Broodsmijtservice
Mijn wekker gaat. 05.30 uur, meldt het schermpje. Wie heeft dat bedacht, denk ik, en druk op sluimeren. Vijf minuten later gaat hij weer. „We liggen in Pollhagen, weet je nog”, fluistert Wouter, die ook wakker geworden is. „O ja”, kreun ik, „zal ik nog wel gaan?” „Tuurlijk”, fluistert Wouter, „weet je hoe lekker ze zijn.” Ik stap uit bed en trek mijn kleren aan.
Mijn haar knoop ik in een knot op mijn hoofd en dan schiet ik mijn jolly’s aan. Ik stap op de wal. Het is windstil. De lucht laat met haar oranje en rode kleuren zien dat de zon niet lang meer op zich zal laten wachten. Vanaf de waterkant wandel ik naar het Duitse dorpje. Klokslag 06.00 uur stap ik de bakkerij binnen. „Was mag es sein?” vraagt de vrouw achter de toonbank. „Zehn weisse Brötchen bitte”, antwoord ik. Op dat moment bedenk ik dat we straks onze schippersvrienden tegenkomen en dat ik voor hen ook wel broodjes kan meenemen. ,O nein, maak er maar zwölf Brötchen van”, verbeter ik mijzelf half in het Nederlands, half in het Duits. Ik reken zes euro af en wandel weer naar boord. Van een afstandje hoor ik dat Wouter de motor al gestart heeft. Ik gooi de touwen los en we vertrekken. Lucas en Boaz zitten al in de stuurhut. Ik snijd de verse, knapperige, ietwat warme Duitse broodjes open. We smikkelen. „Op hoeveel kilometer zitten jullie?” app ik onze schippersvrienden. „Op 43”, krijg ik terug. We moeten ze dus bijna tegenkomen. Als we hun schip zien aankomen, klim ik op de luiken. Wouter vaart zo dicht mogelijk langs hun schip op. Toch zit er nog ruim vijf meter water tussen de varende schepen.
„Vangen, hè!” gil ik, en met een boog smijt ik de zak met bolletjes over het water. Hij belandt nét op het randjevan het roefdek. „Alsjeblieft!” roep ik en lachend zwaaien we elkaar uit.
„Weet je”, opper ik, „misschien moet ik gewoon zelf brood op bestelling gaan bakken. Bij iedereen die we tegenkomen, smijt ik een versgebakken brood aan dek. Tenax broodsmijtservice, noem ik het dan.”
„Jij en smijten, dat ging je daarstraks anders maar net goed af”, lacht Wouter. Dus nee, ik heb me bedacht, want niet goed smijten betekent brood in het water en brood in het water betekent geen brood op de plank.
Dus ik laat het plan maar varen. Net als ons schip. Zonder broodsmijtservice.
Als echte landrot uit Kootwijkerbroek stapt Joanke van der Wal na haar trouwen aan boord van een binnenvaartschip. Terdege vaart een stukje mee.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 17 december 2024
Terdege | 244 Pagina's