Een Nieuw SGP-Verkiezingsprogram
Op 14 januari 2017 heeft de SGP voor het eerst in haar geschiedenis een verkiezingscongres georganiseerd waarop afgevaardigden van de SGP-kiesverenigingen en -afdelingen konden meebeslissen over de inhoud van het nieuwe SGP-verkiezingsprogram Stem vóór het leven (2017-2021). Het organiseren van zo’n verkiezingscongres is op zich geen verkeerde zaak. Integendeel. Wanneer de SGP-leden zich op deze wijze meer betrokken gaan voelen bij het SGP-geluid dat uitgedragen wordt, dan is dat op zich winst.
Wel moet helaas geconstateerd worden dat het gehouden verkiezingscongres onvoldoende geleid heeft tot principiële verbeteringen van het verkiezingsprogram. Laten we vooropstellen: het netto circa 80 pagina’s tellend verkiezingsprogram bevat vele goede standpunten, maatregelen en voorstellen. Het zou niet recht zijn dit te ontkennen. Maar dit neemt niet weg dat er toch beginselverzakingen en wezenlijke omissies in voorkomen. We willen enkele punten noemen.
Hét uitgangspunt
De overheid dient zich als dienaresse Gods in haar ambt onvoorwaardelijk aan Gods Woord en Wet te onderwerpen (artikel 3 van het SGP-beginselprogram). Die eis ligt op iedere overheid, zodat ook voor ieder regeerbeleid Gods Woord en Wet het uitgangspunt dienen te zijn. Dat die eis op iedere overheid ligt, komt in het nieuwe verkiezingsprogram onvoldoende helder naar voren. Niet omdat wij mensen het vinden of omdat de SGP het vindt, maar omdat God het vindt, is een zaak goed of fout.
Veel goede standpunten worden ingenomen, maar in veel gevallen wordt niet duidelijk gemaakt dat die ingenomen standpunten uit de Schrift voortvloeien. In plaats daarvan worden daarvoor menselijke, rationele of sociale argumenten aangevoerd. Het is vanzelf niet verkeerd om die er in tweede instantie aan toe te voegen, maar hét fundament ligt in ’wat God vindt’. Soms wordt wel verwezen naar ‘Christelijke waarden’ waaraan recht gedaan moet worden, maar deze term is in onze maatschappij helaas zo ver uitgesleten en veralgemeniseerd dat deze term geen goed criterium meer kan zijn voor wat principieel goed of fout is. Kortom, het nieuwe verkiezingsprogram is onvoldoende duidelijk over Gods absolute en universele eisen aan het regeerbeleid en over het Bijbelse fundament van veel voorgestelde maatregelen. Verder merken we hierbij op dat we een ‘meditatieve preambule’ missen in het verkiezingsprogram. Een meditatie van 1 tot 2 pagina’s op een geheel van 95 pagina’s moet toch geen probleem zijn. Dat een korte meditatie ook inhoudsvol kan zijn, bewijst de meditatie opgenomen in dit nummer. Naar we aannemen zullen ook redelijk wat niet-gereformeerden het verkiezingsprogram doorkijken of lezen. Wanneer zij dan tegelijk nog iets van de boodschap van de dood in Adam en het leven in Christus onder ogen krijgen, dan is dat zeer waardevol. Ook zou heel goed in die meditatie naar voren gebracht kunnen worden dat ons land in een uiterst grote nood verkeert door het massaal afkeren van Gods geboden en de overvloedige goddeloosheid, zodat er heden ten dage sprake is van een tijd die ten zeerste van Gods oordelen zwanger gaat, waardoor de dringende raad die in de in dit nummer opgenomen meditatie gegeven wordt: Haast, behoud u derwaarts, geheel op zijn plaats is.
Weren van niet-gereformeerde religies
Aan het handhaven van het eerste en tweede gebod is onlosmakelijk verbonden dat de overheid alle afgoderij en valse godsdiensten uit de publieke ruimte dient te weren. Een overheid die “ongeloofspropaganda, valse religies en antichristelijke ideologieën”, om de woorden van artikel 4 van het SGP-beginselprogram maar te gebruiken, niet “uit het openbare leven” weert, handhaaft die geboden niet. Dat is een duidelijke zaak. Maar juist op dit belangrijke punt gaat het verkiezingsprogram scheef. Zo wordt onder de kop ‘Vrijheid van godsdienst’ in het algemeen gesteld: “Kerken moeten vrij zijn om zich naar eigen overtuiging te organiseren. Aan die positie en organisatievrijheid mag niet worden getornd”. 1 Dit betekent feitelijk dat bijvoorbeeld ook de vrijzinnigen, de remonstranten en de roomsen vrijheid van organisatie in de publieke ruimte hebben.
