Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Honig uit den rotssteen - pagina 33

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Honig uit den rotssteen - pagina 33

2 minuten leestijd

:

:

!

19

En die tegenheden Gods tegeu ons zijn dan altijd voorafgegaan, door andere tegenheden, die wij tegen God hadden bestaan. Hoor mij, om u te overtuigen wat de Heere in het prachtige 26e kapittel van Leviticus aan Israël, met zoo klimmenden ernst en al ontzaglijker aandrang door zijn knecht Mozes op het harte bindt, als het daar heet, eerst in vs. 31 „En zoo gij met Mij wandelen zult in tegenheid en Mij niet zult hooren, zoo zal Ik over u, naar uwe zonden, zevenvoudig slagen !" toedoen Dan nog scherper in vs. 33 „En indien gij nog door deze dingen Mij niet getuchtigd zult zijn, maar met Mij in tegenheid wandelen, zoo zal Ik ook met u in tegenheid wandelen, en Ik zal u ook zevenvoudig over uwe zonden slaan." En eindelijk het allerstrengst in vs. 37 „En als gij ook hierom Mij niet zult hooren, maar met Mij wandelen zult in tegenheid, zoo zal Ik ook met u in heetgrimtnige tegenheid wandelen, en Ik zal u ook' zevenvoudig over uwe zonden tuchtigen!" Merk op dit worstelen van God met zijn schepsel, mijn broeder Niet alsof het hier een worstelen van den Almachtige met de hoovaardij der Faraonen gold. Neen, er is hier niet van vijanden Gods, niet van de goddeo, loozen, niet van de kinderen des verderfs sprake. tegen de Deze worsteling gaat uit tegen 's Heeren eigen volk kinderen des Koninkrijks; tegen de deelgenooten des Verbonds. Het is „de wrake des Verbonds, die Ik wreken zal," spreekt de :

;

Heilige Israëls.

En daarom een toornen Gods, als waartoe geen Earao Hem verwekken, geen Belsazar den Heilige prikkelen kan, maar die dan alleen ontbrandt, als er in den Ontfermer beleedigde liefde, gehoonde barmhartigheid, een met voeten vertreden mededoogen om voldoening schreit. Een toorn, die dan ook nog schrikkelijker toornt, dan de verbolgenheid, waaronder Farao bezwijkt, maar die hierin toch weer ganschelijk van den oerdervenden toorn onderscheiden is, dat het einde van deze tegenheid Gods tegen zijn volk altijd weer in een „gedenken des Verbonds" uitloopt en eindigt met het gekastijde volk weer teeder aan de ziel te maken en te doen jubelen in de ervaring van Gods liefde.

dus de Christen, die zich inbeeldt, dat alle kasdraagt, hetzij dan van „geloofsbcproeving," hetzij van een „lijden met Christus," om te wassen in Plem, en alsof nog van „een strijden Gods tegen ons," te spreken Zeer

tijding

vergist

zich

Gods uitsluitend het karakter

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 330 Pagina's

Honig uit den rotssteen - pagina 33

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 330 Pagina's

PDF Bekijken