+ Meer informatie

EEN APOSTOLAIRE KERK?

3 minuten leestijd

De hersteld hervormde predikant (met christelijke gereformeerde wortels) Van Kooten schreef een lijvig boekwerk, waarmee hij de titel van doctor in de theologie verwierf. Een meer dan verdiende kroon op jarenlange noeste arbeid, naast alle andere werk waartoe hij zich plaatselijk en landelijk geroepen weet. Jammer dat de titel van het boek zó lang is, dat deze feitelijk een ondertitel zou moeten zijn. Ik veroorloofde mij een alternatief voorstel met vraagteken in de titel van dit Profiel. Met opzet, want volgens mij is het inderdaad de vraag van het boek: is het de Nederlandse Hervormde Kerk (NHK) gelukt om de apostolaatsgedachte door te trekken, plaatselijk en landelijk (waarbij de aangenomen kerkorde uiteraard een belangrijke functie zou vervullen)? Het is de vraag van de schrijver, en hij beantwoordt hem negatief. Ik val hem daarin bij. En hij laat ook aan de hand van bronnenonderzoek zien hoe dat komt: er is nagelaten om dit centrale begrip nauwkeurig principieel te omschrijven en op die basis verder te werken.

Daarmee zitten we in het hart van de onderzochte kwestie. Al in 1940 begint in de (toenmalige) NHK het besef post te vatten dat een radicale koerswijziging nodig is. Wat wil de kerk in de wereld? Het is haar roeping getuige van Christus te zijn en zo zal zij kerk voor haar leden én voor het volk (‘volkskerk’) zijn. Die roeping dient weer beseft te worden, want er sprake van ‘verstening’ (blz. 67). Oorlogsjaren volgen... maar daarna wordt de uitgezette draad met kracht uitgesponnen: de kerk komt uit ‘130 jaar ballingschap’, en bevrijdt zich van het Algemeen Reglement van 1816; zo wil zij van bestuurskerk weer belijdende kerk worden, tot uitdrukking gebracht in haar kerkorde. Zo komt zij ‘in beweging’ (vgl. de titel van het boek).

In de jaren ‘50 wordt dit dan uitgewerkt in een nieuwe kerkorde. En daar gaat het in de loop van de jaren mis, volgens de schrijver: het ene woord apostolaat wordt verschillend uitgelegd; er komen meerdere interpretaties en een heldere keuze ontbreekt. Daardoor ontstaat verwarring, en uiteindelijk (samengevat)... toch weer onbeweeglijkheid. De bedoeling was goed, maar het ideaal van een belijdende volkskerk ontstond niet.

Zo tot zover de lijn van het proefschrift. Voor zover ik kan nagaan is dit alles correct. Er blijft alleen een brandende vraag over: stel nu, dat het begrip apostolaat wél goed was doorgespit en de Bijbelse betekenis ervan was vastgelegd in de kerkorde, en zo het begrip volkskerk was geworden tot wat o.a. dr. ir. J. van der Graaf vandaag nog steeds beoogt (zie zijn vorig jaar verschenen Volkskerk in de marge), had dat dan geholpen? We zullen het nooit weten, maar het is te betwijfelen. Op blz. 172 leest men (we schrijven 1944): ‘Vrijzinnigen zijn bang voor tucht, rechtzinnigen bezorgd over het belijdend gehalte van een nieuwe kerkorde.’ Zit daar en toen al niet de wortel van het probleem? Zou dat ook de terughoudendheid van ‘doorspitten’ kunnen verklaren - een machteloze kerk door dreigende scheuring?

n.a.v. R. van Kooten, Hoe een apostolaire bewogenheid een onbeweegbare kerk in beweging bracht. Onderzoek naar de oorsprong en bedoelingen van hoofdthema’s van de kerkorde van 1951, Uitg. De Banier, Apeldoorn 2013, 685 blz., € 39,95.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.