En onder de kop ‘Islam’ wordt niet gepleit voor een algeheel verbod op moskeeën, maar er wordt gesteld:
“Gebedsoproepen vanaf moskeeën moeten worden tegengegaan. Gebedsoproepen mogen niet worden gelijkgeschakeld met klokgelui, omdat deze oproepen het uitspreken van een geloofsbelijdenis bevatten. Bij de bouw van moskeeën en minaretten mag van gemeenten verwacht worden dat ze de uitstraling op de publieke ruimte tot een minimum zullen beperken”. 2
Dit laatste: ‘de uitstraling op de publieke ruimte beperken’ is een heel gevaarlijke formulering, want zo wordt gesuggereerd dat hetgeen wat in de moskee plaatsvindt, niet tot de publieke ruimte, niet tot het openbare leven, behoort. In het ND ging mr. D.J.H. van Dijk hiermee al de mist in. Hij zei namelijk mee te kunnen gaan
“met de gedachte dat islamitische gebedshuizen bij het privédomein horen en daarom een plek mogen hebben. Behalve wanneer gebouwen of uitingen het publieke domein gaan stempelen. Ik denk dan aan megamoskeeën of aan luide oproepen vanaf minaretten”. 3
Afgodstempels en de godsdienstoefeningen daarin tot privédomein bestempelen en daarom die gebouwen en die godsdienstoefeningen daarin toelaten is zowel geheel on-Bijbels als onhistorisch. De Godzalige koningen van Juda hebben de afgodstempels en de hoogten waarop gerookt werd, echt afgebroken en de afgoderij daarin of daarop doen ophouden, waarvoor zij geprezen werden! En de historisch juiste interpretatie van de woorden ‘weren en uitroeien van alle afgoderij en valse godsdienst’ uit artikel 36 NGB is dat onze vaderen daarmee het weren van alle valse godsdienstoefeningen buiten de beslotenheid van het eigen gezin en huis bedoeld hebben. Zij rekenden het uitoefenen van godsdienstoefeningen in kerkgebouwen of afgodstempels zonder meer tot de publieke ruimte. Daar is geen twijfel over mogelijk. Wie dat als privaat gaat bestempelen, wijkt wezenlijk af.
Weren van ongeloofspropaganda uit de media
Het genoemde ‘weren en uitroeien’ heeft vanzelf ook betrekking op de on- en bijgeloofspropaganda die via de moderne media tot ons komt. Het is de taak van de overheid om onder andere internet daarop te (laten) filteren. Op dit punt is het SGP-verkiezingsprogramma nog niet doortastend genoeg. Er wordt wel dit gesteld:
“Internetfiltering op basis van eigen waarden en normen moet mogelijk blijven. Nederland is een belangrijke locatie voor het wereldwijde internet en herbergt belangrijke verbindingen en servers van Internetproviders. De SGP wil verkennen hoe Nederland deze positie kan gebruiken om eisen te stellen aan de Internetproviders waardoor ongewenste inhoud van internetpagina’s en zoekmachines teruggedrongen kan worden. Het gaat dan bijvoorbeeld over pornografie, godslastering en smaad”. 4
De SGP dient er echter ronduit voor uit te komen dat de overheid censuur op internet dient toe te passen aan de hand van de Tien Geboden. Bijvoorbeeld door alle providers op zijn minst tot het gebruik van het Kliksafe-filter te verplichten. Onhaalbaar, zegt u? Dat moge zo lijken. Maar hoe het ook zij, dat wat haalbaar lijkt, mag niet ons uitgangspunt zijn, maar ons uitgangspunt dient te zijn de eis van Gods Woord. Die behoort in een verkiezingsprogram gecommuniceerd te worden.
