De April-beweging van 1853
Wat hebben wij onder de April-beweging te verstaan ?
Na de invoering der Hervorming was het aan de Roomsen hier te lande niet vergund geweest, eigen, door den Paus benoemde bisschoppen te hebben. Dat bleef zo na de Franse Revolutie. Totdat in 1848 een nieuwe Grondwet werd aangenomen. Nu kon de Roomse kerk haar kerkelijke aangelegenheden zelfstandig regelen. Nu kon de Paus weer bisdommen instellen. Daartoe werden ook — in het geheim — onderhandelingen aangeknoopt tussen den Paus en het zittend Ministerie. Het gevolg hiervan was, dat er, zonder dat ons volk er enigszins op voorbereid was, plotseling een pauselijk openbaar schrijven verscheen, waarin bekend gemaakt werd, dat de Paus van Rome in Nederland één aartsbisschop zou benoemen en vier bisschoppen.
Behalve dit schrijven werd er nog een toespraak van den Paus tot de Kardinalen gepubliceerd.
Beide waren grievend voor de Protestanten.
„Men had later te betreuren, dat weldra de vijandige mens de wijngaard des Heeren door allerlei middelen poogde te verwoesten, te gronde te richten en te misvormen. Men heeft het helaas genoeg ondervonden, hoe vele en hoe grote nadelen en onheilen de dwaalleer van Calvijn
Dit alles moest ons volk horen via den Paus. De Regering, die geheime onderhandelingen met het Hof te Rome had gevoerd, wist méér, maar zij liet de Staten-Oeneraal en het volk onwetend. Geen wonder, dat ons volk eerst perplex stond bij het horen van al deze nieuwe dingen. Geen wonder, dat daarna een storm van verontwaardiging opstak in heel het Protestantse Nederland. Het Protestantse Nederland wist toen nog niet van verbroedering met Rome, het had nog nooit gehoord van „stoelen op éénzelfde wortel des geloofs", en het was nog niet vergeten, dat het aan de 80-jarige oorlog zijn opkomst als Protestantse natie te danken had. In de stad Utrecht zou Rome zijn centrum hebben,
In de stad Utrecht zou Rome zijn centrum hebben, daar zou de aartsbisschop resideren.
Vandaar, dat het verzet ook in Utrecht begon. De Kerkeraad der Ned. Herv. Gemeente aldaar ontwierp een adres aan Z. M. den Koning, opdat het dreigend gevaar mocht worden afgewend. Het adres noemde de instelling der bisdommen in strijd met de geest van het Nederlandse volk. Het sprak over onze roemrijke geschiedenis, over de uitdagende toon van Rome, die er zeker niet minder op zou worden, als de bisschoppen eenmaal in ons land vaste voet aan de grond zouden hebben. Aan alle Hervormde Kerkeraden werd verzocht, dit adres te steunen. Overal stroomden de mensen uit eigen beweging toe om hun handtekening onder het stuk te plaatsen. Nog nooit had in ons land een adresbeweging zulk een omvang aangenomen. Binnen enkele dagen was het adres reeds voorzien van 200.000 handtekeningen.
Maar bij dit adres bleef het niet.
De kranten stonden vol over het herstel der bisdommen met al wat daartoe had geleid en daarbij was geschied. De vlugschriften vlogen door het land. De predikanten waarschuwden vanaf de kansel voor het dreigend Rooms gevaar. De bekende Rotterdamse predikant J. J. van Oosterzee (later hoogleraar te Utrecht) hield op 10 April 1853 's avonds een preek, getiteld „Rome's Overwinnaar". Deze preek werd uitgegeven, en na een paar dagen waren er reeds 13 000 exemplaren van verkocht. En zijn preek was er maar één van de vele, die toen in druk verschenen. Het regende boeken, die handelden over de leer en de practijken van Rome. Gedichten over deze kwestie kwamen er in groten getale. Ja, velen schreven een open brief aan den Paus, brieven, die in de kranten gaarne werden opgenomen of als afzonderlijke geschriften werden uitgegeven. Voorwaar, het was een anti-Roomse storm, die gierde door het Protestantse Nederland. Zó hevig was deze storm, dat Minister Thorbecke het nodig vond, zich te verdedigen. De Commissarissen des Konings in alle Provincies, behalve Noord- Brabant en Limburg, ontvingen een geheime circulaire, waarin zij werden uiigenodigd, het volk omtrent de komst van de bisschoppen gerust te stellen.
In een Engels blad had het bericht gestaan, dat het herstel der bisdommen was geschied op verzoek, niet van den Paus, maar van de Nederlandse Regering. De geheime circulaire liet dit bericht tegenspreken.
Maar wat geschiedde ? De Commissarissen in Utrecht en Noord-Holland weigerden eenvoudig aan het verzoek van den Minister te voldoen. En juist deze twee provincies waren het brandpunt van het verzet. De overige Commissarissen pleegden lijdelijk verzet. Alleen die in Drente deed wat. Het doel van den Minister werd niet bereikt. Want waar de circulaire bekend werd, trok men zich van de inhoud ervan niets aan. De verbittering tegen Thorbecke groeide. Men verdacht hem ervan (en dat terecht), den Roomsen een dienst te hebben willen bewijzen om van de samenwerking met Rome verzekerd te blijven. De Regering zweeg in alle talen, totdat zij niet meer zwijgen kon. Toen verscheen in de Staatscourant de mededeling, dat het herstel der bisdommen in Nederland een zuiver kerkelijke aangelegenheid was, waaraan de Regering vreemd moest blijven en dan ook vreemd was gebleven. Niet alleen in het land, maar ook in de Tweede Kamer woedde de storm. De Utrechtse afgevaardigde Van Doorn hield een interpellatie. Maar de Regering suste de beweging in de Tweede Kamer. Met 40—12 stemmen werd een motie aangenomen, waarbij de Kamer overging tot „de orde van de dag", nadat zij gehoord had, „dat krachtige vertogen aan het Hof van Rome zijn of zullen worden gedaan".
Een tamme motie. Maar als Thorbecke dacht, dat hiermee de zaak was afgedaan, had hij het toch bij het verkeerde eind. Er zou nog een storm waaien. Maar deze storm zou zó geweldig zijn, dat hij Thorbecke Minister-af maakte. Deze storm woedde in Amsterdam en groeide uit tot een orkaan tijdens het bezoek van den Koning aan de hoofdstad van het land. Wij willen hierover in het volgend artikel iets zeggen, want de Amsterdamse kwestie is waard apart behandeld te worden.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 11 april 1953
Kerkblaadje | 8 Pagina's