Bekijk het origineel

Leven en arbeid van Dr. A. Kuyper - pagina 256

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Leven en arbeid van Dr. A. Kuyper - pagina 256

2 minuten leestijd

DR.

234

KUYPER ALS GELEERDE.

ontstaan er botsingen tusschen het ethische, religieuse en aestheti-

moeten uitgemaakt worden. De rechter die elk zijn plaats geeft is de aesthetica, omdat al die gewaarwordingen in een menschelijke ziel liggen, de ziel in verband staat met het lichaam en deze weer in aanraking komt met de zielen van anderen. Men onderscheide dan deze drie: lo. De actie van het schoon zelf. Daar kan de wetenschap nooit sche. Die botsingen

iets

aan doen. Het

niet

voor ontleding vatbaar

in

Het heeft

leeft in zich zelf. is.

Om het

zijn

eigen karakter dat

verstaan moet

te

men

er

mede

aanraking komen.

Op

Kunsttheorie.

2o.

elk terrein der kunst

is

er een theorie.

Ook

vroeger waren er kunstenaars,componisten enz. Sommigen bewandel-

den goede paden, anderen zijn verkeerde wegen ingeslagen. Zoo leert men kennen wat niet en wat wel moet gedaan worden om tot goede resultaten te komen.

De wetenschap van

3o.

het schoon.

De

aesthetica geeft noch het

noch de theorie van het schoon. Zij is de wetenschap het schoone heeft in te denken, het schoone een plaats geeft en die de beteekenis van het schoone voor het menschelijk leven doet verschoone

zelf,

staan.

Maar waar

De

is

het schoon?

Pantheïst noemt het, de eeuwig immanente geest. Het schoon

bestaat echter in

God en door Hem

werpen en door de gave Gods er dus schoone muziek

vertoont het zich aan de voor-

zijn

we

in

staat het te genieten.

den waterval, of wanneer het schoon te genieten is op de toppen der bergen of in de pracht der natuur, dan ziet God dat schoone en geniet er in. Dus is het schoon

Wanneer

niet

Nu

om

's

blijft

menschen

maar God schiep

het

om

Zijns zelfs wil.

het schoon ook als het oog verblind wordt en het oor het

hooren weigert; het

Men

wil,

is in

spreekt van

blijft zelfs

waar men

sterft.

een schoon karakter. Daaruit volgt, dat het

schoon ook betrekking heeft op het geestelijke zoo ook bij het meest geestelijke: het gebed. Men spreekt van „mooi" bidden. Dit is af te keuren, het bidden is zoo schoon, dat er niets bij te voegen is. Als ;

men aan

de Engelenwereld denkt, verbindt

het denkbeeld van schoon? Het schoon

is

men dan daaraan

niet

dus zoowel toepasselijk op

het geestelijke als op het zinnelijke.

Door deze brug komt men van

zelf

op de H.

Schrift.

Deze weer-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1919

Abraham Kuyper Collection | 362 Pagina's

Leven en arbeid van Dr. A. Kuyper - pagina 256

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1919

Abraham Kuyper Collection | 362 Pagina's

PDF Bekijken