Weren van niet-gereformeerde scholen
In het verkiezingsprogram wordt positief gesproken over het huidige onderwijsstelsel dat gebaseerd is op de in artikel 23 van de Grondwet geregelde onderwijsvrijheid, waardoor ook vele niet-gereformeerde scholen worden toegelaten en bekostigd. Gesteld wordt:
“Al 100 jaar heeft Nederland een onderwijsstelsel waarmee we wereldwijd goed scoren. Niet onbelangrijk, want het samen leven begint thuis en op school. De vrijheid om onderwijs te geven die mooi aansluit bij de wensen van de ouders en onze nationale (Christelijke) traditie, is een groot goed. Het zou kortzichtig zijn die verworvenheid overboord te zetten omdat vijandige groepen die vrijheid misbruiken voor het zaaien van haat. De remedie moet zijn om de kwaadwillenden eruit te pikken”. 5
Het is duidelijk dat hier geen recht gedaan wordt aan het SGP-beginselprogramma, waarin helder verwoord is dat “op de overheid” de zorg rust “dat al het onderwijs overeenkomstig de norm van Gods Woord is.” Ook de zinsnede: “De kerndoelen moeten niet langer de multiculturele samenleving verheerlijken, maar recht doen aan de Christelijke waarden die onze beschaving hebben gevormd”, zet dit niet recht. 6
Overigens heeft de overheid in het licht van artikel 36 NGB niet alleen tot taak het niet-gereformeerd onderwijs te weren, maar zij dient er ook actief voor te zorgen dat de jeugd in de gereformeerde leer onderwezen wordt. In dat opzicht wordt in het verkiezingsprogram een mooi voorstel gedaan, al gaat dit nog lang niet ver genoeg. Voorgesteld wordt namelijk:
“De Statenbijbel staat nu als venster in de historische canon van Nederland. In het schooljaar 2018/2019 is het 400 jaar geleden dat het verzoek tot de vertaling aan de Staten-Generaal werd voorgelegd. Alle scholen krijgen daarom een gratis exemplaar van de Statenvertaling aangeboden”. 7
Hopelijk wordt dan wel een Bijbel in de Statenvertaling geschonken zoals deze oorspronkelijk bedoeld was, namelijk: met de kanttekeningen. Dan krijgen de scholen een uitmuntende en voluit gereformeerde verklaring erbij, opgesteld door onze door Gods Geest verlichte vaderen!
Misbruik van Gods Naam
In het licht van het derde gebod is de opmerking in het verkiezingsprogram dat “ook de lastering van Gods Naam weer strafbaar” gesteld dient te worden, geheel terecht. Overigens moeten we verder in de geschiedenis van ons land terug om een wet te vinden die de lastering van Gods Naam strafbaar stelde, dan velen onder ons misschien denken. De wet van Donner uit 1932, die in 2014 afgeschaft werd, stelde namelijk niet het lasteren van Gods Naam op zich strafbaar, maar alleen het uiten van smalende Godslastering op een voor godsdienstige gevoelens krenkende wijze. Dus niet het krenken van Gods Naam, maar het krenken van een mens was strafbaar, alsof een mens belangrijker is dan God. Terecht hebben dan ook de eerste SGP-voormannen hun stem aan deze in feite Godonterende wet niet gegeven.
Gods heilige voorzienigheid - en daarmee ook Gods heilige Naam! - wordt ook misbruikt en ontheiligd door de kansspelen. Denkt u bijvoorbeeld aan de gokspelen in de casino’s en aan de loterijen. In het verkiezingsprogram worden echter wel allerlei maatregelen voorgesteld om het gokverslavingsprobleem te verkleinen, bijvoorbeeld: “De mogelijkheden om mee te doen aan kansspelen moeten worden ingeperkt”, maar helaas geen voorstel om die kansspelen te verbieden. 8 Gods Wet vraagt een aanpak van de wortel van dit kwaad: een verbod op de kansspelen zelf, en niet slechts een bestrijding van de gevolgen van deze spelen.
En nu we het toch over Gods heilige voorzienigheid hebben, voorheen werd in de SGP het standpunt uitgedragen dat het afsluiten van verzekeringen een zondig vooruitlopen op Gods heilige voorzienigheid was en tegelijk werd tegen de verzekeringsdwang en de verzekeringslasten fors geageerd. Daarvan is in het huidige verkiezingsprogram weinig meer terug te vinden. Sterker nog en dat doet pijn: verzekeringen lijken volledig aanvaard te zijn. Ook het aspect dat de Heere naast mantelzorg Zelf de diaconie voor de armenverzorging ingesteld heeft en de (sociale) verzekeringen slechts instellingen van mensen zijn, die bovendien de door God gewilde armenverzorging dwarsbomen en daarom alleen al om die reden afgewezen moeten worden, komt helaas niet uit de verf.
