+ Meer informatie

Een klein mensje op een vluchtheuvel

Prof. dr. W. H. G. Wolters: „Traumacentrum is nodig voor kinderen met sociale problemen

9 minuten leestijd

De mens kan zich soms echt een hoedje schrikken. Soms houd je daar zelfs wat van over. En een kind? Per jaar krijgen er duizend te maken met traumatische gebeurtenissen. Een ernstige zaak. Prof. dr. W. H. G. Wolters, als klinisch psycholoog verbonden aan het Wilhelmina Kinder Ziekenhuis te Utrecht, pleit voor een traumacentrum voor kinderen, „een vluchtheuvel voor het kind dat plotseling in medische of psychosociale nood is geraakt"

Vorige week/maand hield u in Utrecht uw rede "Kind en Psychotrauma". Hoe kwetsbaar is een kind?

„Waarom draaien we het niet om? Hoe stevig, hoe weerbaar is een kind? Als je kijkt naar de uitrusting van een kind bij de geboorte, dan is dat fantastisch. Zo'n kleine heeft direct al heel wat in huis. Wonderlijk. Het eet, het slaapt, het neemt waar, en het is heel snel, niet zo snel als de dieren, maar toch heel snel in staat om de buitenwereld te ordenen. Kinderen zijn ook kwetsbaar. Natuurlijk. Er kan sprake zijn van factoren buiten het kind, dingen waar het zelf niks aan doen kan. Als je omgeving of het gezin waarin je opgroeit onvoldoende veiligheid geeft, onvoldoende steun biedt of onvoldoende structuur geeft aan het leven, dan verhoogt dat de kwetsbaarheid"

Ontvankelijk
„Er zijn soms ook factoren binnen het kind zelf die het nadelig kunnen beïnvloeden: de een is te vroeg geboren, een ander wordt geboren met een bepaalde handicap, dat is toch een extra-kwetsbaarheid, of met een hersendefect die consequenties heeft voor het sociale functioneren. Wie blind is, doof is, noem maar op, met neurologische stoornissen, dan is dat een hypotheek op je ontwikkeling die beperkingen met zich mee kan brengen voor je verdere leven.

Het kind is eigenlijk heel ontvankelijk, voor goede dingen èn voor slechte dingen.

„Ja. We zijn de laatste jaren binnen de psychologie erg bezig met zogenaamde beschermende factoren binnen het kind zelf. Bepaalde kinderen hebben meer weerstand tegen negatieve levensomstandigheden dan andere kinderen. Dat verklaar ik in elk geval ook voor een deel ook uit aanlegfactoren".

In het geval het op een of andere. manier toch misloopt, heeft de psycholoog niet alleen te maken met het kind, maar met het hele gezin, lijkt me.

„Dat is een gouden regel in de kinderpsychologie. Het kind en het gezin zijn zo zeer aan elkaar verbonden, dat je dat nooit scheiden kunt. Emotionele problemen of gedragsstoornissen worden zeer beïnvloed door datgene wat er' zich in het gezin afspeelt. Als ae moeder niet in staat is om warmte te geven, als vader en moeder niet goed met elkaar optrekken, dan heeft dat vervelende effecten voor het kind zelf. De psycholoog die een kind behandelt, zal meestal het hele gezin benaderen".

Schuld
Is er soms sprake van schuld bij de ouders? Of mag je dat zo niet zien?

„Ik vind schuld een moeilijk begrip. Ik ben zelf van rooms-katholieke stam, dus het begrip schuld is mij niet vreemd, maar, kijk: ik kan wel ouders aanspreken op hun verantwoordelijkheid ten aanzien van hun kind. Maar schuld, daar kan ik niks mee. Dat moeten we maar laten varen. Er zijn al te veel mensen door schuld in de knoei gekomen. Er zijn hele generaties kapot gemaakt door het onevenwichtig omgaan met schuld. Het christendom heeft daarmee soms eindeloos gemanipuleerd. En, maar nu ga ik bijna evangeliseren, het christendom is er toch om mensen vrij te maken, om het geluk te bevorderen?
Enfin".

En schuldgevoel?

