PI. verzoekt •de tenlastelegging van verraad in te trekken en bekl. onmiddellijk in vrijheid te stellen.

Na in raadkamer geweest te zijn deelt de Pres. mee, de zaak nog eens rustig te zullen bekijken en de ultsprsiak op 9 April te bepalen. Tenslotte kwam de zaak van

Teunis van der Wende larnb. te Goedereede die ook voor de tweede maal terecht stond, daar zijn veroordeeling door de hooge autoriteit ook niet gefiatteerd is, omdat enkele punten van de tenlastelegging niet voldoende "bewezen zijn. De Pres. neemt de zaak nog eens door

De Pres. neemt de zaak nog eens door waarbij bekl. beweert, dat hij nooit v d. Tol als rijwielhersteller bij de Duitschers heeft opgegeven, hoewel deze een verklaring van het tegendeel heeft, gegeven. Dat bekl. landbouwers met inspernng gedreigd had weerspreekt hij, ook dat hij vriendschappelijk omgang met de Duitschers heeft gehad. In de Schreibstube heeft hij nooit met de Duitschers gedronken. Bekl. zou de goede Nederlanders wel eens hier willen zien die dat bewijzen kunnen. Wel lust hij op zijn tijd een borrel en een biertje, maar dat hij met de Duitschers dronk is hij zich niet bewust. „Dan hebt U het misschien onbewust gedaan" zegt de president. Aan de Landstand is bekl. nooit leider geweest; er is wel over gesproken, doch nimmer heeft hij het geaccepteerd De Pres. leest echter een verklaring voor door bekl. zelf ge teekend, dat hij door alle landbouwers eenparig tot leider van de landstand was gekozen. Uiteindelijk geeft bekl. toe wel gekozen te zijn, doch er nooit voor gewerkt te hebben. Vervolgens geeft bekl. een uiteenzet

Vervolgens geeft bekl. een uiteenzetting over de regeling inzake de voedselvoorziening voor wat betreft het rijden met paarden enz. De Pres. brengt dan de kwestie van de

De Pres. brengt dan de kwestie van de procenten ter sprake. Bekl. zou 67.000 gulden ontvangen hebben voor uitbetaling gevorderde paarden enz. Hierover zou dan 2% omzetbelasting betaald worden en 1% voor de bemoeiingen van bekl. Bekl. zegt, dat het bedrag op het gemeentehuis gekomen is en vandaar, na aftrek der 3% aan de boeren uitgekeerd. De boeren hadden goedgevonden dat er 1% voor bekl. afgehouden werd, terwijl hun beloofd werd, dat ze de 20% omzetbelasting later terug zouden krijgen, indien deze niet betaald moesten worden. De getuige ä decharge, Jac. Stniijk

De getuige ä decharge, Jac. Stniijk commissionnair te Goedereede verklaart, dat V. d. Wende altijd zorgde, dat een aardappelschip direct geladen werd, waardoor de voedselvoorziening werd begunstigd.

Getuige ä decharge Dirk Sandifort, landb. te Goedereede, als vertegenwoordiger der boeren, verklaart dat v. d. Wende op een onder leiding van burg. Keijzer gehouden vergadering, door de boeren benoemd was de zaken van het rijden enz. te regelen. Op een andere vergadering is hij pas benoemd tot leider van de boeren, v. d. Wende wou echter geen leider namens de landstand zijn. Formeel hadden ze dan echter een „leider." Ook verklaart get, dat het v. d. Wen

Ook verklaart get, dat het v. d. Wende gelukt was de ƒ 67.000.— te achterhalen, welke aan de boeren uitbetaald zijn op 3% na. Dat v. d. Wende pro- Duitsch geweest zou zijn ontkent get ten sterkste.

Het beheersinstituut verklaart, dat er niets bekend is over het geld dat van bekl. op het gemeentehuis zou staan. Wel is er een enveloppe bij hem thuis gevonden met ƒ 2522.—, bestemd voor van der Baan, voor paardenwerk enz.

Mr. Verheul die mr. van Mastrigt in de verdediging vervangt, zegt, dat deze er verwonderd over gestaan heeft, dat bekl. gearresteerd is, wat op een brief van wnd. burg Smeding gebeurd zou zijn. PI. heeft gemerkt dat iedereen bekl. dankbaar is voor hetgeen hij voor de boeren gedaan heeft. Dat v. d. Tol door toedoen van bekl. rijwielhersteller bij de weermacht geworden zou zijn, acht. spr. niet voldoende bewezen, evenmin de vriendschappelijke omgang met Duitschers. Als vertegenwoordiger der boeren moest hij echter wel eens bij de Duitschers zijn. Al zou hij er eens een glas bier gedronken hebben, acht pi. dit niet zoo belangrijk, dat het hem ten laste moet worden gelegd. Het aanzoek om leider van de Land

Het aanzoek om leider van de Landstand te worden heeft hij in de kachel gestoken. Door de boeren is hij wel als leider aangewezen, doch een aanstelling ala Landstandleider is niet te vinden. In de achterhouding van 1% kan pL geen voordeel trekken van den vijand zien. De boeren hebben hem dat gegeven, PI. gelooft dat aan bekl. groot onrecht ia geschiedt door hem in arrest te houden, terwtjl hij geen pachter meer zijn mag van domeingronden, wat alweer een nastraf voor hem beteekent. PI. verzoekt vernietiging van de hem tenlastegelegde feiten, subsidair uiterste clementie. Beklaagde voert nog aan, dat nu hij

Beklaagde voert nog aan, dat nu hij geen pachter van Rrjksgrond meer zijn mag, hij overal buiten staat en zoo goed als broodeloos geworden is. Oiver 14 dagen zal het Tribunaal uitspraak doen.' Dan wordt de zitting gesloten.

Herziening van winstmakges gevraagd.

In een te Utrecht gehouden landelijke vergadering van groothandelaren in kruidenierswaren is een motie aangenomen, waarin uitgesproken wordt, dat de nieuw vastgestelde marges voor huishoudzeep, toiletzeep en waschpoeder liggen beneden het kostenpeil van den groothandel en aangedrongen wordt op onmiddellijke herziening .

Dit artikel werd u aangeboden door: Eilanden-Nieuws

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 29 maart 1947

Eilanden-Nieuws | 10 Pagina's

Het Tribunnal weer begonnen

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 29 maart 1947

Eilanden-Nieuws | 10 Pagina's