+ Meer informatie

Architecten redden oude vlasschuur van de ondergang

6 minuten leestijd

„Helaas zijn er in de laatste jaren veel oude landbouwschuren afgebroken. Hier en daar zie je er nog een staan, al dan niet in gebruik bij een agrarisch bedrijf. Het zijn in de dorpen vaak markante punten, sfeer- en beeldbepalend. Vanwege gewijzigde agrarische bedrijfsvoering zijn veel van deze landbouwschuren overbodig geworden, waarna maar al te vaak werd besloten ze te slopen". Architect M. A. Ros zegt deze woorden, staande op de hoek van Marktveld en Middelstraat in Nieuw-Beijerland, naast een oude vlasschuur, die omgetoverd is tot een modern architectenbureau.

„Deze houten vlasschuur staat hier al sinds de achttiende eeuw en werd tot na de oorlogsjaren ook daadwerkelijk als vlasschuur gebruikt. Hoofdzakelijk gebruikt voor vlasopslag (vandaar de hoge luiken), maar ook werd het vlas gedeeltelijk tuerin verwerkt (vandaar de lage, kleine ramen). De laatste jaren werd deze schuur uitsluitend nog gebruikt voor opslag van enkele landbouwwerktuigen maar onderhoud werd er niet meer aan gepleegd. Het was een opvallend doods punt op deze hoek, een verwaarloosde houten schuur, allemaal dichtgespijkerde luiken en geen aciviteiten", zegt Ros, „maar nu is het in het dorp een meer aantrekkelijke situatie geworden. Er valt iets te zien en het gebouw is niet meer bouwvallig en verwaarloosd".

"Landelijke bouwkunst"

Sinds februari van dit jaar is in de voormalige vlasschuur het architectenbureau C. J. Roos en M. A. Ros gevestigd. In diezelfde maand was er een drukbezocht „open huis (schuur)". Het kantoor was voorheen onderbracht in een woonhuis, maar vanwege ruimtegebrek moest worden omgezien naar een werd gedacht aan nieuwbouw, maar op een bepaald moment viel het oog op deze schuur, waarna spoedig tot aankoop kon worden overgegaan. Ros vertelt hoe de beide architecten ertoe gekomen zijn deze behuizing te kiezen. ,,Deze schuren behoren naar onze mening tot de „landelijke bouwkunst". Helaas zijn ze nooit wettelijk beschermd omdat ze meestal niet tot de echte monumenten behoren, in de zin van de Monumentenwet of in het kader van een beschermd dorpsgezicht. Toch zijn ze belangrijk, want ze zijn in menige situatie beeldbepalend. Het is te betreuren dat ze meestal niet meer voor de oorspronkelijke functie gebruikt worden. Maar al zijn ze dan niet meer voor het originele doel bruikbaar, dan betekent dat zeker niet dat dan zomaar besloten moet worden om tot afbraak over te gaan. Integendeel. In de meeste gevallen zal een alternatief gebruik mogelijk blijken te zijn. Vanuit deze overtuiging hebben wij geprobeerd te bewijzen dat door een deskundige restauratie en een weloverwogen verbouwing het mogelijk is een nieuwe functie, een nieuwe bestemming te geven, terwijl het oorspronkelijke karakter gehandhaafd blijft".

Vakmanschap

Aan de hand van enkele foto's vertelt Ros van de'situatie van de schuur zoals deze was vóór de restauratie: „Het rietendak zat vol gaten, terwijl de westgevel volledig verrot was. Ook alle wanden zaten vol met gaten en enkele houten spanten waren verzakt, sommige 30 cm. Nadat we een bouwvergunning hadden gekregen, zijn we in februari 1980 met het restauratiewerk begonnen".

,,Helaas gaan veel oude restauratietechnieken steeds meer verloren, maar wij hebben gelukkig een echte vakman gevonden, die wij dit werk in handen konden geven. Uitvoerder De Recht heeft aangetoond dat je met goed vakmanschap veel kunt bereiken. Ook is bij deze gelegenheid vakkennis overgedragen op jongere vakmensen. Bij de restauratiewerkzaamheden is bijzonder veel werk verricht. Een nieuwe fundering van gewapend beton, enkele spanten zijn vernieuwd, de overige spanten zijn gerepareerd en soms wel 30 cm. opgevijzeld, de kap en het rieten dak werden opgeknapt. Achter de luiken zijn ramen aangebracht en de inrijdeuren zijn vervangen door grote, veel licht doorlatende ruiten. Een gedeelte van de schuur, bij de westgevel, is geheel vernieuwd". De heer Ros wijs op de omgekeerde melkpan, waamee het einde van de nok werd afgedekt. „Deze werkwijze is uitsluitend in deze streek te vinden. Op de Veluwe of in Twente zijn weer andere karakteristieke methoden om het uiteinde van de nok (het moeilijkste punt) af te sluiten".