Zondagsrust en zondagsheiliging
“De overheid heeft een belangrijke taak om deze dag van God te beschermen”, zo lezen we in het verkiezingsprogram. En: “De Arbeidstijdenwet moet in principe alleen zondagswerk toestaan dat noodzakelijk is, zoals in de zorg en bij de politie”. 9 Dat is juist gesteld! Dit zou bijvoorbeeld betekenen dat personeel in winkels, horecagelegenheden en in het openbaar vervoer op zondag niet mag werken, want dat is allemaal geen noodzakelijke arbeid op zondag. Het is alleen jammer dat uit de context niet echt duidelijk wordt dat dit inderdaad zo verstrekkend bedoeld is. Er wordt nog wel gesteld dat koopzondagen “niet gewenst” (slap uitgedrukt overigens!) zijn en dat het vrachtverkeer op zondag stil zou moeten liggen, maar dit geeft nog geen uitsluitsel hoe verstrekkend men het bedoelt. Uit de aard der liefde zullen we ervan uitgaan dat het verstrekkend bedoeld is. Maar ook dan worden nog belangrijke zaken ten aanzien van de zondag in het program gemist. Denkt u bijvoorbeeld aan de vele sport- en recreatieterreinen die in heel veel steden en dorpen op zondag geopend zijn en waarvan in ons land ook veelvuldig gebruikgemaakt wordt. Over sluiting daarvan op zondag wordt niets gezegd. Ook komt onvoldoende uit de verf dat de Heere van iedereen verlangt om Zijn dag in Zijn dienst te besteden, wat wel een heel wezenlijk aspect is om duidelijk te maken dat op zondag sporten en recreëren zaken zijn die strijdig zijn met het vierde gebod. Men misbruikt dan Zijn dag!
Emancipatie van de vrouw
Terecht wordt opgemerkt dat het een veeg teken is “wanneer de overheid geld verdienen door ouders”, liefst fulltime, “ten koste wil laten gaan van het zelf opvoeden van kinderen!” Ook wordt het discriminatie genoemd dat eenverdienersgezinnen “in ons belastingstelsel fors benadeeld” worden. “En dat allemaal omdat de regering af wil dwingen dat mannen én vrouwen beiden moeten gaan werken, ook al denken zij daar zelf anders over”. 10 De SGP blijft daarom terecht hameren “op een eerlijke behandeling van eenverdienersgezinnen”.
Maar wat in dit verband wel opvalt, is dat een krachtig getuigenis tegen de zogenaamde emancipatie van de vrouw in het huidige verkiezingsprogram niet terug te vinden is. Er wordt niet gesteld dat volgens de Schrift de taak van de vrouw in de eerste plaats in het gezin ligt en dat gewoonlijk de man voor het gezin de kost verdient. Er wordt niet gesteld dat naar uitwijzen van de Schrift het regeerambt de man toebehoort en daarom het vrouwenkiesrecht moet worden afgewezen. En dat terwijl de on-Bijbelse gedachtegang dat het mannelijk geslacht niet het hoofd zou zijn van het vrouwelijk geslacht, breed postgevat heeft en uitgerold is in onze maatschappij en bovendien door de overheid nog steeds - geheel tegen de scheppingsordinantie in - actief uitgedragen wordt. Het is daarom niet goed dit punt uit de weg te gaan in het verkiezingsprogram. Het gaat hier over een wezenlijke, door God gewilde en ingestelde ordening van de maatschappij!