„Dat wel. Kijk, schuld is iets van buitenaf: „Jij hebt schuld aan dit of dat!" Schuldgevoel is iets van mensen zelf. Heel veel mensen hebben dat gevoel van te kort schieten of niet in staat zijn om de verantwoordelijkheden te dragen die ze zouden willen dragen. Niet elk schuldgevoel is op zijn plaats, dat moet ook gezegd worden. Ouders van wie een kind overleed, hebben vaak zo'n irrationeel schuldgevoel. Ze hebben jaar in jaar uit hun best gedaan het goede voor. hun Ijiind te zoeken. Nu is het overleden en ze hebben ondanks alles toch het gevoel het niet goed gedaan te hebben. Dat komt vaak voort uit onmacht. Onmacht kan zich vertalen in schuldgevoel".

Verwend
Maar waarop is de ouder dan aanspreekbaar?


„Op al zijn doen en laten. Maar niet met schuld in je achterhoofd. Kijk, er is een vader die zijn zoon mishandelt. De zoon trouwt en denkt: Mijn kinderen worden niet mishandeld! Hij wil het ontzettend goed doen, maar je ziet vaak dat de geschiedenis zich herhaalt. Erwordt weer mishandeld. Is er dan sprake van schuld? Je moet ze blijven aanspreken op hun verantwoordelijkheid. Maar heel veel mensen die akelige dingen doen met hun kinderen, zijn in hun jeugd zelf ernstig beschadigd. Daar ontkomen we niet aan. Dat is het moeilijke ervan.
We zeggen wel tegen zo iemand: We blijven proberen jou opnieuw je verantwoordelijkheden te laten gevoelen. Maar niet straffend. Niet negatief gaan doen. Want dat is ook een vorm van geweld. En dat willen we nou juist niet. In de opvoeding is soms straf nodig, dat onderken ik direct, maar het gaat vaak om de manier waarop je met die dingen omgaat.

Wat kan er in psychologische zin eigenlijk misgaan in zo'n peuter van twee of drie?

„Er kan veel misgaan. Kinderen, heel jonge kinderen worden soms verwaarloosd. Ze krijgen dan onvoldoende genegenheid, warmte, veiligheid. Anderen worden mishandeld, verwend of worden niet (be)geleid. Dan worden ze lastig, onaangepast. Kinderen kunnen lijden onder psychiatrische of psychische stoornissen van ouders. Noem maar op. Eigenlijk kan alles misgaan.

Traumatisch
In uw oratie "Kind en psychotrauma " aan de Rijksuniversiteit te Utrecht pleit u er voor in de kinderpsychologie een aantal dingen te veranderen. Komt dat voort uit onvrede over de huidige kwaliteit van de medische zorg?

„Op geen enkele manier. Als het gaat om kwaliteit in het gemiddelde kinderziekenhuis, dan staat Nederland aan de top. Aan de top! Dat ik pleit voor vernieuwing, komt voort uit het gegeven dat onze hele samenleving vernieuwt. Een veranderende maatschappij vraagt een veranderende gezondheidszorg.
Vernieuwing in de medische zorg hangt ook samen met ontwikkelingen in de medische technologie. Als je kijkt wat er tegenwoordig allemaal mogelijk is, dat is soms onvoorstelbaar. Dat moet je gebruiken, daar moet je op inspelen".

U pleit voor een apart traumacentrum voor kinderen. Vanwaar de behoefte?

„We leven een beetje in een geweldscultuur. En het aantal kinderen die als gevolg daarvan sociale en/of psychosociale problemen krijgen, neemt fors toe. Daarop moet je als kinderziekenhuis inspelen. Wat ik beoog, is een soort toevluchtsoord voor kinderen, een vluchtplaats, een vluchtheuvel. In plaats van jonge, getraumatiseerde kinderen het halve land door te slepen, moet je een plaats hebben waar je ze a la minute brengen kunt. Waar adequate zorg plaatsvindt. Er zijn kinderen van twee, drie, vier jaar, die seksueel misbruikt zijn. Nou dan zeg ik: Dat moet medisch èn psychosociaal bekeken worden. Niet dan hier en dan daar. Op dezelfde plek. Bij voorbeeld hier in het WKZ".

