+ Meer informatie

Paolo Giacometti

3 minuten leestijd

Wanneer een kunstenaar erin slaagt de structuur van een groot muziekstuk bloot te leggen, dan heeft hij zijn publiek te pakken. Zo verging het mij bij het beluisteren van de pianoconcerten van Schumann en Dvorák, gespeeld door Paolo Giacometti. Niet alleen Giacometti's heldere en parelende pianospel fascineert, maar vooral de vanzelfsprekendheid waarmee hij muzikale zinnen uitbouwt tot een groter en overzichtelijk geheel.

Zo klinkt het Pianoconcert opus 54 van Robert Schumann onder zijn handen als nieuw. Alle solistische passages, soms heel kort, vallen precies op hun plaats doordat ze wanneer het een antwoord betreft op een orkestraal motief ook als zodanig wordt opgepakt, of wanneer een orkestinzet moet worden voorbereid de pianist haarscherp naar het juiste tempo toe speelt. Het lijkt wel of bij hem het luisteren naar de muziek voor het spelen gaat. En als die werkwijze door dirigent en orkest worden herkend en overgenomen, ontstaat een boeiende vertolking. Die wisselwerking tussen solist en dirigent maakt trouwens ook de kracht van dit concert uit. Vergeleken met de twee concerten van Chopin, bereikt Schumann een veel spannender geheel, omdat hij de piano ook laat begeleiden terwijl bijvoorbeeld de fluit het thema speelt. Kortom, Schumann houdt het juiste evenwicht tussen brille, die de solopartij ook zeker heeft, en de symfonische dialoog. Eigenlijk een geniaal werk, dit concert.

Het concert van Dvorák daarentegen heeft zich nooit zo erg in de belangstelling van zowel solisten als publiek mogen verheugen. Dit opus 33 was Dvoráks eerste grote concert en toont ons een ambitieus componist die probeert net als Schumann de pianopartij ondergeschikt te maken aan het symfonische geheel. Op zich is dat wel gelukt, maar de pianopartij heeft onder dat streven duidelijk geleden. Misschien komt dat wel omdat Dvorák zelf niet zo'n pianist was zoals Brahms en Schumann. Pogingen van latere bewerkers om de partij wat te verbeteren, hebben niet veel succes gehad. De verbeterde versie is jarenlang gepropageerd door Rudolf Firkusny. Overigens had met name het eerste deel wel vijf minuten korter gekund.

Paolo Giacometti kiest hier voor de originele versie en eigenlijk is dat wel beter, zeker voor een aanpak als de zijne. Ook hier zien we weer een uitstekende samenwerking met het Gelders -hier Arnhem Philharmonic Orchestra genoemd- orkest onder Michel Tilkin, hetgeen resulteert in een opname die absoluut boeiend is. De opname klonk op mijn eenvoudige apparatuur opvallend beter dan gewoonlijk. Dat moet zeker komen door het gebruik van de SACD-techniek.

N.a.v. "Schumann, Dvorák pianoconcertos, Paolo Giacometti, piano, The Arnhem Philharmonic Orchestra"; Channel Classics CCSSA 17802; cd ca. 22; sacd ca. 28,-.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.