+ Meer informatie

Vakbonden hebben verlanglijstje voor 1974 weer klaar

Nadruk op inkomensverdeling

4 minuten leestijd

Het centrale thema van het door de drie vakcentrales (NVV, NKV en CNV) in 1974 te voeren arbeidsvoorwaardenbeleid zal zijn een rechtvaardiger verdeling van inkomen, macht en kennis, zo blijkt uit de woensdagavond definitief door het overlegorgaan van de drie vakcentrales vastgestelde arbeidsvoorwaardenbeleidnota en het urgentieprograni voor 1974. De definitieve tekst werd vastgesteld naar aanleiding van een reeks sinds mei gevoerde gesprekken met de vakbondsachterban. Daarbij is volgens de waarnemend voorzitter van het overlegorgaan, de heer J. Lanser, een grote instemming gebleken met de discussienota.

De vakbonden zijn unaniem bereid binnen de vakbeweging te komen tot een gecoördineerd beleid. Op basis daarvan zal worden geprobeerd tot een centrale overeenkomst te komen met de werkgeversorganisaties. Lukt dat niet, dan blijft- volgens de vakbondsleden toch een intern gecoördineerd beleid wenselijk.

'De concrete inhoud van het arbeidsvoorwaarden-beleid voor 1974 hangt volgens de vakbewegingsnota mede af van de mate, waarin regering en parlement tegemoet komen aan de vakbewegingsverlangens.

Er dient volgens de drie vakcentrales een verbetering te komen van de arbeidsvoorwaarden (dat wil zeggen van lonen en geld kostende secundaire arbeidsvoorwaarden) anders dan uit hoofde van prijscompensatie bij aanvang van het contract plaatsvindt. De drie vakcentrales doelen hierbij op de omvang niet op de wijze, waarop een en ander in de CAO wordt verwerkt.

De omvang van deze verbetering dient volgens de drie vakcentrales te worden vastgesteld op grondslag van de te verwachten stijging van de macroeconomische arbeidsproduktiviteit. De waarnemend voorzitter van het NVV, de heer A. de Boon, zei op een persconferentie dat hierover nog beraad nodig is in de Stichting van Arbeid. De daaruit voortvloeiende reële verbetering kan lager zijn naarmate van overheidswege meer wordt tegemoet gekomen aan de in het urgentie-programma van de vakcentrales opgenomen verlangens, aan de financiering, waarvan ook de werknemers via de belastingen zullen moeten bijdragen. Ook het prijsbeleid dient in dit kader een duidelijke rol te vervullen.

Ter compensatie van de prijsstijging dient volgens NW, NKV en CNV de loonsom voor alle werknemers samen te worden verhoogd met hetzelfde percentage als de stijging van de prijsindex voor de gezinsconsumptie.

Ointrent de omvang van de verbetering van de arbeidsvoorwaarden anders dan door prijscompensatie zal in beginsel per CAO worden bepaald op welke wijze deze wordt geconcretiseerd. In het kader van het streven naar een rechtvaardige inkomensverdeling verdienen volgens de vakcentrales de laagst betaalden evenwel bijzondere aandacht. Om die reden wordt aanbevolen per CAO een beleid te volgen, waarbij de helft van de verbetering in centen wordt gegeven.

MINIMUM PRIJSCOMPENSATIE
De drie vakcentrales menen, dat een minimum prijscompensatie van ƒ 160,per procent-prijsstijging dient te worden gegeven bij volledige dienstbetrekking voor volwassen werknemers en zonder differentiatie per bedrijfstak. Om de extra loonkosten hiervan op te vangen is macro-economisch een voor alle CAO's gelijke degressieve compensatie per procent prijsstijging volgens een nader te bepalen afbouwschema noodzakelijk. De in principe in het centraal akkoord van 1973 reeds overeengekomen etapp\e-gewijze ontwikkeling met de arbeidstijd en vakantie, die moet leiden tot een 40-urige arbeidsweek en een basisvakantie van 20 dagen in 1975 moet bij de onderhandelingen 1974 worden geregeld.

Er dient volgens de vakcentrales voorts een uitbreiding van de werkingssfeer van de CAO plaats te vinden tot alle werknemers, waardoor de mogelijkheid om tot éen algeheel inkomensbeleid te komen, wordt vergroot en tevens de rechtszekerheid voor deze groepen kan worden vergroot. De vakcentrales pleiten in hun nota voorts voor door de overheid te maken concrete afspraken met de beoefenaars van vrije beroepen en daarmee vergelijkbare inkomensgroepen over hun toelaatbare inkomensstijging. De prijsvorming in 1974 willen de vakcentrales aan stringente regels laten binden. In geen geval mogen de prijsaanpassingen op de binnenlandse markt leiden tot een verhoging van de gemiddelde winst per eenheid-produkt. Als dat nodig is zal het bedrijfsleven zulks moeten aantonen.

WERKENDE JONGEREN

Nieuw in de arbeidsvoorwaarden is een reeks verlangens met betrekking tot de werkende jongeren. Het urgentie-program van de drie vakcentrales vermeldt aan nieuwe verlangens, onder meer een beleidsplan voor klassegrootte van 24 leerlingen tot plus minus acht iaar en 30 voor oudere leerlingen, instelling van een commissie, die voorstellen doet om de chaotische situatie op het terrein van de leermiddelenvoorziening te verbeteren en verspilling tegen te gaan, afschaffing van het schoolgeld voor kleuters, een integrale aanpassing van het stakingsrecht met inbegrip van het overheidspersoneel (binnenkort volgt daarover een gesprek met de regering), gedingen inzake stakingen dienen te worden gecentraliseerd bij een kamer van een van de gerechtshoven en het wetsontwerp over het stakingsrecht dient te worden beperkt tot opschorting van de arbeidsverplichting bij deelneming aan een georganiseerde staking.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.