Acuut
Een trauma. Hoe ziet zoiets eruit?

„Stelt u zich voor: een ernstig autoongeluk waarbij familieleden overlijden. Of een kind dat ernstig wordt verwond. Een schokkende, acute, overspoelende ervaring die hulpeloos en machteloos maakt en kan leiden tot een situatie waarbij het kind tijdelijk niet meer functioneert. Het gaat om een plotseling iets. Een kind dat ziet hoe zijn moeder wordt verkracht, ook zoiets. Ernstige mishandeling, doodslag, suïcide van een ouder of van een vriendje, ontvoering van een broertje, schokkende zaken die de gewone capaciteit van het kind om zich als mens te handhaven, ontregelt. Het eigen Ik wordt verlamd, belandt in een chaos".

Een acuut, plotseling iets. Een incest die zich jarenlang voortsleept, kan dan niet tot een trauma leiden ?

„Niet zoals u het trauma omschrijft. Als je in dat verband toch van een trauma spreekt, is dat een oneigenlijke betekenis van het woord. Waarmee ik natuurlijk niet zeg dat die jarenlange incest niet tot grote psychische schade kan leiden. Nou en of wel! In mijn trauma-concept leidt incest niet tot een trauma, maar is altijd wel zeer beschadigend. Als er binnen die jarenlange incest zich iets plotselings voordoet, een bijzonder akelige verkrachting, bruut, met groot geweld, met dreiging van leven en dood, die ene gebeurtenis kan wèl tot een trauma leiden. Maar er moet hoe dan ook iets acuuts, iets zeer onverwachts gebeuren. Een verkrachting is wel een traumatische ervaring. Dat gebeurt acuut, onverwacht en plotseling. Maar je moet niet elk steentje op de weg als een trauma gaan zien".

Paniek
Het ene kind zal toch geheel anders op een traumatische gebeurtenis reageren dan het andere?

„Twee kinderen kunnen dezelfde akelige dingen meemaken. De een speelt^ gewoon verder met zijn blokken en autootjes, de ander raakt volslagen in paniek, gaat helemaal de vernieling in. Hij verhest zijnigrip op de buitenwereld, het kind slaapt slecht, krijgt nachtmerries, herinneringsstukken van die ene gebeurtenis komen met een geweldige scherpte terug. Het ene kind raakt in paniek, het andere raakt helemaal verdoofd, het voelt niks meer. Dat is ook heel akelig.

Daar had je weer dat beeld dat het ene kind innerlijk veel weerbaarder is dan het andere kind. Je hebt goede kans dat het kind dat de vernieling in gaat, opgroeit in een gezin waar al allerlei problemen zijn, waar misschien het hele zaakje al is scheef gegroeid. Je moet het kader zien waarin een kind opgroeit. Is er structuur, is er veiligheid, is er warmte? Een kind dat leeft in een gezin waar men om elkaar geeft, heeft meer in te brengen dan een kind uit een gezin waar ze elkaar voortdurend op de tenen trappen".

Centrum
Ben je als ouder in staat om die verschijnselen van paniek of verdoving terug te leiden tot de traumatische gebeurtenis?

„Dat is heel moeilijk. Kinderen vertellen meestal niets over hun paniek, over hun angst. Pas als je door gaat vragen, blijkt dat ze veel meer voelen dan je dacht. Dus, ik zeg altijd: Als je iets schokkends hebt meegemaakt, laat een deskundige dan alsjeblieft even naar je kind kijken".

U pleit voor een kinder-traumacentrum binnen het WKZ. Hoe ziet dat eruit?

„Een paar bedden waar we elke minuut van de dag een kind kunnen opnemen. Het medisch team op die afdeling moet weten waar het mee te maken kan krijgen. Verder denk ik aan een poliklinische voorziening waar mensen snel even een advies kunnen halen. Zo'n traumacentrum is dus een kwestie van uitrusting èn kennis. Een veilige vluchtheuvel voor ouder en kind. Dat is het eigenlijk".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.