Boekbesprekingen
Sjoerd van der Niet, Als dan dus daarom: Introductie taalfilosofie (Eindhoven: Damon, 2017) 2016 p., € 19,90 (ISBN 978946340096).
Het Woord komt tot ons in mensenwoorden en daarom is het van vitaal belang voor de theologie om na te denken over de vraag wat er gebeurt in taal. De verbinding tussen theologische vakken als exegese en hermeneutiek en de bredere geesteswetenschappen en met name de filosofie kan veel bruikbare inzichten opleveren.
Dit boek bestaat uit tien korte hoofdstukken, met titels als Semantiek, Syntax, Fundamenten, Redeneren en Toegepast. De hoofdstukken worden onderbroken met nog kortere intermezzo’s bijvoorbeeld ‘Van mogelijke werelden naar werkelijke’ en ‘Van taal naar spel’. In de inleiding biedt de auteur, die natuurkunde en filosofie studeerde en werkt als business consultant, een zeer beknopt overzicht van het onderscheid tussen de continentale en de Angelsaksische tradities in de taalfilosofie. Daar licht hij ook de opbouw van het boek toe.
Hij verdeelt de taalfilosofie in een semantische en een fundamentele opgave; de eerste betreft de taal zelf, de tweede dat waar de taal naar verwijst. Daarnaast zijn er twee benaderingen van deze opgave: de ene zet de woorden centraal en de andere de zinnen. Pas in de verantwoording aan het einde van het boek – die functioneert als een alternatief notenapparaat – blijkt dat Van der Niet met die laatste tweedeling doelt op de as refereren-redeneren (in het Engels reference-inference) en wat daarvoor zijn bronnen zijn.
De wat vreemde titel wil waarschijnlijk aangeven dat het in de taal vaak draait om redeneringen, maar de auteur legt dat zelf niet uit. De vage titel is niet de enige onduidelijkheid in het boek. Er staan heel veel vragen in die onbeantwoord blijven en de structuur van het betoog is onhelder. Van der Niet wil de lezer aan het denken zetten en dat lukt hem ook wel aardig met gedachteexperimenten en met voorbeelden, al gaan die wel erg vaak over een hondje. Veel zinnen beginnen met het woordje ‘stel’. ‘Stel je hebt vervelende buikpijn en komt vandaag je bed niet uit...’ (85). De auteur filosofeert vervolgens over de verschillende mogelijke oorzaken. Ligt het aan je hersenen, ligt het aan de buikpijn of heb je iets verkeerds gegeten? Zo legt hij uit wat een causale keten inhoudt. Geen enkele oorzaak heeft een speciale status; elk element in de causale keten kan gezien worden als een noodzakelijke voorwaarde: ‘zonder die oorzaak, was het niet gebeurt (sic)’ (86). Wat hij daar precies mee wil zeggen blijft onduidelijk. Ook als hij spreekt over God als mogelijke eerste oorzaak wordt het niet duidelijk waar hij precies staat. Is God inderdaad taal (173) of meer dan dat of kunnen we dat niet weten? In de verantwoording blijkt zijn betoog over God te leunen op Philosophy and the Mirror of Nature van Richard Rorty. Zijn verwijzing naar het scheermes van Ockham lijkt erop te wijzen dat God voor Van der Niet een overbodige hypothese is.
In de inleiding staat dat filosofie vaak meer vragen oplevert dan antwoorden (14), maar een boek zonder antwoorden mist het doel. Het is jammer dat dit boek, aangekondigd als ‘een toegankelijke inleiding in de taalfilosofie’, de lezer teleurstelt.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 juni 2020
Theologia Reformata | 122 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 juni 2020
Theologia Reformata | 122 Pagina's