Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Noch rekkelijken, noch preciesen, maar Gereformeerd.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Noch rekkelijken, noch preciesen, maar Gereformeerd.

Rekkelijken en Preciesen.

5 minuten leestijd

In «het Vaderland» van 23 Sept j.1. vonden we onderstaand artikel:

«Reeds meermalen is in de Gereformeerdkerkelijke pers gehandeld over de vraag, of het geoorloofd is, dat gereformeerde predikanten officieel de intree van collega's in andere kerkgenootschappen gaan bijwonen en daar dan soms ook een woordje spreken. Thans doet zich een geval voor dat deze dicussie wederom verlevendigt en de kwestie nog eens sterk onder de algemeene aandacht brengt. Dr Th. Ruys te Lisse, Geref. Predikant en onlangs benoemd tot directeur vad het op te richten zendingsbureau dezer kerken, heeft de intree bijgewoond van den Christel. Gereformeerden predikant ds. Ponstein te Lisse. Hierover geïnterpelleerd in de pers, antwoord dr. Ruys o. m.: «Inderdaad, u hebt volkomen gelijk: het zenden van afgevaardigden is meer dan een beleefdheidsvorm. Het is door ons althans bedoeld als een flauwe manifestatie van den, helaas in ons vaderland zoo weinig trekkenden band tusschen de leden der onderscheidene kerken onderling. Wij beoogen er mede: uiting te geven aan het in ons levend verlangen naar meer eenheid tusschen de belijders van denzelfden Christus. De grenzen verdoezelen, wenschen we in geen enkel opzicht. Maar over de kerkmuren heen reiken we intusschen elkander volgaarne de broederband; en wij van onze zijde zijn geen oogenblik bevreesd, dat door een daad als door u gewraakt, steun zou worden geboden aan de Christel. Gereformeerde actie, noch ook aan eigen kerk schade zou worden berokkend.»

Hierop reageert thans o. m prof. dr J. Waterink, hoogleeraar aan de Vrije Universiteit, in het Geref. weekblad De Reformatie en schrijft terzake. «De openbaring van het lichaam van Christus te Lisse, zijnde het instituut van de Gereformeerde kerk aldaar (welke kerk aldaar belijdt te gelooven, dat de Christelijke Gereformeerde Kerk in zonde leeft, en dat heel haar bestaan slechts mogelijk is op grond van het volharden in een zondigen toestand), gaat, zoodra zij afvaardigt, de Christelijke Gereformeerde Kerk aldaar als gelijkberechtigd erkennen; geeft haar de plaats van een zuster ; erkent het ambt in die kerk als drager van de heerschappij van Koning Jezus in Zijn Kerk ter plaatse ; en kat na te getuigen tegen de zonde der Christ. Geref. Kerk. Dit lijkt mij het foutieve, dat men verwart het 'begrip een groep Christenen en het begrip de Kerk van Christus.» * *

Waar loopt nu het geschil tusschen dr. Ruys en prof. dr. Waterink 1 Dr. Ruys wil uiting geven aan het levend

Dr. Ruys wil uiting geven aan het levend verlangen naar meer eenheid tusschen de Christus-belijdes en «over de muren heen» reikt hij de broeders volgaarne de hand. Goed. Maar . . . lastige vrijage!

Prof. Waterink wijst op de verwarring van hel begrip Christenen en kerk van Chiistus.

Wat dr. Ruys zegt doet een Ghristenmensch, die voor den nood der tijden oog heeft, goed aan.

Wat prof. Waterink constateert — naar den letter heelemaal in orde — doet wat stroef aan. Maar beiden hebben o. i. één ding vergeten. En dat eéne is o.i. het voornaamste.

Namelijk ; dat er een breuk ligt tusschen Christus en Zijne gemeente, vanwege de zonde van héél de gemeente. En omdat dat niet gezien en erkend

wordt is er geen schuldbewustzijn. Men gaat beiden — ondanks het ethisch gevoel van éénheid en ondanks het kerkelijkdogmatisch standpunt ten opzichte van het kerkbegrip — in den diepsten grond uit van de splitsvoudige, maar door en door zondige leer der pluriformiteit en beschouwt die als normaal.

De een werkt er over heen 1 De ander ziet het niet en . . . verdeelt 1 Maar het Lichaam van Christus in zijn tegenwoordigen toestand van krankheid en gescheurdheid, is bij beiden geen oorzaak om te vragen naar den eenigen weg tot behoud, tot herstel, tot eenheid.

Hoe zegt Paulus : «en heeft Hem, (d.i. Christus) der gemeente gegeven tot een hoofd boven alle dingen, welke Zijn lichaam is, en de vervulling Desgenen, die alles in allen vervult». (Efeze 1 : 22b—23.)

En wie dus het lichaam van Christus scheurt doet groote zonde, waarvan de droeve gevolgen openbaar geworden zijn. Maar ook: wie Hem erkent als Hoofd der Kerk, moet er toe komen om alle scheiding en scheuring van Zijn Kerk als persoonlijke en gemeenschappelijke schuld te erkennen en den weg der separatie te verlaten.

Waaraan is te danken en wat is de oorzaak dat het er met Neêrland's kerk — waartoe wij ook hebben te rekenen de stukken, die van haar losgeraakt zijn — zoo droevig is gesteld •?

Oppervlakkig geredeneerd zeggen we aan de organisatie van 1816 Maar laten wij verstaan, dat de zonde, waarin alle kerken leven, ligt eenig en alleen in de afwijking van Gods Woord; en daarom is bestaande toestand niets anders dan de voltrekking van een rechtvaardig vonnis Gods. Dit afwijken dagteekent niet van 1816 af, maar reeds lang daarvoor. Inplaats van de prediking der gerechtigheid, werden leeringen voorgestaan, neerkomend op de verheerlijking van den mensch, miskenning en loochening van de souvereine ontferming Gods. Den mensch en zijn werk werd eene waardigheid toegeschreven in lijnrechte tegenspraak met hetgeen de Heilige Schrift getuigt. Christus werd geloochend als Profeet, Priester en Koning.

dWij hebben des Heeren Woord verlaten, wat wijsheid zouden wij hebben ?»

Niet dus : zij hebben gezondigd en leven iri een zondigen toestand.

Maar wij hebben het aan alle kanten bedorven en kunnen het nimmer meer goed maken.

Om dan gezamenlijk te komen tot het; Hij 1 Die het alléén en gehéél in orde maken kan.

Dan spreken we niet meer van rekkelijken en preciesen, maar dan willen we alleen weten van : gereformeerd en hebben wij daarbij oog op Öem, Die Zijn Geest gezonden heeft, Die op 't ootmoedig gebed, het verdorvene — ook op Kerkelijk erf — vernieuwt.

G.N.

Dit artikel werd u aangeboden door: Stichting Vrienden van dr. H.F. Kohlbrugge

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 25 oktober 1931

Kerkblaadje | 4 Pagina's

Noch rekkelijken, noch preciesen, maar Gereformeerd.

Bekijk de hele uitgave van zondag 25 oktober 1931

Kerkblaadje | 4 Pagina's