+ Meer informatie

Nieuwe Franse kabinet versterking^ voor onafhankemke republikeinen

Gaullisten kunnen neergang niet verkroppen

8 minuten leestijd

In 1974, g^edurende de campagne voor de Franse presidentsverkiezingen, zei Valéry Glscard d'Estaing tydens een persinterview dat hiy, als li:^ gekozen zou worden, zi^n eerste minister niet zou kiezen vit de gelederen van de party waar l^j zelf toe behoorde, de onafhankel^ke republikeinen.

•Hij werd president, zij het met een krappe meerderheid, en hij benoemde inderdaad een gaullist tot eerste minister. Dat leek min of meer de steen der wijzen te zijn, een verdeling van de voornaamste fimcties onder de partijen die in Frankrijk betiteld worden als de meerderheid (la majorité). De hervormers zijn de derde partij van deze meerderheid.

Hoe de samenwerking tussen Giscard en zijn eerste minister, Jacques Chirac, is geweest? In het begin ging alles goed, zo zelfs dat Chirac de speciale taak kreeg om de eenheid tussen de regeringspartijen sterker te maken. Maar dit voorjaar Uep het mis met de hele samenwerking. Defensie en belastingheffing werden fel aangevochten door de gaullisten, omdat de plannen van de regering niet voldoende met hun wensen overeenkwamen. In sterk geamendeerde vorm is het wetsvoorstel op de vermogensaanwas tenslotte aangenomen.

Climax

Maar het «rgrsta kwam verleden week toen Jacques Chirac a^Jn slotwoord als eerste minister sprak voor de Franse radio.

Hij maakte bekend dat hij heenging, omdat hij niet de bevpegdheden bezat die hij nodig had om zijn fUnctie van eerste minister doeltreffend te kimnen uitoefenen. Hij zei dat op heel scherpe toon, zoals hij gewend is van tijd tot tijd zijn tegenstanders te lijf te gaan. Dit was immers een direct verwijt aan de president, die hem deze bevoegdheden onthouden had.

Wat er nu in Parijs gebeurd is, is niet zomaar het heengaan van de ene minister-president met zijn kabinet en de benoeming van een andere. Hier is werkelijk sprake van een echte crisis, of, zoals Franse kranten het noemen, VÈtn een keerpunt in de geschiedenis van de^jV^fde Bejpubliek.

Gaullisme

De Vijfde Republiek dateert van 1968. De grondlegger ervan is Charles de Gaulle, die aan het onoplosbare probleem van Algerije een eind moest maken. Om daartoe de nodige macht te hebben, schiep de Gaulle een heel nieuw staatsbestel, waarbij de president niet alleen maar een respresentatieve functie had, maar ook een grote directe Invloed op het bestuur van het land.

Deze maatregel had één heilzaam gevolgr: door de sterke persoonl^kheld van De Gaulle kwam er veel meer continuïteit In het bewind dan er vöér 1968 GISCARD D'BSTAma ... positie versterkt... geweest was. Toen was het de tyd geweest van de vele part^twlsten en de ene kabinetscrisis was nog niet goed en wel voorby, of de andere kwam weer In zicht.

Nu maakte de Gaulle de wet uit en de Fransen waren hem dankbaar dat hij aan de enkele partijregeringen van voor 1968 voorgoed een eind gemaakt had.

Onder De Gaulle was de minister-president steeds een gaullist, zodat de twee voornaamste functies in handen waren van één partij. Na een kort presidentschap van Pompidou, een trouw volgeling van De Gaulle, kwam Giscard. Voor het eerst in de geschiedenis van de Vijfde Republiek werd het hoogste ambt bekleed door een man die geen gaullist was. Zijn eerste minister Chirac was dat wel. Maar toen er door de meer naar links gerichte politiek die Giscard d'Estaing voert, veel conflicten ontstonden, gingen de gaullisten hoe langer hoe meer de puntjes op de i zetten. Giscard kon niets meer doen, of het was fout.

Keerpunt

Daarom is het inderdaad niet overdreven hier te spreken van een keerpunt. Want wie komt er voor Chirac in de plaats? Raymond Barre, een man Oie in Parijs veel minder bekend is dan in Brussel. Hij is geen lid van een politieke partij, hij is ook geen depute (afgevaardigde) in de Assemblee nationale, maar hij is vijfjaar lid geweest van de Europese Commissie in Brussel. Daar verdedigde hij de Franse belangen met grote vasthoudendheid. Hij is een bekwaam econoom. Op het ogenblik is dat zeer belangrijk want de Franse frank is de laatste tijd sterk in waarde gedaald en de Franse betalingsbalans kampt met grote tekorten. Niet alleen ten opzichte van de dollar en de mark (1 dollar is 6 firank), maar ook de gulden houdt zich in vergelijking heel goed. Een Frans tijdschrift van 6 firank kost in Nederland maar ƒ S,76. De benoeming van Raymond Barre heeft in financiële kringen een goede indruk gemaakt en de koers van de frank is licht gestegen. Maar een goede economie mag dan belangrijk zijn voor een land, de politiek omvat meer dan een gezond economisch beleid. De nieuwe premier is een politiek kleurloze figuur, hij behoort tot geen enkele partij, al had hij veel sympathie voor De Gaulle. Zo is Frankrijk overgeschakeld van een echte politicus, Jacques Chirac, naar een soort van hoogste ambtenaar van de staat. Niet voor niets schreven de Franse kranten dat nu het tijdperk vcm de technocratie gekomen is. De politieke invloed van de president kan alleen maar groter worden, als de eerste minister geen eigen politiek programma heeft. In het geval van Chirac verschilde dit progrramma duidelijk van dat van Giscard.

