+ Meer informatie

Uit de praktijk

3 minuten leestijd

29

„Ja man, ik denk dat een ieder van Gods volk daar wel min of meer kennis van heeft, en bij de een is dat wel duidelijker dan bij de ander. Doorgaans horen wij maar van die gebeurtenissen, die het meest treffend zijn, maar als een mens eens op mag merken, wat zijn er dan een voorvallen in het leven waarvan men moet zeggen, dat het de Heere was, Die heeft doorgeholpen en bewaard”.

„Daar sprak u van opmerken, vrouw, maar dat is een kostelijke genadegift en dat gaat met een teer leven gepaard, en waar we spraken over de bewaring des Heeren over Zijn volk, daar dacht ik aan een bijzonder geval dat mij door een schipper werd verteld uit zijn eigen leven. Op een zijner reizen was zijn schip beladen met rijshout, dus ongeveertweederde gedeelte van de vracht was boven op het schip gestuwd. Op weg naar zijn bestemming kreeg hij met storm en regen tekampen, zodat hij in het kanaal dat hij doorvoer, naar schipperstaal aan lager wal geraakte en genoodzaakt werd de schuit vast te maken voor de nacht die aanbrak. De bollantaarn werd aangestoken en in het want boven de last rijshout opgehangen, en de schipper begaf zich met zijn knecht ter ruste. In de nanacht ging de wind liggen en met het krieken van de dag werd het vrijwel windstil. Toen het daglicht doorbrak werd de reis vervolgd, de bollantaarn werd neergehaald, maarbrandde niet meer en was geheel zwart gerookt. Na enkele uren gevaren te hebben werd de plaats van bestemming bereikt en vastgemaakt aan de kade waar ook de nachtboot lag afgemeerd. De kapitein van die nachtboot kwam naar de schipper toe en vroeg hem of hij vannacht op die en die plaats gelegen had. Ja, zeide de schipper, dat klopt. Maar, zeide de kapitein, wat had je toch een vreemd licht op, als je dat licht niet gehad had, was ik zeker met mijn boot voile kracht op je schip gelopen. Het was aardedonker en stormweer, en geen weer om te varen, en ik heb je niet opgemerkt voordat ik vlak bij je was. Ineens zag ik een helder licht en kon door haastig het roer om te gooien een aanvaring voorkomen, maar dat licht zat op zo’n vreemde plaats, het was niet boven de last rijshout zoals het behoort, maar het zat in de last, en bij de uitstraling van mijn boordlicht zagen wij uw lantaarn hangen, maar die brandde niet. Mijn stuurman zei tot mij: wat heeft die schuit een vreemd licht op, maar voor mij was het onbegrijpelijk. Toen wij uw schip gepasseerd waren konden wij dat licht niet meer bespeuren. De schipper hoorde het verhaal van deze kapitein met verwondering aan en zag hierin de bewarende hand des Heeren over hem, zijn knecht en zijn schip. Hij dacht aan die zwartgerookte lantaarn, maar wat dat bijzondere licht geweest is heeft hij nooit kunnen verklaren”.

De Heere staan allerlei wegen en middelen ten dienste om Zijn kinderen tebewaren in allerlei omstandigheden, en wat is dit een reden tot verootmoediging, wat wordt men klein onder zulke zaken, dan ontbreken de woorden, maar wordt beleefd onze nietigheid en afhankelijkheid van de Heere, Die zulke bemoeienissen wil maken met mensen die in zichzelf aangemerkt niet waardig zijn om aangezien te worden, en op zulke tijden wel in het stof beg ren te kruipen. Die God te benodigen voor de tijd en de eeuwigheid, Die Zijn volk bewaart en zoals de dichter zegt beschermt in het grootste gevaar, is u en mij ten hoogste noodzakelijk.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.