+ Meer informatie

Twist om het leiderschap over het Franse volk

Chirac, een tweede De Gaulle,..

8 minuten leestijd

De laatste tijd komt Frankrijk weer hoe langer hoe meer in het nieuws. Dat de berichten die er vandaan komen zo geruststellend zijn, kan men helaas niet zeggen.

Raymond Barre, de mj^ister'^pre^i-j dent die op het ogenblik aan hét be-" wihd is, probeert de inflatie te beteugelen. De begroting-1977, die naar hem het plan-Barre wordt genoemd, is er helemaal op gericht te voorkomen dat de frank even sterk wordt uitgehold als de lire en het Engelse pond. Om de nadruk te leggen op dit anti-inflatieprogramma heeft Giscard d'Estaing de minister-president tevens benoemd tot minister van financiën en economische zaken. Hoewel Raymond Barre uitstekend op de hoogte is van de nieuwste middelen om de inflatie tegen te gaan heeft zijn theoretische kennis hem weinig gebaat. Zijn begroting heeft wel een meerderheid gekregen, maar de inflatie van de frank zet zich nog steeds voort. De oppositie geeft hiervan de schuld vooral aan Giscard d'Estaing, die voor hij president werd, al minister van financiën was; de ene staking volgt op de andere.

De Franse regering verkeerde dus al in moeilijke omstandigheden toen Jacaues Chirac weer op het politieke toneel verscheen. Deze vroegere eerste minister, leider van de Gaullisten, had eind augustus op verzoek zijn ontslag gekregen. Dit aftreden kwam niet uit de lucht vallfen, want in maart schreven de Franse kranten al artikelen over de slechte verhouding tussen Chirac en de president. Titels als: ,,Het gif van de tweedracht" in regeringsgezinde kranten waren welsprekend genoeg.

Na een korte vakantie kwam Chirac terug, sneller dan de politieke waarnemers hadden verwacht, ook met meer itam>tam. vHij is nu -al begonnen met "vergaderingen te beleggen in Corrèze, met het oog op de verkiezingen van 1978! Chirac is al meer gekozen in Corrèze, dus het lag in de lijn der verwachtingen dat hij mettertijd weer zou trachten zijn plaats in de nationale vergadering terug te krijgen die hij door de wisselvalligheden van het politieke leven had verloren. Maar hij begint nu al, en hij schrijft het ene manifest na het andere, gericht tegen de politiek van Giscard d'Estaing en Raymond Barre. De wijze waarop hij deze campagne heeft aangepakt, is heel origineel.

Volkssoevereiniteit

De Gaulle heeft indertijd de UDR opgericht. De naam (Union Dèmocratique pour la République) is al heel neutraal en De Gaulle was ook geen rechts poUticus uit principe. Sommige mensen, ook in Frankrijk, meenden ten onrechte van wel, toen hij in 1958 aan de macht kwam. Zij werden echter snel ontgoocheld, want De Gaulle stuurde aan op onafhankelijkheid voor de koloniën in Afrika. Het motief was dat de volken van deze koloniën dat wilden. Hetzelfde principe van volkssoevereiniteit paste De Gaulle ook toe op het Franse volk, dat voortaan rechtstreeks zijn president zou kiezen. Het prestige van de president werd daardoor sterk vergroot. De UDR die ook na het aftreden van De Gaulle bleef voortbestaan moest zich opstellen tegen de oppositie van links. Daardoor gingen de conservatieven in Frankrijk — die zijn er, ze hebben kort geleden nog van zich doen spreken, denkt u maar aan het optreden van mgr. Lefébvre — een politiek onderdak zoeken in de UDR. Dit werd een rechtse partij, vierkant tegen de oorspronkelijke bedoeling van De Gaulle in, die in 1948 al zijn RPF (Rassemblement du Peuple Francais had opgezet. Linkse Gaullisten kwamen er hoe langer hoe minder.

Hiervoor heb ik dit conservatisme in verband gebracht met het optreden van bisschop Lefébvre. Het is dan ook geen wonder dat de Gaullisten het sterkst zijn in echt roomse streken, zoals het zuidwesten. Daarom zoekt Jacques Chirac een steunpunt in het departement Corre-ze, waar hij vroeger ook al gekozen is.

Reveil

Maar evenals De Gaulle probeert Chirac alle Fransen om zich te verenigen. Dat is volgens hem het beste middel om het socialisme te bestrijden en te streven naar een reveil van de Gaullistische idealen. Daarom spreekt hij over de essentiële waarden van het Gaullisme, over het prestige van het volk en een grote volksbeweging die zich richt tot alle Fransen zonder enige uitzondering. Rechtvaardigheid, vrijheid, democratie zijn ook mooie woorden voor zijn propaganda. Nog welsprekender is zijn kritiek.

