+ Meer informatie

Op Urk

5 minuten leestijd

Eens lag Urk in het midden van de Zuiderzee. Dat was in de tijd, toen Urk nog een eiland was. Dat is nu al lang geleden, maar we kunnen ons die tijd nog heel goed herinneren. We zagen Urk voor het eerst op een Lemmer aak, die uit de richting van Enkhuizen naar Urk voer. Het was op een dag in het vroege voorjaar van 1916. De zee was bladstil. Het was helder weer. Het eiland rees uit de zee omhoog. Een prachtig gezicht. De vuurtoren en het interneringskamp en de daken en torens van de Hervormde en van de Gereformeerde kerk waren duidelijk te zien. Langzaam kwam het eiland nader. In de havens lagen de botters en de jollen. Het was de tijd van de eerste wereldoorlog, toen er engelse officieren op het eiland geïnterneerd waren. De huizen stonden samengedrongen op de berg, het hoge gedeelte van het eiland. Het andere deel, verreweg het grootste, werd nu en dan overstroomd, wanneer een noordwesterstorm het water in de Zuiderzee hoog op joeg.

De zee gaf vis en brood, al was het toen geen weelde op het eiland. En de zee vroeg vele malen levens van vissers. Telkens kwam er rouw in de woningen, soms wegens verlies van vader en zonen tegelijk.

De Urkers hielden van hun eiland en van de zee. Voor hen was er maar één tehuis, namelijk het eiland Urk, hùn eiland. Nu, dat is te begrijpen. De mensen waren aan elkaar verwant en hadden vele dingen met elkaar gemeen. Er woonden mensen, die de Heere vreesden. We zouden heel gemakkelijk mensen met naam en toenaam kunnen noemen, maar doen dat natuurlijk niet.

Uit dat verre verleden zouden we nog verschillende dingen kunnen ophalen, maar dat is niet nodig. We wilden alleen belangstelling vragen voor Urk en de Urkers.

Urk is geen eiland meer. Er is veel veranderd. Maar de Urkers zijn van hun land blijven houden. Er is nog voor hen slechts één plaats, waar ze zich thuis gevoelen en dat is op Urk. Urk ligt nog op dezelfde plaats. Het wordt nog bewoond door Urkers. In het noorden en oosten is het verbonden met het wijde polderland. Maar in het westen en het zuiden is nog water. Urk is nog een plaats, waar velen gebonden zijn aan Gods Woord en inzettingen. Daar werkt de Heere nog met Zijn Geest.

Vroeger was het moeilijk om op het eiland te komen. Dat was alleen mogelijk met de Kamper boot, de postboot, die de verbinding onderhield tussen Kampen, Urk en Enkhuizen, en met de Urker boot, waarvan de Urkers bij voorbaat gebruik maakten, want dat was hun eigen onderneming. In de winter kwam vaak de vorst en daarmee de zee vol ijs. De vaart was dan onmogelijk. Toch probeerden de boten het zo lang mogelijk, met het gevolg, dat ze meermalen in het ijs vast kwamen te zitten. De „Geusau”, de postboot, zat in een winter wekenlang in het ijs vast. De bemanning moest per ijsvlet van voedsel worden voorzien. De ijsvlet werd ook ingeschakeld voor de post en de proviandering van de eilandbewoners. Een enkele keer maakten passagiers zo’n barre tocht mee, die door de vorst overvallen waren en het eiland niet meer konden verlaten. Uit eigen ervaring weten we hoe dat ging.

Die tijd is voorbij. Er is een goede busverbinding. Er zijn vele veranderingen gekomen op het gebied van onderwijs, welstand, klederdracht enz, maar Urk blijft het land van de Urkers. De botters zijn vervangen door grote kotters, voorzien van alle technische middelen. Er is een grote haven bij gekomen, maar we hebben kunnen constateren, dat de schepen nog liggen in de oude haven. Er is een nieuwe visafslag gebouwd, die mogelijk wel de belangrijkste in het hele land is. Er is veel nieuwbouw. Het dorp is groot geworden. Vroeger waren er drie kerken, waarvan eigenlijk alleen de grote Gereformeerde kerk meetelde. De Chr. Geref. kerk, of zoals de Urkers zeiden „de Christelijke kerk” (het Kristelike karkie) was klein. Het telde weinig leden. Er was veel leesdienst, geen orgel, geen kachel. Klein en tamelijk veracht, maar ondanks allerlei omstandigheden, uitgegroeid tot een vrij grote gemeente.

Er zijn meer grote kerken gebouwd. Daardoor hadden we gelegenheid onze vierde ontmoetingsdag op Urk te houden. We waren zaterdag 26 augustus jl. als bezoekers van die dag allemaal Urkers en we hebben er ons thuis gevoeld. We hebben voor het eerst of opnieuw kennis met het dorp en de bewoners kunnen maken. Voor ons was Urk toen het centrum van het land, waarheen we ons hadden opgemaakt om samen te luisteren naar de waarheid van Gods Woord en te vergaderen tot versteviging van de banden, die ons binden. Urk blijft voor ons persoonlijk een eiland, dat rustig ligt in een zee, waarvan de golven kunnen koken. Zo was voor ons allen de ontmoetingsdag een goede dag en Urk blijft in onze herinnering als een ontmoetingscentrum, waar de Heere het welgemaakt heeft. Het kan overal stormen, op allerlei gebied, maar op Urk heerste de rust.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.