+ Meer informatie

Geestelijke verzorging Kon. Landmacht jubileert

Grootse voorbereidingen... Bij de man zijn... in voorspoed en tegenspoed''

6 minuten leestijd

In een exclusief gesprek is de plaatsvervangend hoofdlegerpredikant ds. W. F. Jense bereid voor onze krant alles te vertellen over het naderend jubileum van de Geesteiyke Verzorgrlng in de Kon. Landmacht, waarvoor de voorbereidingen, zowel nationaal als internationaal, reeds in volle gang zijn.

Nationaal, omdat voor de herdenking van deze 60 jaar, sedert de oprichting bij Koninklijk Besluit van 28 aug. 1914, alle leidinggevende figuren van de Kerken en de Overheid worden uitgenodigd alsmede alle hoge commandanten. En internationaal, omdat ook alle Hoofden van Dienst van de Geestelijke Verzorging uit geheel Europa, Canada en Amerika worden verwacht.

Dit Jubileiun betreft speciaal de Kon. Landmacht, waar momenteel zo'n 70 predikanten bij werkzaam zijn. Niet de Luchtmacht en de Marine derhalve, waar de Dienst van de Geestelijke Verzorging van jonger datum is. Tegelijk met de Protestanten vieren ook de rooms-katholieken hun Jubileimi, omdat hun werk op diezelfde datum en bij datzelfde Kon. Besluit werd opgericht. De andere takken, de Joods Geestelijke Verzorging, en die van de Humanisten, zijn veel jonger, en aan een Jubileimi nog niet toe.

VROEGER

Natuurlijk zijn er al veel langer legerpredikanten („veldpredikers" werden ze vroeger genoemd) geweest dan sedert 60 jaar. Ook Prins Maurits en Willem van Oranje hadden speciale predikanten voor dit werk in dieftst. Maar pas in 1914 werden deze  mannen „officieel".
Ds. Jense formuleert dit historische begin als volgt: "Op 28 aug. 1914, toen de mobilisatie net een feit was, besliste de overheid, dat er een instituut bij de Krijgsmacht zou zijn, dat de verantwoordelijkheid droeg voor de geestelijke verzorging van alle beroeps- en dienstplichtige militairen. Bij Kon. Besluit werden 8 veldpredikers aangesteld. En reeds van het begin af waren er verscheidene Kerken, die daartoe predikanten speciaal beschikbaar stelden. Daarmee werd de interkerkelijke opzet van het instituut, zoals die 60 jaar gehandhaafd bleef, aangegeven".

Was dus de mobilisatie van 1914 het eigenlijke begin van dit werk, de aandrang en de stimulansen werden al veel eerder gegeven. Van waaruit dan? Zelf dacht ik altijd: vanuit de Kerken. Maar dat blijkt niet waar te zijn. Ds. Jense, die een voortreo'elyk kenner blijkt van de historie, maakt mij duidelijk dat niet de Kerken destijds hebben aangedrongen op officiële Geestelijke Verzorging in de Krijgsmacht, maar twee heel andere Instanties! Namelijk ten eerste de christelijke belangenverenigingen (chr. onderofficiers- en officiersverenigingen) en ten tweede de Kon. Ned. Militaire Bond „Pro Rege", die de chr. mUitaire tehuizen overal heeft opgericht en die dit jaar zijn eeuwfeest hoopt te vieren... Je zou dus kunnen zeggen; niet krachtens synodebesluiten, niet „van hogerhand", maar juist van „onder op" en vanuit de gemeenten en vanuit de kerkmensen zelf is de sterke wens naar voren gebracht om de man in militaire dienst vanuit de Kerken te begeleiden. En die wens, vanuit die kringen, is het, die in 1914, bij de mobilisatie, door de Overheid gehonoreerd en verwerkelijkt werd!

