+ Meer informatie

Naar de CATECHISATIE

3 minuten leestijd

29

GODS EIGENSCHAPPEN (VERVOLG).

Gods eeuwigheid.

God alleen is eeuwigd.w.z. dat Hij is zonder begin en zonder einde. "Van eeuwigheid tot eeuwigheid zijt Gij God”. Psalm 90.

De mens is niet eeuwig, namelijk in deze zin, dat hij een begin heeft. Hij is wel eeuwig, in de zin van: voortbestaan.

De Jehovahgetuigen menen, dat de goddelozen vernietigd zullen worden. „De ziel, die zondigt, zal sterven”. Maar zij houden er geen rekening mee, dat „sterven” geen „ophouden van bestaan” betekent. De dood is geen vernietiging, maar voortbestaan, doch in tegenovergestelde zin van „leven”. Het is een proces des verderfs: de eeuwige dood, voor degenen, die onverzoend met God sterven. En het lichaam? Dit vergaat toch in het graf? Volstrekt niet. De apostel vergelijkthetmeteen zaad. „Het wordt gezaaid in oneer, het wordt opgewekt in eer” enz. Wel sterft de „bolster” van het zaad af, het lichaam, zoals bijv. bij het tarwegraan. Het, wezen, de kiem van het lichaam blijft bestaan voor ons onzichtbaar. In de grote dag der opstanding bij Christus’ wederkomst zal de Heere uit dit zaad, uit dit wezen van het lichaam, het NIEUWE, het verheerlijkte lichaam doen herrijzen. „Wanneer dit sterfelijke ONsterfelijkheid zal aandoen”, zo lezen we in 1 Kor. 15. Als ook: „Een natuurlijk lichaam wordt gezaaid, een geestelijk lichaam wordt opgewekt”.

Hier komt een ernstige waarschuwing ons tegen. Hoe groot zal het verschil zijn bij de opstanding der doden. Worden de ware gelovigen opgewekt en zullen zij een verheerlijkt lichaam ontvangen, aan Christus’verheerlijkt lichaam gelijkvormig, naar het woord van de apostel, de goddelozen zullen daartegenover opgewekt worden met een lichaam der AFGRIJZING! O, hoe vreselijk zal het eeuwig verderf wezen, naar de ziel als naar het lichaam!

Laten we er aan denken: bij een verheerlijkt lichaam past alleen een verloste, gereinigde ziel. Wat doet u met uw ziel? Hebt u die vernieuwing en reiniging al nodig gekregen en deelt u er in door genade? Dat we toch niet rusten voordat onze ziel geborgen mag zijn in de Ark der behoudenis, Jezus Christus!

5. De ONVERANDER LIJKHEID Gods.

„Ik de Heere worde niet veranderd”.

Zo getuigt God in Zijn Woord, in Mai. 3 : 16. God is en blijft eeuwig DEZELFDE. Dit is Hij krachtens Zijn Wezen Zelf, want Hij is de Volmaakte in Zichzelf. „Bij Dewelke geen verandering is of schaduw van omkering”. Jak. 1 : 17b.

Daarom is God ook onveranderlijk in Zijn raadsbesluit. „Mijn raad zal bestaan” Jes. 46 : 10.

Maar hoe kan er dan sprake zijn van Gods BEROUW? „Toen berouwde het de Heere, dat Hij de mens op de aarde gemaakt had”, zo lezen we in Gen 6 : 6.

We hebben hier te doen meteenmens-vormige uitdrukkingswijze in de openbaring Gods, in het spreken Gods. Dit berouw wijst niet op Zijn Wezen, want God is de Onveranderlijke. Het ziet op de wijze van Gods werken, in de uitvoering van Zijn besluiten. Een duidelijk voorbeeld vinden we daarvan bij Hiskia. Eerst Gods bevel, dat. Hiskia zou sterven. En na zijn gebedsworsteling Gods antwoord door Jesaja: „Zie, Ik zal vijftien jaren tot Uw dagen toedoen”.

Zo komt de Heere tot ons met Zijn Woord ter waarschuwing en vermaning Hem te zoeken in het heden der genade, „eer het besluit bare”.

God is ook onveranderlijk in Zijn VERBOND, zowel in Zijn bedreigingen als in Zijnbeloften! Dit roept tot ernstige bezinning. Dochhierover in een volgende les.

R’ dam-W.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.