+ Meer informatie

Nederlandse militairen gaan Koerden beschermen

Kabinet en Kamer reageren positief op verzoek VS

4 minuten leestijd

DEN HAAG — De Nederlandse regering is bereid militairen in te zetten voor humanitaire hulpverlening bij het scheppen en beveiligen van enclaves voor de Koerden in het noorden van Irak. De Verenigde Staten hebben Nederland gisteren gevraagd een bijdrage te leveren aan een troepenmacht van de Verenigde Naties die de Koerden zowel in Turkije als Irak te hulp zal komen. Het einddoel van de actie is dat de vluchtelingen zo snel mogelijk veilig naar hun woonplaatsen kunnen terugkeren.

De verschillende delen van de krijgsmacht gaan na hoe steun kan worden verleend aan het Amerikaanse voornemen om in Noord-Irak kampen in te richten voor Koerdische vluchtelingen. Het resultaat van deze inventarisatie, zo heeft Defensievoorlichting vanmorgen meegedeeld, zal eind van de dag aan minister Ter Beek worden voorgelegd. Die gaat daarmee morgen naar het kabinet, dat vervolgens een beslissing zal nemen.

De Tweede Kamer heeft vandaag vergaderd over de omvang en de aard van de Nederlandse bijdrage. PvdA-woordvoerder Melkert heeft bij de ministers Van den Broek en Ter Beek aangedrongen op Nederlandse hulp in de vorm van medische teams of genie-eenheden. Zijn fractie heeft wel bedenkingen tegen eventuele Nederlandse medewerking aan het begeleiden van Koerden naar hun woonplaatsen. Volgens Melkert zit er een politieke kant aan deze humanitaire hulp.

Minister Van den Broek van buitenlandse zaken kon vanmorgen nog niet zoveel duidelijkheid geven. Hij heeft de Kamer laten weten dat nog druk overleg gaande is met de andere lidstaten van de Europese Gemeenschap en het Nederlandse ministerie van defensie. Alleen de intentie om de Koerden te helpen staat vast.

Nieuwe resolutie

De CDA-fractie bepleit de totstandkoming van een nieuwe resolutie van de Veiligheidsraad. Deze resolutie moet militair ingrijpen in Irak mogelijk maken. De fractie ziet in een dergelijk besluit een krachtig middel om een normaal bestaan voor de Koerden en sji'iten af te dwingen. De CDA-fractie is voorstander van substantiële Nederlandse hulp op dit moment. Daarbij hoort ook het creëren van een enclave in Noord-Irak waar de vluchtelingen kunnen verblijven tot een meer structurele oplossing voor het Koerdische vraagstuk is gevonden.

Ook de fracties van VVD en D66 hebben instemmend gereageerd op het verzoek van de Amerikaanse regering. „Nederland moet alles doen wat mogelijk is om de positie van de Koerden te verbeteren en verdere ellende te voorkomen", aldus VVD-woordvoerder Weisglas. De fractie van D66 aarzelt waar het gaat om het vormen van vrijplaatsen in Noord-Irak. D66 vindt dat daarvoor een nieuwe, ondersteunende resolutie van de Veiligheidsraad wenselijk is, waarmee Iraakse tegenstand tegen zo'n strook kan worden afgestraft.

Voldoende waarborgen

SGP-woordvoerder Van Dis deelt deze aarzeling niet. Naar zijn opvatting biedt resolutie 687 van de Veiligheidsraad voldoende waarborgen om tot de vorming van een enclave in Irak onder VN-toezicht over te gaan. De kans op militair verzet vanuit Irak acht hij gering. „Ik geloof niet dat Irak in staat is om op dit moment opnieuw een totale oorlog te ontketenen", aldus Van Dis.

De SGP-fractie verzet zich tegen ongecoördineerd optreden van individuele westerse landen. De coördinatie van de humanitaire hulp moet naar de mening van Van Dis in handen blijven van de Verenigde Naties. Volgens hem moet ook binnen VN-verband worden gezocht naar een structurele oplossing in de regio zelf. Hij heeft er geen bezwaar tegen als Nederland meewerkt aan het zoeken van een dergelijke oplossing.

„Voorlopig ligt echter alle nadruk op humanitaire hulpverlening. Het gaat daar om een mensonwaardige situatie. Wij moeten samen proberen de nood daar te leningen", aldus Van Dis.

Handelen geboden

GPV-woordvoerder Van Middelkoop vindt ook dat er gauw iets moet gebeuren om de Koerden te helpen. „Ik heb het altijd al een fundamenteel tekort van het internationaal recht gevonden dat er zo weinig mogelijkheden zijn om in dergelijke situaties in te grijpen", brengt hij naar voren. „Op korte termijn moest er iets gebeuren. De nood is evident. Ik erken dat op lange termijn een situatie met haken en ogen kan ontstaan. Ik voorzie een Koerdisch protectoraat in Irak. Dat kan misschien leiden tot Iraaks verzet. Mocht dat het geval zijn, dan moeten we maar terugvechten. Nu moet het denken op lange termijn echt even wijken voor de ernstige situatie van dit moment", vindt Van Middelkoop.

Het RPF-kamerlid Leerling is van mening dat Nederland op dit moment „alles moet ondersteunen" om de Koerden te helpen. „Deze mensen zijn op de vlucht. Zij worden opgejaagd. Dan gaat het niet aan om een terughoudende opstelling te rechtvaardigen. Militairen en materieel, voedsel, medische hulp en beveiliging moeten snel worden geboden door de internationale gemeenschap", meent Leerling.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.