Bekijk het origineel

Aanteekening op Romeinen 15: 1—7,

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Aanteekening op Romeinen 15: 1—7,

5 minuten leestijd

Vers 1. „Maar w i j , die s t e r k z i j n , z i j n s c h u l d ig d e z w a k h e d e n der o n s t e r k e n te d r a g e n , en n i et o n s z e l v e n te b e h a g e n " „Sterk zijn", d. i. die ons daarvoor houden. — „Der onsterken", — die menigmaal eenen mistred doen. — „Dragen", met alle geduld. Gen 33: 14.— i „Onszelven behagen", alsof wij in onszelven zulk eene gebrekkelijkheid niet kenden en alsof wij sterk en vroom waren.
Vers 2. „ D a t d a n een i e g e l i j k v a n o n s z i j n e n n a a s te b e h a g e ten goede, tot s t i c h t i n g . " Er ligt eene be lofte in deze woorden: dat uwe lijdzaamheid hare vrucht dragen zal bij den naaste, die zwak is.
Vers 3. „ W a n t ook C h r i s t u s heeft Z i c h z e l v en n i e t b e h a a g d , maar g e l i j k g e s c h r e v e n is: De smad i n g e n d e r g e n e n , die U s m a d e n , z i j n op Mij gev a l l e n " . Het schaadt u dienvolgens niet, maar dat zal uw troost zijn, wanneer gij er om gesmaad en miskend wordt van de zijde dergenen, die zich sterk wanen, als waart gij een vriend van hoeren en tollenaars, dewijl gij de gebrekkigheid der zwakken draagt „U smaden", — dewijl Gij zoo genadig en barmhartig zijt. „Op Mij", — draagt dat Christus na, zoo treedt gij in Zijne voetstappen en wordt Zijnen dood gelijkvormig.
Vers 4. „ W a n t al wat te v o r e n g e s c h r e v e n is, d a t is tot o n z e l e e r i n g te v o re n ge s c h r e v e n ; o p d a t w i j , door l i j d z a a m h e i d en v e r t r o o s t i n g der Schriften, hoop h e b b e n zouden". — „Tot onze leering", — opdat wij alzoo doen. — „Lijdzaamheid", — deze mocht anders ophouden. — „Vertroosting'', — tegenover degenen, die u miskennen. — „Hoop", — Ps. 126: 5 en tJ.
Vers 5. „Doch de God der l i j d z a a m h e i d en der v e r t r o o s t i n g geve u , d a t gij e e n s g e z i n d z i j t onder e l k a n d e r n a a r C h r i s t u s J e s u s . " — „God" der lijdzaamheid", — Die de lijdzaamheid werkt, onderhoudt en kroont, de vertroosting doet smaken en het ook na zulk eene vertroosting komen laat. Jes. 3 4 : 6 ; 4 0 : 3 1 ; 42 : 19—21 ; 50; 55 : 11; i Jer. 12:5. — „Eensgezind onder elkander", — om elkander de schulden wedeikeerig te vergeven en barmhartigheid te oefenen en te verdragen. — „Naar Jesus Christus": Joh. 1 5 : 1 2 ; 13 : 14.
Vers 6. „Opdat gij e e n d r a c h t e l i j k , met éénen mond, moogt v e r h e e r l i j k e n den God en V a d e r van o n z e n Heere J e s u s C h r i s t u s . " — „Eendrachtelijk": Ps. 133. — „Met éénen mond"; do tollenaar prees God met eenen ! anderen mond dan de Farizeër. Luk. 15. — „Den God en Vader", — Hij zou niet onze God en Vader zijn, indien het niet zoo ware, indien niet de Zoon Gods onze Broeder had willen worden, Hij, Die ons zondaren zoo zeer heeft liefgehad.
Vers 7. „Daarom neemt e l k a n d e r aan, g e l i jk ook C h r i s t u s ons a a n g e n o m e n h e e f t , tot de heerl i j k h e i d Gods." — „Tot de heerlijkheid Gods", tot heerlijkheid Zijner vrije genade en eeuwige ontferming. Joh. 3:16.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 12 mei 1895

Amsterdamsch Zondagsblad | 7 Pagina's

Aanteekening op Romeinen 15: 1—7,

Bekijk de hele uitgave van zondag 12 mei 1895

Amsterdamsch Zondagsblad | 7 Pagina's

PDF Bekijken