Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Eenige grondwaarheden van den Christelijken Godsdienst - pagina 18

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Eenige grondwaarheden van den Christelijken Godsdienst - pagina 18

2 minuten leestijd

VOORBEREIDENDE GENADE.

8 niet ja

zaligmakend

geheel

zijn,

maar dikwerf overgaan en verdwijnen,

uitgebluscht

worden, door de vijandschap van

den wederspannigen en vijandigen wil, en dat zij gemeen aan sommige verworpelingen zoowel als aan vele uitverkorenen, die tot jaren van onderscheid komen nochthans gelooven wij heiliglijk, dat gelijk God een bijzondere bestiering en beöoging heeft in Zijne geheele voorzienigheid omtrent de uitverkorenen, zoowel vóór als na de bekeering, Hij hen ook met een oogmerk onder deze tucht van de zijn

;

Wet stelt, om hen daarvoor te doen vallen, en om hen ten onder te brengen al de hoogten van eigen werk, die zich tegen de vrije genade verheffen, en om Zijnen weg voor Christus en de vrije genade te banen, zoodat de Heiland, als Hij hen levend maakt, hen gestaltelijk dood bij zich zelven vindt; de dingen die hun gewin waren, schade en drek achtende, en onder een gevoel, dat zij zoo geheel dood zijn, dat als de zaligheid om een zucht, of zooveel als een schrapsel van een nagel moest bekomen worden, zij dan eeuwig zouden moeten verloren gaan. Of er nu, boven en behalve het gezegde, eenig inwendig onderscheid bestaat, tusschen de dingen, die de levendmaking voorafgaan, zooals de verworpelingen en de uitverkorenen beiden deelachtig worden, is eene vraag van gewicht. Wij kunnen er veilig op zeggen: V\ Dat terwijl ze aan de verworpehngen gegeven worden uit Gods rechterlijken toorn, ze den uitverkorenen gegeven worden uit Gods liefde, als een God, die met hen, schoon vijanden zijnde, verzoend is. 2^. Dat God een bijzonder oog op hen in dezen houdt, zoodat zij van God bijgestaan en bewaard worden voor de groote uitersten van de diepste wanhoop en het gaan tot den strop met Judas. 3. Dat God de maat en trap wijselijk bepaalt, gevende den eenen meer en den anderen minder van deze verschrikking, dewijl Hij het beste weet, wat voor een ieder, naar zijne omstandigheden en gesteldheden des lichaams, noodig is. 4". Dat Hij, hoe lang of kort zij duren, en hoe groot of klein de trap van de beroeringen zijn moge, evenwel een ieder Zijner uitverkorenen daardoor zoo in den dood doet vallen, vurige in

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1906

Abraham Kuyper Collection | 324 Pagina's

Eenige grondwaarheden van den Christelijken Godsdienst - pagina 18

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1906

Abraham Kuyper Collection | 324 Pagina's

PDF Bekijken