+ Meer informatie

Algemene kerkelijke zaken

5 minuten leestijd

1. Theologische Hogeschool

De synode besloot

a. uit te spreken, dat door erkenning en subsidiëring het recht van een generale synode inzake het benoemen, instrueren en ontslaan van hoogleraren aan de Theologische Hogeschool, inzake het vaststellen van het karakter en de duur van de studie, alsook inzake het bepalen van het beleid met betrekking tot de toelating en eventuele verwijdering van studenten en leerlingen onverkort moet blijven, ongeacht een eventueel dreigende intrekking van de aan de Hogeschool verleende rechten;

b. het curatorium te machtigen tot het aanvragen van een partiële subsidiëring van de Theologische Hogeschool, zodra de erkenning door de overheid is geschied.

c. in principe te besluiten dat aan de Theologische Hogeschool voortgezette studie mogelijk gemaakt moet worden en het curatorium op te dragen, zodra de Theologische Hogeschool door de overheid erkend en gesubsidieerd is, alles in het werk te stellen, opdat deze mogelijkheid gerealiseerd worde en daarover te rapporteren aan de eerstvolgende generale synode.

2. Zending

De synode besloot de kerken op te roepen tot gebed om nieuwe zendingsarbeiders, opdat de arbeid op de zendingterreinen gecontinueerd moge worden.

3. Geestelijke verzorging militairen

De synode besloot

1. deputaten op te dragen zich te bezinnen op de vraagstukken die samenhangen met het vervullen van de militaire dienstplicht in deze tijd, waarbij te denken valt aan

a. de geestelijke verzorging van rooms-katholieke zijde en het werk van de humanistische raadslieden;

b. de zaken van de structuur van de krijgsmacht en de politieke uitholling ervan, de dienstweigering, het pacifisme, het gezag, de kernbewapening e.d.;

2. deputaten op te dragen

a. de kerkeraden zodanig van informatie te voorzien, dat deze aan de hand hiervan bovengenoemde vraagstukken op een vruchtbare wijze kunnen doorspreken met aanstaande recruten;

b. de kerkeraden te verzoeken. dat zij de (aanstaande) militairen met klem opwekken de uren van de protestantse geestelijke verzorging bij te wonen.

4. Algemene diaconale en maatschappelijke aangelegenheden

De synode besloot

a. uit te spreken, dat, gehoord de discussies en gezien de ontwikkelingen binnen de Stichting Raad voor Geref. Sociale Arbeid, voor verdere participatie aan de G.S.A. noodzakelijk is:

1. dat de G.S.A. haar al eerder behartigde functie, welke te maken heeft met de positie en opdracht van de christen in de samenleving, vervult;

2. dat de G.S.A. haar eigen taak, in onderscheid van het kerkelijk diaconaat, blijft volbrengen;

b. uit te spreken dat deelname aan het Gereformeerd Welzijnsberaad in verband met de onder a bedoelde functie van de G.S.A. niet dringend geboden is, hoewel deputaten de ontwikkelingen ten deze wel met nauwkeurigheid dienen te volgen;

c. aan deputaten goedkeuring te verlenen om te partieiperen in de Stichting ter bevordering van Gereformeerd Sociaal Pedagogisch Onderwijs;

d. deputaten te machtigen contacten te zoeken c.q. te bevorderen met andere instanties die vanuit gereformeerde levensovertuiging op maatschappelijk en sociaai terrein werkzaam zijn;

e. deputaten te machtigen bij een integratie van het L.O.G.B, in de G.S.A. hierin naar bevind van zaken te handelen en ook daarbij eventuele participatie van andere organen/deputaatschappen van kerken, die behoren tot de gereformeerde gezindte, te bevorderen.

5. Kerk en recreatie

Deputaten ontvingen de opdracht, de kerken in te lichten over de problematiek rondom de recreatie, en daarbij de kerkeraden er bijzonder op te wijzen dat

a. zij erop toezien, dat hun leden niet door langdurige afwezigheid van de kerken vervreemden;

b. zij er bij hun leden op aandringen, dat deze in het zoeken van een tweede verblijfplaats rekening houden met de vraag, of er in de naaste omgeving een Christelijke Gereformeerde Kerk is;

c. kerkeraden in de recreatiegebieden zoveel mogelijk gasten opvangen, hun gelegenheid bieden met hun gastgemeente mee te leven en bij gebleken ontrouw de kerkeraad van de thuisgemeente inlichten;

d. kerkeraden, wanneer zij bekend zijn of worden met de tweede verblijfplaats van hun leden, deze doorgeven aan de gastgemeente in het recreatiegebied.

6. Kerk en onderwijs

De synode besloot deputaten op te dragen

a. bij hun werkzaamheden voorrang te verlenen aan bezinning op en voorlichting over de problematiek rondom de zogenaamde partiële leerplicht;

b. de kerkeraden te stimuleren tot initiatieven tot en medewerking aan de oprichting van positief-christelijke vormingsinstituten ;

c. desgevraagd medewerking te verlenen aan de vorming van regionale werkgroepen in onze kerken;

d. de classes in overweging te geven in haar ressort commissies voor kerk en onderwijs te benoemen.

7. Kerk en samenleving

De synode besloot deputaten te benoemen die tot opdracht hebben zich te bezinnen op die zaken die betrekking hebben op de plaats die de kerk en die de christen in de samenleving behoren in te nemen, teneinde de kerken c.q. de leden der kerken hiermee van dienst te zijn.

8. Evangelisatie

De synode besloot o.a. deputaten op te dragen zo veel mogelijk te bevorderen, dat gezocht wordt naar mogelijkheden om classicaal of regionaal taken aan te vatten en de werkers te begeleiden en te instrueren, en aan de uitvoering van deze taak in de kornende periode de hoogste prioriteit te geven.

9. Evangelieverkondiging onder Israël

De synode besloot deputaten op te dragen de mogelijkheden te onderzoeken om mede door pastorale verzorging van de ”verstrooiden” in Israël te arbeiden.

10. Contact met de kerkjeugd

De synode besloot

a. het jeugdwerk in het algemeen in de voorbede en de belangstelling van de kerken aan te bevelen:

b. deputaten op te dragen, binnen het raam van hun instruetie, pogingen in het werk te stellen om tot een intensiever contact met de kerkeraden te komen, opdat aan de gewenste brugfunctie meer vorm kan worden gegeven;

c. er bij de kerkeraden op aan te dringen, in geval van verzoeken van de zijde van deputaten om een gesprek, tenminste positief te reageren op een dergelijk verzoek, en in ieder geval de gevraagde minimum-bijdrage over te maken;

d. deputaten voor contact met de kerkjeugd op te dragen om in overeenstemming met hun instructie al het mogelljke te doen, opdat de verontrusting met betrekking tot het jeugdwerk zal worden weggenomen.

11. Het kerk-zijn in onze tijd

De synode besloot er bij de classicale vergaderingen op aan te dringen alles te doen om, waar Symptomen van verwijdering binnen hun ressort worden geconstateerd, deze te bespreken en zo mogelijk weg te nemen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.