+ Meer informatie

GEMEENTE ZIJN - VERVREEMDING OF VERBINDING

6 minuten leestijd

AANLEIDING

Hier volgt de samenvatting van een referaat dat ik op 9 september jl. op een gemeentemiddag in Nijkerk heb gehouden. De bijeenkomst was de afsluiting van een aantal gesprekken over het thema: De gemeente als thuisbasis. Daarin waren stukken aangeleverd en besproken over het thema, met name vanuit het Nieuwe Testament.

Ik heb mijn grote bewondering uitgesproken voor dit ‘voorwerk’ voor deze middag. Misschien dat andere gemeenten wat kunnen doen met wat in Nijkerk ter sprake werd gebracht.

Hoe zullen we bij de verscheidenheid van inzichten, opleiding, levensleiding en karakter in de gemeente de eenheid bewaren en dienen?

Het is goed dat een gemeente zichzelf deze vraag stelt en daarop wil ingaan. Men kan problemen onder de kerkmat schuiven. Daarmee lost men niets op. Veeleer zal blijken dat ze dan alleen maar groter worden. Het is belangrijk dat een gemeente bij verschil van inzicht zichzelf onderzoekt. Dat verschil hoeft niet altijd voort te komen uit verschillen tussen de oudere en de jongere generatie. Binnen eenzelfde generatie (oud of jong) kunnen ook verschillen ontstaan. Er werken zoveel invloeden vanuit onderscheiden kanten en groepen, dat er soms spanningen binnen de gemeente ontstaan.

SPANNINGEN

Dit artikel is niet bedoeld om die spanningen op te roepen of te stimuleren. Integendeel, wees dankbaar als ze er niet zijn. Als ze er zijn, ontken ze dan niet, maar maak ze bespreekbaar.

Wij allen staan bloot aan ontwikkelingen, zowel van binnenuit als van buitenaf. Ik heb vanaf het begin van mijn dienst in de kerken gezegd, in de gemeente en daarbuiten: het oude is niet goed, omdat het oud is. Het nieuwe is niet slecht omdat het nieuw is. Men moet de dingen op hun bijbels gehalte en vandaar uit op hun praktische bruikbaarheid toetsen. Wat zich voordoet en wat bepleit wordt, moet bruikbaar en dienstbaar zijn aan het kerk zijn. Wij moeten met eventuele veranderingen uit de voeten kunnen. Er blijven bepaalde zaken (zo noem ik ze maar) onopgeefbaar. Voor velen, ook voor mij bijvoorbeeld de belijdenisgeschriften, vooral het gezag van de bijbelse boodschap in de gemeente en daarbuiten. Anderzijds: leven groeit en ontwikkelt zich. Dat is in zekere zin inherent aan Gods schepping — al blijft het een wonder van Gods voorzienigheid. En hiermee zijn veranderingen gegeven.

NORM EN VORM

Ik onderscheid in dit verband tussen norm en vorm. In die tweeslag steekt een stuk van de problematiek bij het samenleven van gemeenteleden. De een zal bij norm (die niet verandert en niet veranderen mag ) onderbrengen wat een ander tot de vorm rekent. Een deel van het verschil van mening tussen gemeenteleden kan op deze tweeslag worden teruggebracht. Wie de vorm verbreedt of verandert kan soms op verzet stuiten. De tegensprekers vinden dan dat de norm wordt aangetast. De vraag is natuurlijk of dat metterdaad gebeurt.

VERBINDING

Opvallend is dat in het mij opgegeven thema de vervreemding voorop staat. Domineert zij? Zou verbinding niet voorop moeten staan? Ieder zal zeggen: natuurlijk de verbinding moet over de vervreemding domineren. Is dat metterdaad het geval? Met deze vraag is, lijkt mij, de kern van het probleem geraakt. Laat ik dus mogen beginnen met het tweede woord uit de titel: de verbinding.

Wij wonen als gemeenteleden in hetzelfde huis. Wij zijn samen leden van het lichaam van Christus. Daar ga ik nu vanuit,al weet ik — helaas — wel dat niet ieder lid een levend lid van het lichaam van Christus is. De verbinding moet voorop staan. Wij horen bij elkaar, want wij zijn van elkaar, omdat we samen van Christus zijn. Dat is de eenheid door Christus gegeven, bewerkt en gewild. Dat is gegeven met het werk van de Heilige Geest, dus met het werk van Gods genade.

Dat wil zeggen dat we verbinding leggen, bewerken en onderhouden. Eventuele vervreemding moet ondergeschikt gemaakt worden aan de onderlinge verbinding. Dan verliest ze haar scherpe kantjes.

Dus op de eenheid, door Christus gewild en door de Heilige Geest bewerkt, ligt de nadruk.

Daarom verbinding leggen, bewerken en onderhouden.

VERVREEMDING

Eventuele vervreemding moet ondergeschikt gemaakt worden aan de onderlinge verbinding. Wij zijn aan elkaar toegewezen. Dat is iets anders dan tot elkaar veroordeeld zijn. Gods werk in ieders persoonlijk en in ons gemeenschappelijk leven, brengt, bindt en houdt ons samen. Daarvan moeten wij het hebben.

VERVREEMDENDE FACTOREN

Dan komt de vraag: welke zijn vervreemdende factoren? Hoe zijn die te bestrijden en te weerstaan?

Bijvoorbeeld in de persoonlijke sfeer: die broeder ligt me niet. Hij irriteert me of hij is een moeilijk mens. Nee sorry. Hij kijkt anders tegen de dingen aan. Hij is conservatief of juist progressief. Ik voel me bij hem niet thuis. We moeten deze vervreemding onder ogen zien, en vooral bespreekbaar maken. Ik wil dit wel graag, maar dien ik hiermee het geheel? Is het goed voor het gemeente-zijn; dus echt een zaak van gemeenschappelijk belang? Ben ik bereid een stapje achteruit te doen, de tijd af te wachten en me zelf te verloochenen?

We zullen de vervreemding niet moeten wegduwen. Deden we dat, dan wordt ze daarmee niet overwonnen. We moeten haar onder ogen zien en vooral bespreekbaar maken. Anders is het een gezwel dat voortwoekert. U mag van anderen begrip en medewerking vragen. In een gemeenschap kan echter niet alles zoals een enkeling het wil.

Zoals hierboven gezegd onderscheid ik de laatste jaren tussen norm en vorm. Wat wezenlijk is voor het gemeente-zijn noem ik de norm. Er is ook het een en ander dat behoort bij de tijdelijke vormgeving. Dat is daarom niet onverschillig. Niettemin valt het niet onder de norm. Het is een tijdelijk bepaalde vorm, ondergeschikt aan de norm.

Als onze afgescheiden voorouders ons als hun nazaten nu bezig zouden zien, dan denk ik dat ze in verschillende vormen zichzelf niet zouden herkennen. Voor mij is de vraag beslissend: hebben wij nog hetzelfde evangelie?

SAMENVATTEND

Wat is wezenlijk voor ons kerk-zijn en voor ons christen-zijn? En wat hoort bij de tijdelijke vormgeving? Dan kun je wel eens iets moeten opgeven of op bepaalde vormen terugkomen.

Aan beide kanten wordt er dan zelfverloochening gevraagd. Hoe kijkt Christus en dan pas u en ik tegen veranderingen aan?

Samenbinding is een teken van de hemelse shalom. Laat ons gebed zijn dat God ons daarin oefent en doet groeien

Prof. Velema (1929) is emeritushoogleraar ethiek en homiletiek

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.