Hij houdt niet van een ,,veelkoppige organisatie van de meerderheid", een term die rechtstreeks gericht is tegen de huidige samenstelling van de Franse ministerraad. Deze heeft een partijloze chef, Raymond Barre, die terzijde gestaan wordt door drie ministers van staat, vertegenwoordigers van de drie partijen van de meerderheid. Op deze manier heeft Giscard na het vertrek van Chirac geprobeerd de meerderheid weer aan elkaar te lijmen. Dit noemt Chirac nu de ,,veelkoppige organisatie van de meerderheid".

Onder de ministers van staat heeft Olivier Guichard sterk de aandacht getrokken. Hij was voor Giscard d'Estaing een soort van garantiebewijs voor de steun van de UDR, omdat hij behoort tot de oudste generatie van de Gaullisten, tot de Gaullistische „baronnen'*,' zoals men ^e ii^.. Frankrijk wel ironisch noemt,

Chirac keert zich juist sterk tegen Guichard. Hij zegt uitdrukkelijk dat hij niets wil weten van baronnen of van prinsen en evenmin dat van hen die ouder zijn dan hij en die verstard zijn in de cultus die ze toebrengen aan een dode god (deze dode god is De GauUe!) en bovendien overhellen tot een aristocratisch liberalisme. Chirac vindt dat hij die superioriteitsgevoelens van de gegoede burgerij niet kan gebruiken. Het gaat er nu om dat zijn appel een brede weerklank zal vinden onder het volk.

Vraagt u aan Chirac of dit een aanval is op de president zelf, dan zegt hij: „Nee, die is door het volk gekozen, ik ben te trouw aan de grondwet om hem af te vallen. Dat zou ik gewoon niet kunnen. Zij dié proberen een tegenstelling te creëren tussen de president en mij verspillen hun tijd en moeite". Is dit huichelarij van Chirac? Nee, hij ontziet de president, als de drager van het hoogste gezag, omdat hij hoopt eenmaal zelf met dat gezag bekleed te worden. Sympathie voor de mens Giscard d'Estaing laat hij nooit blijken.

Maar wat is het positieve van Chiracs campagne? Hij vervalt niet in een herhaling zonder meer van de idealen van De (Gaulle. Dat zou, naar zijn eigen woorden, de verering van een dode god zijn. Hij doet een nog veel gedurfder greep. Sommige Gaullisten hebben Giscard verweten dat hij in de praktijk te veel de kant van Mitterand, van het socialisme, opging. Chirac gaat verder en pleit voor een „soort Franse Labourparty". Hij noemt dit „travaillisme", de oude Franse naam voor de Engelse socialisten. Dat geeft hem de ruimte om te pleiten voor een verhoging van de vermogensbelasting, iets waar de Gaullisten altijd erg tegen zijn geweest.

Lachende derde?

Wat is de reactie van Giscard? Volgens hem is de campagne van monsieur Jacques Chirac een interne aangelegenheid van de UDR. Deze campagne is niet gericht tegen de regering en als de heer Chirac erin slaagt door zijn oproep tot het Franse volk de meerderheid van de regering groter te maken dan zij op het ogenblik is, dan zal de president hem daar zeer dankbaar voor zijn.

Wil dat zeggen dat Giscard d'Estaing maar doet alsof de hele actie van zijn vroegere eerste minister hem niet meer kwaad doet dan een paar speldeprikken? Oppervlakkig bezien wel, maar men moet zijn woorden heel goed wegen. In mei en augustus zei hij nog dat hij zijn ambtsperiode, die loopt tot 1981 zou uit dienen, hoe ook de parlementsverkiezingen van 1978 zouden uitvallen. Desnoods dus met een linkse meerderheid in de Assemblee Nationale. In oktober zei hij dat de regeingspartijen in 1978 zullen winnen, dank zij het werk van de ministers en het appel dat hij als president zal doen op het volk. Daarmee heeft hij zijn politieke lot verbonden aan dat van zijn ministers. Hij wil Chirac dus als nationaal leider overtroeven.

De onenigheid binnen de regeringscoalitie wordt heel duidelijk als men in dezelfde krant ec.i paar kolommen verder een verklaring leest van Yves Guéna, secretaris-generaal van de UDR: „ledere politieke beweging heeft een groot nationaal leider nodig, die als zodanig wordt erkend, die indruk maakt op het volk. De persoonlijkheid van Jacques Chirac zal een grote rol spelen in onze beweging voor de eenheid van het Franse volk. Deze man, onze traditie en onaantastbare principes, dat zijn de factoren waardoor vnj slagen zullen en waardoor de regeringspartijen over enige tijd (bij de verkiezingen van 1978) grote successen zullen ,, boeken. <

In de eerste maanden van dit jaar waarschuwde Giscard d'Estaing de linkerzijde. Frankrijk kan zich niet de luxe permitteren steeds maar door in een verkiezingscampagne te leven. Als het zo doorgaat, behoeven de socialisten en communisten hun handen niet meer vuil te maken. De regeringspartijen zorgen daar wel voor. Of ze vereten elkaar óf Frankrijk wordt overvleugeld door een volksbeweging onder leiding van Chirac. Toen alles nog goed was. De Franse president Giscard d'Estaing drukt de hand van Chirac die in augustus aftrad als minister-president.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.