+ Meer informatie

Gewijde Geschiedenis O.T.

2 minuten leestijd

(Gen. 24-25-26).

Izak.

De opdracht van Abraham aan Eliëzer. Het huwelijk van Izak. Izak als drager der belofte. Izak in zijn zwakheid.

Izak, de zoon der belofte, wiens zaad zich vermenigvuldigen zou, was op veertigjarige leeftijd nog ongehuwd.

Hij heeft voor de vervulling der belofte een vrouw nodig. Als hoofd van het geslacht heeft Abraham zorg voor het huwelijk van zijn zoon.

Abraham geeft aan zijn knecht, de oudste van zijn huis, last om voor Izak een vrouw te zoeken. Een Kananitische mag het niet zijn.

Het moet een vrouw uit Abrahams maagschap zijn. Abraham wil niet terugkeren naar het land waaruit de Heere hem heeft doen uitgaan. Ook wil Abraham niet, dat zijn zoon er zal heengaan.

Abraham gelooft, dat God de opdracht aan zgn knecht met voorspoed zal kronen.

Ge weet wat er bij de waterfontein is geschied, en hoe de Heere alles wonderlijk heeft bestuurd.

Abrahams knecht komt in het huis van Laban, en kwijt zich daar van zijn taak.

De ganse familie moet erkennen, dat deze zaak van de Heere is, en dat Rebekka de aangewezen vrouw voor Izak is.-

Rijke geschenken biedt daarop de knecht Izaks bruid aan.

Ook geeft hij aan de familie geschenken.

Spoedig wil Eliëzer vertrekken waarin Rebekka toestemt.

Debora haar voedster en haar dienstmaagden trekken mede op.

Izak heeft biddend gewacht en straks zijn vrouw met blijdschap aanvaard.

Izak is drager van de Verbondsbelofte.

Rebekka is echter onvruchtbaar en als zij bijna twintig jaar getrouwd zijn is er nog geen kind.

In tegenwoordigheid van zijn vrouw bid Izak om de huwelijkszegen.

Wegens honger moet Izak zijn woonplaats verwisselen met Gerar.

Het verblijf te Gerar werpt een smet op Izaks leven.

Door vrees gedreven, liegt hij, zeggende, dat zijn vrouw zijn zuster is.

Niettegenstaande Izaks zonde zegent de Heere hem. God maakt hem groot en rijk, zodat zelfs de koning van dat land zijn macht begon te vrezen.

Volgens hoofdstuk 26 vernieuwt de Heere de belofte, zodat Rebekka tweelingen ter wereld brengt.

Over die tweelingen een volgend maal.

De Heere trekt de gouden draad door in de lijn der geslachten.

Hij is de God van Abraham, Izak en Jakob.

Zalig de mens, die de Godi Jakobs tot zijn hulpe heeft, die in de voetstappen van Abraham mag wandelen en die met de vreze Gods als Izak is vervuld, ja die mag instemmen met de dichter:

Deze God'is onze God, - Hij is ons deel, ons zaligst lot Door tijd noch eeuwigheid te scheiden, Ter dood toe zal Hij ons geleiden.

Bronnen:

Henry.

Dachsel.

Sillevis Smit.

Stock.

Ds. A. DE BLOOIS.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.