De doodstraf
Het in concept opgestelde verkiezingsprogram miste voor het eerst een verwijzing naar de doodstraf. Door een SGP-kiesvereniging en door een SGP-afdeling was voor het eerder genoemde verkiezingscongres een amendement ingediend om de doodstraf alsnog in het verkiezingsprogram op te nemen. Door het SGP-hoofdbestuur en de SGP-Tweede Kamerfractie werd aanname van dit amendement ontraden. Ge-steld werd dat naar een passage over de doodstraf in een verkiezingsprogram vaak onevenredig veel aandacht uitgaat, wat het in discussie komen van andere kernpunten zou belemmeren. Tevens zou dan de aandacht afgeleid worden van de positieve boodschap - het verkiezingsprogram draagt de titel: Stem vóór het leven -, waarmee de SGP de boer op wil. Ook werd als argument aangevoerd dat de politieke realiteit zo is dat mede door internationale afspraken er geen enkele ruimte is om invulling te geven aan de invoering van de doodstraf. Helaas liet een krappe meerderheid van de SGP-afgevaardigden zich door dergelijke antirevolutionaire haalbaarheidsargumenten overtuigen. Maar al die argumenten vallen geheel in het niet als men beseft hoeveel onschuldig vergoten bloed om wraak roept op Nederlands bodem en dat een overheid niet slechts het recht, maar de door God opgelegde plicht heeft om moedwillige moord en doodslag te straffen met de doodstraf. Een overheid heeft daar geen vrije keus in, alle internationale afspraken ten spijt. De SGP had zich hier niet door het risico op negatieve aandacht noch door internationale afspraken, maar door de Schrift moeten laten leiden. Veel beter kunnen we ons dan ook vinden in het geluid dat SGP-senator Van Dijk in een interview met het ND te berde bracht over deze kwestie, namelijk:
“Dat het partijbestuur in het verkiezingsprogramma niet expliciet wil opnemen dat de SGP voor de doodstraf is, omdat dat negatieve publiciteit veroorzaken kan, vindt Van Dijk geen sterke argumentatie. ‘Daar ben ik niet bijster van onder de indruk. Je benadering aanpassen omwille van het winnen van stemmen is geen sterk verhaal. Dan kun je aan de gang blijven. Bijbelse standpunten zullen altijd schuren en weerstand oproepen. De redenering vanuit de Tweede Kamerfractie dat we de doodstraf niet kunnen invoeren vanwege bestaande wetten en verdragen, overtuigt me ook niet. Dat geldt voor meer onderwerpen. Denk aan abortus en het homohuwelijk. Wat mij betreft had de doodstraf gewoon in het verkiezingsprogramma opgenomen moeten worden.’ De overheid draagt het zwaard niet tevergeefs, verdedigt hij het officiële standpunt van zijn partij. ‘In het Oude Testament waren er wetten die voor heel wat overtredingen de doodstraf toekenden. Die kun je niet kopiëren, maar het laat wel zien dat de doodstraf Bijbels is. In de huidige tijd van aanslagen en terroristen is dit onderwerp actueler dan ooit.’ (…) ‘Het Woord is gezaghebbend en niet de afweging of je er een half zeteltje bij kunt krijgen. Ik heb gekozen voor de SGP vanwege het heldere geluid. Dat mag niet ter discussie staan’.” 11
Jammer dat dit interview niet een paar dagen voor de dag van het verkiezingscongres verschenen is. Bij de 108 afgevaardigden (van de 240) die gelukkig nog voor de doodstraf waren, hadden zich dan wellicht nog iets meer dan een dozijn gevoegd, wat genoeg was geweest voor een meerderheid. Verder merken we nog op dat senator Van Dijk ook de moed heeft om de doodstraf in de Eerste Kamer aan de orde te stellen. 12
Overspel en homoseksualiteit
“Prostitutie is mensonwaardig” en de legalisering van de prostitutie in Nederland is “een schande”, zo lezen we in het verkiezingsprogram. En: “De afschaffing van het bordeelverbod heeft geen oplossingen gebracht, maar alleen maar meer ellende. (…) Daarom zou het goed zijn als er weer een (landelijk) verbod komt op het exploiteren van mensen voor seksuele doeleinden. (…) Het bezoeken van prostituees moet strafbaar worden. (…) In voor publiek toegankelijke plaatsen als winkels en benzinestations moet porno verdwijnen uit de schappen”. 13 Dit zijn enkele voorbeelden van in het verkiezingsprogram genoemde goede maatregelen die voortvloeien uit het zevende gebod, al wordt dit laatste helaas niet met zoveel woorden erbij gezegd. Nog meer maatregelen worden genoemd, zoals: “Het in stand houden van huwelijken moet krachtig ondersteund worden, bijvoorbeeld door positieve mediaacties. Er dient meer voorlichting te komen om mensen bewust te maken van de ernstige gevolgen van echtscheiding en vreemdgaan, onder meer door landelijke campagnes”. 14 Deze twee maatregelen om overspel en echtscheiding tegen te gaan, gaan echter lang niet ver genoeg. Uit Gods Woord blijkt onmiskenbaar dat de overheid de plicht heeft om overspel strafbaar te stellen. En bovendien dat zij op deze misdaad geen lichte, maar zware straffen dient te stellen. Dat geeft duidelijk de ernst van deze misdaad aan. Maar het verkiezingsprogram zegt hierover helaas weinig tot niets.
