+ Meer informatie

Stuwmeer ziekenhuisbouw erg hoog

3 minuten leestijd

UTRECHT Het vervangen van de bouwstop voor ziekenhuizen door een bouwplafond (in 1975 van f500 miljoen) heeft een stroom bouwplannen op gang gebracht. Aanvankelijk was er sprake van een inhaaleffect, maar ook daarna is de tendens van een sprongsgewijze aanmelding van nieuwe bouwinitiatieven bij het College voor ziekenhuisvoorzieningen zich blijven voortzetten. De verwachting is, dat dit beeld in 1976 niet zal veranderen.

Het college zegt dit in zijn jaarverslag over 1975. Daarin constateert het tevens, dat verwezenlijking van maatregelen om de kostenstijging in de gezondheidszorg aan banden te leggen, paradoxaal genoeg een kostenverhogend effect heeft, althans de eerstkomende jaren.

Zo zal de doorvoering van de 4 promille-norm (4 ziekenhuisbedden per 1000 inwoners ofwel inkrimping van het totale beddenbestand van 75.000 tot 55.000) in veel gevallen alleen mogelijk zijn, door twee of meer oude ziekenhuizen te vervangen door éen nieuw met een geringe capaciteit of door ingrijpende verbouwing van een bestaand ziekenhuis. Fusies tussen ziekenhuizen kunnen op den duur leiden tot minder hoge exploitatiekosten. Maar — aldus het College — voorlopig zal de kostenontwikkeling in overeenstemming zijn met het spreekwoord ,,de kost gaat voor de baat uit". Het voegt hieraan toe, dat er een vicieuze cirkel ontstaat als het bouwvolume te weinig ruimte biedt voor de herstructurering van de gezondheidszorg. Want die herstructurering is weer nodig om de kosten niet boven een bepaald percentage van het nationaal inkomen te laten stijgen.

Het afgelopen jaar heeft het college in totaal 401 adviezen verstrekt over concrete bouwinitiatieven. De positieve adviezen beliepen een totaalbedrag van bijna ƒ 711,4 miljoen (1974: ƒ536 min), ƒ214,3 min (ƒ 140,5 min in 1974) voor de sector ziekenhuizen, ƒ321,3 min (ƒ210 min) voor de sector verpleeghuizen ƒ 175,8 min (ƒ 184,9 min) voor de psychiatrische en zwakzinnigeninrichtingen. Verder gaf het College positieve adviezen over een totaalbedrag van'ƒ165,4 min (ƒ43,9 min). Het College analyseerde in 1975 de bestedingsgered? stukken van 82 bouwprojecten (1974: 33), waarmee een investering was gemoeid van ƒ 716,5 min (ƒ 230 min).

Pijplijneffect
Omdat in de eerste fase van een bouwproces maar een klein deel van de bouwkosten wordt besteed, is de voor 1975 beschikbare ƒ 500 miljoen ruimschoots voldoende geweest. Het volume zal ook in 1976 waarschijnlijk toereikend zijn. Maar gezien het grote aantal aanhangige en bekende bouwplannen en het,,pijplijneffect" van in aanbouw genomen projecten, zal de limiet in 1977 en daarna ontoereikend zijn voor het tot uitvoering brengen van alle bouwplannen.

Via het pijplijneffect is al zo'n groot bedrag ,,toebedeeld", dat het College niet ziet hoe het voornemen kan worden verwezenlijkt om de achterstand in de sector psychiatrie in te lopen.

Prioriteiten

Het bouwvolume van ƒ500 miljoen is niet onderverdeeld per voorzieningensector (ziekenhuizen, verpleeghuizen e.d.). Het College pleit in zijn jaarverslag voor een gerichte prioriteitenstelling per sector en per bouwinitiatief. Daarbij zouden vooral die initiatieven moeten worden goedgekeurd die een bijdrage leveren tot de herstructurering van de gezondheidszorg, bijvoorbeeld in de vorm van een vermindering van het aantal bedden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.