Afbrokkeling

De gaullisten zijn hierdoor veel van hun mstchtspositie kwijtgeraakt. Onder De Gaulle en Pompidou waren president en eerste minister lid van htm partij. In 1974 verloren ze de post van president, in 1976 ook die van eerste minister. Het is een snelle achteruitgang die ze niet verteren kunnen.

Zijn de gaullisten dan nu helemaal aan de kant gezet? Nee, want dan was er geen meerderheid meer. Op het ogenblik beschikken de regeringspartijen over 306 zetels in de Assemblee nationale. Daarvan hebben de gaullisten er 174. Het is dus onmogelijk te regeren met de steun van 131 afgevaardigden die behoren tot de onafhankelijke republikeinen en de hervormers. Er moesten dus gaullisten in de regering opgenomen worden, anders heeft ze geen kans van bestaan. Raymond Barre zei trouwens in zijn eerste verklaringen als minister-president al, dat er gaullisten in zouden komen. Daarmee komen hij en zijn president in grote moeilijkheden. Want Jacques Chirac mag dan geen chef van de regering meer zijn, hij blijft een belangrijke positie innemen in de gaullistische partij en zal in de Assemblee nationale nog heel wat van zich laten horen. U ziet hoe ingewikkeld het Franse politieke leven is geworden. Er is werkelijk wel enige reden toe Giscard te verwijten dat hij de klok terugzet en dat hij Frankrijk weer terug laat vallen in de steeds maar voortdurende partijtwisten van voor 1968.

Onafhankemken

Daarom moesten er gaullisten in de regering. Toch viel op dat Barre bij de eerste besprekingen voor zijn nieuwe team ministers vooral contact zocht met onafhankelijke republikeinen en hervormers, meest progressieve politici, zoals de Minister van Gezondheid, Simone Veil, die zeer populair geworden is door haar abortuswet. Al is de nieuwe Franse premier politiek kleurloos, zijn kabinet is dat volstrekt niet. Het zwaartepunt is duidelijk verschoven naar de aanhangers van Giscard, de onafhankelijke republikeinen. Het was daarom een succes voor Barre dat hij de gaullist Guichard heeft weten te bewegen een belangrijke ministerspost te aanvaarden. Guichard is een van de oude getrouwen, hij was ook minister in kabinetten onder De Gaulle en Pompidou. Ondanks de E^nwezigheid van Guichard verklaarde de gaullistische fractie dat zij het kabinet niet onvoorwaardelijk zal steunen. Het is niet meer een kabinet van henzelf.

Toch zijn de verwijten van de gaullistische iVactie aan het adres van Giscard niet consequent. Volgens hun grote leider Charles de Gaulle, op wie ze zich steeds blijven beroepen, behoort de president verreweg de grootste macht te hebben en niet de eerste minister. Het merkwaardige is dat op het ogenblik Giscard zich houdt aan de theorieën van De Gaulle en hoe langer hoe meer een presidentieel bewind gaat voeren, terwijl de gaullisten, rechtstreeks tegen De Gaulle in, de nadruk leggen op de macht van de eerste minister. De gaullistische theorieën blijken alleen maar van toepassing te zijn, zolang er een president is die behoort tot hun eigen partij.

Maar de politiek van Giscard is verontrustend. Hij heeft in deze crisisperiode reeds de wens uitgesproken dat de reg;ering een bredere basis zou krijgen. Hoe hij dat verwezenlijken wil? Hij heeft de term centrumlinkse regering al laten vallen, wat doet denken aan een samenwerking met de socialisten. Die staan daar afwijzend tegenover, omdat de samenwerking met communisten en links-radicalen de socialistische partij van Mitterrand tot één van de groptste van Frankrijk heeft gemaakt. Op korte termijn zal dat dus niet gebeuren.

Overgang

De ambtsperiode van Giscard duurt tot 1981, het parlement heeft zitting tot 1978. Voor 1981 kan er nog veel gebeuren. Laten we maar geloven wat Giscard zegt, dat hy echt naar links wU zwenken. Begin Juni voorspelde de Engelse pers het al, de Ideale eerste minister voor Giscard zou eigenlijk z^n... Francois Mitterrand. Wie weet of dit niet in vervulling graat. Raymond Barre, de begaafde technicus, zou maar een overgangsfiguur zQn.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.