Niet minder is het de plicht van de overheid om de homoseksuele praxis streng te straffen. Maar ook daarover zegt het verkiezingsprogramma niets.
Nu kan men hiertegen inbrengen dat de zin: “De exclusieve status van het huwelijk van man en vrouw dient in regelgeving en beleid tot uitdrukking te komen”, dit alles in zich heeft. En tot op zekere hoogte is dit ook zo, maar hoeveel kiezers zullen hieruit de conclusie trekken dat overspel en de homoseksuele praxis door de overheid streng gestraft behoren te worden en dat dit door de SGP wordt voorgestaan? Dat zullen er weinigen zijn! Kortom, er is hier toch sprake van een wezenlijke omissie in het verkiezingsprogramma. Zeker in onze tijd!
Europese Unie
In het verkiezingsprogramma wordt ervoor gepleit dat de macht meer komt te liggen bij de nationale staten en niet langer bij de supranationale organen van de EU. Toch wordt nog onvoldoende afstand genomen van alle supranationale taken van de EU. Verrassend genoeg is op het verkiezingscongres door een motie van de SGP-Jongeren op dit punt nog wel een duidelijke stap in de goede richting gezet. De wijsheid was hier niet bij de ouden, maar meer bij de jongeren. De SGP-Jongeren stelden namelijk onder andere voor om de Europese Commissie louter nog uitvoeringsorgaan van de Raad van Regeringsleiders en de Raad van Ministers te laten zijn, het Europees Parlement te reduceren tot slechts een raadgevend assemblee en de democratische controle van de Europese politiek primair door de nationale parlementen te laten plaatsvinden. Door het hoofdbestuur werd deze motie ontraden, maar de afgevaardigden bleken op dit punt verstandiger te zijn, zodat deze voorstellen toch in het verkiezingsprogramma zijn opgenomen.
Hopelijk gaat door brexit, afwijzing Oekraïne-verdrag en deze motie bij het SGP-hoofdbestuur de knop nu eens om en komt er aan het nog te veel ‘eurofiel geschipper’ een einde.
Ten besluite
Het is een heel ernstige beginselafwijking dat de SGP de oude Bijbelse regel: ‘Wel gewetensvrijheid, maar geen godsdienstvrijheid’ losgelaten heeft en ingewisseld heeft voor: ‘Wel godsdienstvrijheid, maar geen godsdienstgelijkheid’. Dit betekent dat de SGP nu godsdienstoefeningen van valse religies alsook de gebouwen daarvoor in de openbare ruimte toelaat, mits de uitstraling niet te overheersend wordt. Uit het bovenstaande blijkt dat deze ‘beginselafwijking in de politieke praktijk’ ook in het nieuwe verkiezingsprogram tot uitdrukking is gebracht en dat er tot op heden helaas nog geen teken is dat het hoofdbestuur de geuite kritiek 15 op deze beginselverzaking ter harte heeft genomen.
Daarnaast kent het verkiezingsprogram diverse omissies, zoals we gezien hebben. Nu kan daartegen ingebracht worden dat een verkiezingsprogram niet alles kan bevatten; het is slechts een samenvatting van actuele actiepunten. Dat is ook zo, alleen de hierboven aangehaalde omissies betreffen voor het merendeel toch wezenlijke principiële punten die niet gemist hadden mogen worden. Te veel lijkt de politieke realiteit - in plaats van Gods Woord - als uitgangspunt genomen te zijn bij het bepalen wat belangrijke hoofdpunten of actiepunten zijn. Ja, de SGP lijkt zelfs meer en meer kopschuw te worden om wezenlijke principiële beginselpunten die slecht ‘in de markt liggen’, klip en klaar en voluit Bijbels aan de orde te stellen, zoals: de theocratie of het alleenrecht des Heeren, een verbod op kansspelen, de zondagsheiliging deels, de doodstraf, het aan de kaak stellen van de emancipatie inclusief het vrouwenkiesrecht en ook de strafbaarstelling van overspel en homoseksualiteit. Maar wat is nu belangrijker: dat in een tijd van verval zoals de onze onmiskenbaar is, de beginselen helder en zuiver worden uitgedragen dan of - zolang het duurt - wat meer stemmen worden verkregen? Mr. Groen van Prinsterer en ook de eerste SGP-voormannen kozen van harte voor het eerste. En daarmee zijn wij het eens. En u?
