+ Meer informatie

Het machtsspel kan nu beginnen

Het Verre Oosten

4 minuten leestijd

De wapenstilstand in Vietnam is „de eerste stap op weg naar de vrede (volgens Nixon), „het begin van een nieuwe fase in de strijd die net zo hard en gevaarlijk zal zijn als de militaire fase" (volgens Thieu). Het is duidelijk dat niemand de uiteindelijke vorm van een politieke regeling in Vietnam kent en dat de betrokken partyen door zullen gaan hun visie te realiseren. Voor Khmerland en Laos is er geen garantie dat een overeenkomst tot stand kan worden gebracht, de toekomst van Thailand is bijna geheel onvoorstelbaar, zo schrift C. Smith in de Times. 

De toekomst van Zuidoost-Azië is onzeker, alleen reeds door het feit dat Amerika niet langer bij machte is de vrede in Indo-China op te leggen omdat teveel andere mogendheden in de regio betrokken zijn. Zo zal, nu de oorlog voorbij is, de rivaliteit tussen Rusland en China een steeds belangrijker factor in het gebied worden. Op het Zuidaziatisch continent was dat al het geval; het enige verschil met Indo-China is dat Rusland en China daar althans uiterlijk dezelfde zaak steunden. Nu hun gezamenlijke vijand verdwenen is, zullen zij bitterder dan ooit tegenover elkaar staan."

Tijdens de Vietnamese oorlog probeerden Rusland en China elk voor zich de voornaamste bondgenoot van Hanoi te zijn, de Russen vooral door het zenden van zwaardere wapens, de Chinezen door het zenden van kleinere wapens en voedsel en waar mogelijk door een discrete obstructie van de Russische hulp. Het was geen toeval dat de Chinezen de Oosteuropese wapentransporten wel over hun territoir lieten gaan toen de Noordvietnamese havens geblokkeerd werden, terwijl zulks voor de Russische zendingen niet werd toegestaan. Ook is het geen toeval dat de Russen en Chinezen op detailpunten verschillende posities hebben ingenomen tijdens de oorlog. Het klassieke voorbeeld is de Russische erkenning in 1970 van het Lon Nol-regime, terwijl China zich achter de verdreven prins Sihanouk stelde.

De Russen zullen nu bijna zeker proberen de leidende rol van Amerika in Zuidoost-Azië over te nemen. Voorbereidingen daartoe zijn o.a. getroffen door de Brezjnew-doctrine van de ,,collectieve veiligheid" die de Zuidoostaziatische staten door defensie-verdragen aan Moskou moet binden zoals met India gebeurd is. Anderzijds zullen de Chinezen in het einde van de oorlog een kans zien om de onevenwichtigheid in de invloed die veroorzaakt werd door de grote Russische militaire hulp, recht te zetten. Zowel Rusland als China kunnen gelijk hebben bij de visie op hun kansen. Voor beide wordt de situatie gecompliceerd door het feit dat Zuidoost-Azië een eigen wil heeft en door de waarschijnlijkheid dat ook andere landen sterk betrokken blijven bij de ontwikkelingen in het gebied. 

LEIDER

Moskou heeft het nadeel van zeer lange communicatielijnen (over zee via Wladiwostok zolang het Suez-kanaal gesloten is) en van gebrek aan ervaring bij het optreden tegen gevoelige Aziatische regeringen. Rusland ontplooit langs de Oostaziatische kust en op de Indische Oceaan een grote maritieme activiteit, maar de geloofwaardigheid van de Russische macht op dit gebied wordt aangetast door de kwetsbaarheid van de Russische positie in Oost-Siberië, niet in de laatste plaats door het risico van een grensconflict met China. Het Russische imago in Zuidoost-Azië is niet bijzonder attractief.

China heeft met slechts drie van de tien Zuidoostaziatische staten diplomatieke betrekkingen: Birma, Laos en Noord-Vietnam. En de andere staten in de regio hebben weinig haast zich daarbij te voegen, zelfs Maleisië, dat toch een dialoog met Peking voert.

NADEEL

Noch de Sowjet-Unie noch China is in een positie Zuidoost-Azië tot een exclusieve invloedssfeer te maken, en met zijn luchtmachtbases in Thailand, daaruit volgt dat ook andere landen er een rol te spelen hebben. Hier komen de Verenigde Staten en Japan in beeld. Militair blijft Amerika vooral present economisch blijven de Amerikaanse investeringen van vitaal belang. Voor Japan belooft Azië een steeds belangrijker markt voor industriële goederen en een steeds vitaler bron voor grondstoffen te worden. Maar militair of in strategische termen is het niet waarschijnlijk dat Washington of Tokio de kans tot regionale suprematie krijgt; maar wel kunnen ze de kans hebben de Chinees-Russische rivaliteit te verzachten en een machtsevenwicht in het gebied te bevorderen.

EXCLUSIEF

Japans voornaamste troefkaart In dit Aziatisch machtsspel is de hulp die het kan verlenen bij de economische ontwikkeling van ofwel China, ofwel Rusland, ofwel beide, door handel, investeringen en technische adviezen. Als Japan zijn kaarten goed speelt kan het het initiatief houden zowel tegenover de Sowjet-Unie als tegenover China, beide staten voorhoudend dat het een tegenwicht kan zijn tegen de macht van de ander om zodoende een stabiele balans te bevorderen.

Wat Amerika betreft ligt de sleutel in de Chinees-Amerikaanse betrekkingen. Volgens het Peking-communiqué kan Nixon nu beginnen troepen van Talwan terug te trekken („as tension in the area subsides"). Men kan alleen maar raden naar de uiteindelijke regeling van de Taiwankwestie en de manier waarop de Chinees-Amerikaanse betrekkingen worden genormaliseerd. Men kan zich gemakkelijk voorstellen dat China over alles wil onderhandelen behalve over de wettelijke status van Taiwan en dat Washington op dat gebied terughoudend is uit vrees voor de beschuldiging dat men de Nationalistische bondgenoten heeft laten vallen. Maar een belangrijk punt is dat een regeling bereikt moet worden als Amerika zijn deel wil hebben in het verzekeren van een stabiel machtsevenwicht in Oost-Azië.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.