Bekijk het origineel

Antirevolutionaire Staatkunde - pagina 509

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Antirevolutionaire Staatkunde - pagina 509

met nadere toelichting op Ons program. Eerste deel. De beginselen.

2 minuten leestijd

GRAADVERSCHIL.

EERBIEDIGING VAN HET GODDELIJK GEZAG. 501

-

anders daarentegen komt

Geheel

algemeenen toestand gradueel

dreigde

de

op het eind

toen

beslag

op het eind der 19e eeuw.

en dat

bij

rees

In

en

over

strijd

Almachtige

de

Paus

en

den

tot

den Keizer

God

Tusschen

van het ge-

ging steeds

in

de eerste rekenen

viel te

slechts als organisch

of

;

de Welfen en Ghibelijnen

waarop de Staat

wijze

zou

Gods macht en gezag rekenen

God Almachtig

den

Hierin lag voor alle Staatsrecht en Staatkunde

uitgangspunt.

regelen

dit

Staatkundig terrein

macht en gezag

alle

den Staatsbouw de mensch onder

beginsel

in

deze drie slechts

woord kwamen, en kreeg zijn de Middeleeuwen was het de

het

ook op

dat

de Bron van

als

instrument dienst deed. het

aan

Naturalisten

overtuiging,

met God

plaats

dat

Middeleeuwen,

der

verder

algemeene

maakt

die

waarop men dusver saam bouwde.

Staatsfundament,

reeds

zoo er een keer

staan,

te

't

grijpt,

partijen voor een deel afschuiven

verschillende

meenschappelijk Dit

plaats

tot

den

hier de Staatsman uit eigen hoofde

met

zijn

verhouding

zou, dan wel of de verhouding tusschen

en de Overheidsmacht op aarde over de Bisschoppen liep.

als

Ook de verhouding van de

afzonderlijke volken

Römischen Kaiser, die zich voelde

als

de gekerstende,

maar toch altoos wettige opvolger van de Caesars, mocht twist opwerpen, maar over het fundament rees daarbij geen verschil.

waarop

zelf

het

in

verbinding van mensch

de

rustte,

Zelfs toen op het natuurrecht meer nadruk

werd gelegd, beschouwde men aanvankelijk toch en

Staatsgebouw

een product van Gods wil, en zeis

die in den

mensch

mensch sprekende natuur

en

een radicaal als Althusius

bij

als

geeft,

hoe flauw ook, toch altoos tenslotte het gezag Gods, voorzoover men dit

na

kan

den

speuren,

doorslag.

aan een enkel Atheist ontbrak het betweters,

die,

vóór

de algemeene opinie, en

geleerden,

God

§

in alle

10.

gold

Rousseau, bij 't

Er rees

niet,

erger

zelfs

bij

enkelen wel

waren

twijfel,

er onverbeterlijke

dan Rousseau waren, maar

in

het publiek in massa, en onder de regeerders

toen

nog steeds

als vaste regel, dat

men met

dingen, en zoodoende ook op het Staatsterrein, te rekenen had.

Eerbiediging van het Goddelijk gezag.

De algemeenheid van deze

overtuiging hield vaak verband met de

eenheid der Kerkformatie en met de aanhoorigheid van

alle

ingezetenen

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1916

Abraham Kuyper Collection | 736 Pagina's

Antirevolutionaire Staatkunde - pagina 509

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1916

Abraham Kuyper Collection | 736 Pagina's

PDF Bekijken