Noten:
1) Zie: Stem vóór het leven. SGP. Verkiezingsprogramma 2017-2021, p. 30 (hierna: Stem vóór het leven)
2) Stem vóór het leven, p. 43
3) P.H. de Jong en E. Sloot, ‘Tegen megamoskeeën’, in: ND, 14-01-2017 (hierna: De Jong en Sloot)
4) Stem vóór het leven, p. 11
5) Stem vóór het leven, p. 11
6) Stem vóór het leven, p. 31
7) Stem vóór het leven, p. 61
8) Stem vóór het leven, p. 23
9) Stem vóór het leven, p. 31
10) Stem vóór het leven, p. 26
11) De Jong en Sloot
12) Zie: Handelingen Eerste Kamer, 2015-2016, 16 februari 2016, EK-20, p. 20-6-6
13) Stem vóór het leven, p. 27-28
14) Stem vóór het leven, p. 25
15) Zie: A. Verwijs, ‘De nieuwe SGP-lijn inzake godsdienstvrijheid’, in: In het spoor, oktobernummer 2016, p. 240- 252
Fotoverantwoording:
a) Depositphotos
b) Depositphotos
c) Depositphotos
d) By D.J.H. van Dijk [CC BY-SA 4.0] via Wikimedia Commons
e) Depositphotos
De gehele emancipatie: een verschrikkelijk kwaad!
Ds. G.H. Kersten: “Het behoorde onder de belijders van de waarheid vast te staan dat God de vrouw een eigen plaats heeft gegeven; een levensroeping aan de binnenkant van het leven; dat haar bestemming ligt in het bouwen van het gezin. Moeder te zijn, en bij het voorrecht en de eer ook de zorgen van het moederschap te dragen, zij het hoge ideaal van de vrouw. Maar dat juist gaat lijnrecht in tegen geheel de emancipatiebeweging, waarvan het actief zowel als het passief vrouwenkiesrecht vrucht en onderdeel is. Om de ordinantie Gods, om het heil van de vrouw, om het welzijn van het gezin, waaraan maatschappij en staat hangen, gaat de zware kamp. De Heere moge de ogen openen voor het verschrikkelijk kwaad dat hier van alle zijden dreigt en ons volk kracht schenken om de verderfelijke geest van de tijd te weerstaan. Zo de moderne vrouw het grote gezin, om niet te zeggen, het gezin verafschuwt in het binnenste van haar hart, zo, nee nog sterker, rotsvast in heilige overtuiging begere de vrouw die Gods Woord zoekt, zalig te zijn niet in één of twee, maar zo het Gode behaagt haar ertoe te verwaardigen, zalig te zijn in het baren van vele kinderen. De grote gezinnen zijn en worden weer ons volk een eer en vreugd!
-Ds. G.H. Kersten, Het vrouwenkiesrecht veroordeeld, 2005, p. 34, 35-
Nieuw: cursussen wittewrongel
Eerder hebben we u bericht dat de heer B. Schalk van ieder deel van de Christelijke huishouding van ds. Petrus Wittewrongel een samenvatting heeft gemaakt. Deze zijn gratis te downloaden van onze site (www.inhetspoor.nl). Daarnaast is hij begonnen om voor www.cursussenoudvaders.nl een drietal cursussen op te zetten over deze vijfdelige serie van ds. Wittewrongel. De eerste cursus is reeds beschikbaar. Deze gaat voornamelijk over het huwelijk, het gezin en de huishouding. Onderwerpen als bijvoorbeeld trouw blijven binnen het huwelijk, de plichten van man en vrouw binnen het huwelijk en de besturing van het huisgezin komen aan de orde. Wie deze cursussen volgt, wordt erin gestimuleerd om telkens een gedeelte van de vijf delen van de Christelijke huishouding te lezen. Voor meer informatie over deze cursussen verwijzen we u naar de genoemde site. U kunt voor informatie ook naar dit ‘opleidingsinstituut’ mailen (info@cursussenoudvaders.nl) of bellen (0172-532796 of 0118-583025).
Het bestuur
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 februari 2017
In het spoor | 64 Pagina's