Modern interieur

Tijdens de restauratiewerkzaamheden vroegen veel omstanders zich af waar de architecten toch mee bezig waren. „Velen konden niet geloven dat van zo'n oude schuur nog iets zinvols gemaakt kon worden", zegt de heer Ros, die nog opmerkt dan iemand aan hem vroeg wanneer die zwarte planken weggehaald zouden worden. Hij dacht dat we binnen bezig waren met iets totaal anders tot stand te brepgen. Toen de restauratie eereed was, zeiden de menisen die eerst hun hoofd geschud hadden: :,,We wisten niet dat dit mogelijk was". Er is inderdaad meer mogelijk dan de meeste mensen denken". Die laatste woorden worden goed onderstreept door het moderne interieur van de voormalige vlasschuur te bekijken. Mooie witte wanden, met daartegen zich aftekenende zwarte spanten en balken. Moderne meubels, hardglazen deuren, eigentijdse vormgeving in een eeuwenoude omgeving. Een grote lichtinval, die onontbeerlijk is voor de tekenaars achter hun tekentafels en bureaus. Aan de wanden hangen schilderijen en aquarellen van Arie van der Spek, terwijl ook foto's van de oude situatie opgehangen zijn.

Breed werkterrein

Het architectenbureau Roos en Ros is werkzaam op een breed terrein. Men houdt zich bezig met woning- en scholenbouw, bedrijfsgebouwen, renovatie- en restauratiewerk en het aangepast bouwen van huizen in gevoelige stadsen dorpsgezichten. Ook heeft men activiteiten verricht op het gebied van energiebewust bouwen. Behalve twee architecten zijn er nog vier medewerkers die de plannen mee helpen uitwerken. Het werkterrein ligt voor een groot deel in de regio Zuidwest-Nederland, maar ook daarbuiten worden opdrachten uitgevoerd.

Ros vertelt dat het eerste werk van de heer Roos is geweest de Oud Gereformeerde Kerk te Hendrik-Ido-Ambacht in 1953. Sindsdien zijn veel bouwwerken gerealiseerd, variërend van winkelpand tot bedrijfsgebouw, van dakkapel tot woning en van school tot kerk, waarbij steeds geprobeerd werd om de opdrachtgevers een optimaal bouwwerk te bezorgen. Ros zegt dat zij er plezier in hebben („een soort hobby") om de opdrachtgevers ideeën aan de hand te doen, die een object een eigen karakter geven of laten behouden.

Tijdens het gesprek komt de heer Ros met een bijzonder verhaal tevoorschijn. Hij heeft een ,,Kerkhistorische kroniek" van Nieuw-Beijerland bij de hand en leest daaruit het een en ander voor. Het blijkt dat ds. L. G. C. Ledeboer omstreeks 1862 in Nieuw-Beijerland een Gereformeerde Gemeente ingesteld heeft. Na controversen tussen ds. P. van Dijke te Sint-Philipsland en lerend-ouderhng D. Bakker te 's-Gravenpolder, ontstond er een scheuring van de ,,Ledeboeriaanse" gemeenten in ,,Van Dijkianen" en ,,Bakkerianen". In 1865 werd Bakker predikant in onder meer Nieuw-Beijerland. Bij de feestviering ter gelegenheid van de 50-jarige onafhankelijkheidsherdenking in 1863 was het er in dit plaatsje rumoerig toegegaan. Bakker preekte in die dagen daar eens en profeteerde dat God een bezoeking zou geven, waardoor men vanwege Zijn oordelen onherkenbaar zou worden voor zijn naasten, evenals men zich nu door allerlei verkleding onherkenbaar had gemaakt. Het jaar 1866 brach Nieuw-Beijerland de verschrikkelijke ziekte cholera, die de aangetaste mensen onherkenbaar maakt voor familie en huisgenoten. Ds. Bakker kwam zijn kudde troosten temidden van de bezoekingen en sprak elke avond in een grote schuur, waar zowel armen als rijken samenkwamen die anders met deze samenkomsten de spot dreven. Er werdt toen zelfs gesproken van een Ninevitische Bekering.

Ds. Bakker bleef net zo lang totdat hij in een lichte graad werd aangetast en naar 's-Gravenpolder moest terugkeren. Wat is er nu zo bijzonder aan dit verhaal? Ros: „Die schuur waar ds. Bakker sprak en waarin veel kerkdiensten gehouden werden blijkt deze schuur geweest te zijn!"

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.