Hoe moeten we nu deze 75 predikanten in speciale dienst (en ook die 76 rk aalmoezeniers, die fegelijkertijd gaan jubileren) eigenlijk zien? Wat is er het bijzondere aan hen? Zijn het eigenlijk „bedrijfs-dominees"? Want ze staan toch in dienst van Defensie, ze dragen het uniform van Defensie en ze worden betaald door Defensie. Nee, ds. Jense ontkent dat met grote klem. „Wij zijn geen bedrijfspredikanten" zegt hij, „want dat zou betekenen dat we het bedrijf zelf dienen. O zeker, natuurlijk zal dat indirect wel het geval zijn. Maar dan ook altijd „iu-direct". Direct daarentegen zijn wij er voor de man, de mens in dat bedrijf. En om hem alleen gaat het!"

PASTORES

„Maar liever", zo ^oegt hij er aan toe, „spreek ik niet over predikanj;en, maar over pastores. Want bij dat woord „predikant" denk je toch altijd weer voornamelijk aan prediken en dus ook aan zondagswerk... Terwijl het bij ons juist om de herderlijke zorg te doen is, het pastor zijn, en dan ook speciaal in de werkweek, van maandag tot en met de vrijdag of de zaterdag. Daarom spreek ik het liefst over leger-pastoresl"

Die mening staaft hij vooral ook uit de recente geschiedenis. „Kijk", zegt hij, „Ons image, dus hoe men ons en ons werk eigenlijk ziet, hebben we voor een grroot gedeelte te danken aan wat er gebeurd is in Korea en in Indonesië. Die-dominees, die toen meegingen, hebben hun goede naam niet gekregen door de geweldige preken die ze daar stonden te houden, maar wel doordat ze met de mannen mee gingen, \n voorspoed en in tegenspoed, in leven en ook in sterven. Denk maar eens aan de parachutistendominee Tiemens, die in Koi'ea stierf op het slagveld. Ze waren, vanuit hun Kerken, bij die mannen, tijdens hun verschrikkelijke moeilijk en levensgevaarlijk werk. En dat is zo hooglijk gewaardeerd, niet alleen door de kerkelijken maar zeker ook door de buitenkerkelijken... dat ze werkelijk herders, pastores waren, die hun kudde niet in de steek lieten!"
En bij deze woorden denk ik aan wat Christus immers zei, in Johannes 10, over de Goede Herder, die Hij Zelf was en is en blijven wil, en die, als de wolf komt, niet vliedt, maar Zijn leven inzet voor de schapen, omdat de schapen Hem ter harte gaan... Ja, als dat nagevolgd mag worden, dan worden er goede werken gezien opdat de Vader in de hemel verheerlijkt wordt!

MIDDELEN

Maar dat alles is niet uit eigen kracht geschied! Dit 60-jarig werk is werkelijk niet te danken aan de christelijke belangenverenigingen en aan „Pro Rege" en aan een Koninklijk Besluit en aan de inzet vaJi de legerpredikanten, want die waren allemaal alleen maar middelen. En dat wordt gelukkig ook erkend.
Daarom wordt er dan ook een „Dankdienst" gehouden, een dankdienst tot eer van God, op 28 aug. in de Kloosterkerk in Den Haag, die voor iedereen toegankelijk zal zijn (om half elf). Daar hoopt de voorzitter van de Interkerkelijke Commissie voor. het Contact in Overheidszaken (het CIO), ds J. A. Roskam, in voor te gaan. En daarna, om half drie, begint er een groots symposium over het onderwerp „Kerk en Staat", waar prof. dr. J. Huizing en prof. dr. I. A. Diepenhorst hopen te refereren.

In gedachten zie ik deze viering al voor ogen. Honderden en honderden uniformen, gala en ceremonieel, sterren en balken, excellenties en hoogeerwaarden uit binnenland en buitenland... Maar, als het goed is, in de Geest allemaal verzameld in nederigheid en ootmoed rondde Man van Smarten, Jezus Christus. Hij zij het enige middelpimt, die dag! Hij de Enige, Wie de eer wordt toegebracht. En Hij de Enige, Die door Woorden Geest werkzaam blijve, tot zegen van allen die in de krijgsmacht werkzaam zijn! 


Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.