Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Paul-Jan

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Paul-Jan

Belevenissen van een ambulanceverpleegkundige

3 minuten leestijd

Er zijn ritten die je niet zo snel vergeet. Vannacht zal ik een rit meemaken naar een bijzondere locatie. Ik heb een avond-slaapdienst vanuit de post in Burgh-Haamstede. Deze diensten bestaan alleen op de wat rustigere posten. Het betekent dat je tot 23.00 uur paraat bent en na 23.00 uur kun je naar bed. Je slaapt dan (meestal niet echt ontspannen) in een slaapkamer op de ambulancepost. Gaat de pieper af, dan is het uiteraard de bedoeling dat je zo snel mogelijk gekleed en wel in de ambulance zit.

De klok wijst 2.15 uur aan als onze piepers afgaan. Het is tot nu toe geen drukke dienst geweest: in de avond hebben we één rit gehad. Het duurt even voor het tot me doordringt dat ik me direct moet aankleden. Snel kijk ik op de pieper wat de urgentie is. Het is een A2-rit. Dit betekent dat we wat rustiger aan kunnen doen. Er is ieder geval geen sprake van een acuut levensbedreigende situatie. Als ik bij de ambulance aankom, zie ik dat mijn collega al achter het stuur zit. Met een brede grijns zegt hij: „Je raadt nooit waar we naartoe moeten.” „Naar een patiënt natuurlijk”, brom ik slaperig. „Ja, dat ook, maar we halen hem op van zee”, roept hij enthousiast. Mijn slaap is ineens verdwenen. Gaat het soms om een drenkeling? Dan snap ik de A2-urgentie niet. Op de mobiele dataterminal lees ik dat we ons bij KNRM-station Neeltje Jans moeten melden. We gaan met de bemanning van de KNRM-boot een patiënt oppikken van een zeeschip. Het betreft een bemanningslid met buikklachten. Het schip bevindt zich ongeveer 8 mijl uit de kust, een behoorlijk eindje varen dus. Even later stappen we met onze spullen in de snelle rubberboot van de KNRM en varen we de zee op. Overweldigend, die enorme wateroppervlakte, zeker in de nacht. Wat zijn wij mensen toch kleine en nietig. Na een halfuur doemt het grote schip op waarop onze patiënt moet zijn. Gelukkig hoeven we niet via de touwladder naar boven te klimmen, maar wordt de patiënt naar beneden geholpen. Het blijkt een Filipijn van rond de 30 te zijn die geen Engels spreekt. Een beetje medelijden heb ik wel met deze man, met wie het lastig communiceren is. Met handen-en-voetenwerk begrijp ik dat hij sinds drie dagen last heeft van een pijnlijke rechteronderbuik. Ook is hij misselijk met daarbij wat verhoging. Een klassiek voorbeeld van een ontsteking aan de blindedarm.

Ik geef de man een infuus met pijnstilling. Ondertussen heeft de KNRM-boot koers gezet naar de wal. Doordat ik met de patiënt bezig ben en me niet kan oriënteren, voel ik me steeds beroerder worden. En ja hoor, even later sta ik over de reling te spugen... Op zijn beurt kijkt de Filipijnse patiënt nu vol medelijden naar mij. Wat een opluchting kan het zijn als je uiteindelijk weer vaste grond onder de voeten hebt.


Paul-Jan Dekker verzorgt op deze plek een wisselcolumn. Volgende keer politieagent Johan Dubbeldam.

Dit artikel werd u aangeboden door: Terdege

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 14 april 2021

Terdege | 130 Pagina's

Paul-Jan

Bekijk de hele uitgave van woensdag 14 april 2021

Terdege | 130 Pagina's