Bekijk het origineel

BUITENLANDS OVERZICHT

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

BUITENLANDS OVERZICHT

6 minuten leestijd

De Heere Jezus sprak, toen Zijn gezegende voeten nog op aarde stonden, Lukas 16 : 15: Want dat hoog is onder de mensen, is een gruwel voor God.

Wie deze woorden recht overweegt, behoeft die zich te verwonderen, dat er thans op aarde zo buitengemeen veel ellende heerst, dat er daarop nog altijd stromen bloeds vergoten worden en de vrede daarop maar niet terugkeert? In genen dele toch.

De menselijke hovaardij immers is als de toren van Babel hoog gerezen. Er is in heel de geschiedenis van de mensheid schier geen tweede tijdperk aan te wijzen, waarin de mens, diens krachten en gaven, diens verstand en talenten, zo afgodisch bewierookt zijn als in het onze.

O, wat kan de mens in onze dagen al niet? Wat verwacht men van hem, de nietige al niet? Hoe hoog verheft men hem op de troon!

Ach, welk een ongehoorde hoogheid des harten, welk een grenzeloze hoogmoed treft men onder de hedendaagse mensheid aan.

Is nu dat hoog onder de mensen is Gqde een gruwel, dan kan het geen verwondering baren, dat de aarde nog steeds het bloed van zo vele duizenden indrinkt en dat trots alle pogingen, die daartoe aangewend zijn en worden, de dag des vredes niet daagt, maar integendeel vrijwel alle rijken zich voor de oorlog wapenen.

D. 'at de wedloop in bewapening nog altijd in volle gang is en dat er heel weinig vooruitzicht op bestaat, dat deze in de naaste toekomst enige keer zal nemen, dat zal een ieder wel toe moeten stemmen, die kennis heeft genomen van het communiqué en de radiorede van president Truman, welke na de terugkeer van zijn onderhoud met de opperbevelhebber Mac Arthur wereldkundig zijn gemaakt.

In beide, zowel in het communiqué als in de rede, heeft de president de Sovjet-Unie de pin danig op de neus gezet door van haar daadwerkelijke bewijzen te eisen van haar ernstig en oprecht voornemen om voor de vrede te werken. Hij verlangde, dat zij daarvoor het volgende viertal bewijzen zou leveren:

1. Handelen overeenkomstig de beginselen van het handvest der Verenigde Naties. 2. Zich voegen bij de andere leden der Verenigde Naties door, een beroep te doen op de Noord-Koreaanse regering om de wapens onmiddellijk neer te leggen. 3. Het ijzeren gordijn optrekken en vrije uitwisseling van inlichtingen en gedachten mogelijk te maken. 4. Deelnemen aan de pogingen van de Organisatie der Verenigde Naties om een uitvoerbaar stelsel van collectieve veiligheid te vestigen, waardoor het mogelijk zou worden de atoombom buiten de wet te stellen en alle andere wapenen en strijdkrachten ingrijpend te verminderen en aan internationale regelen te onderwerpen. Dat de Sovjet-Unie deze eisen zal inwilhgen, daarop bestaat althans voorlopig wel niet de minste kans. Ook Truman — dat bleek uit zijn rede wel overduidelijk — verwacht dit niet. Zoals dat onder meer blijkt uit zijn hier volgende woorden:

„Amerika gaat voort in dodelijke ernst met de opbouw van zijn eigen verdediging; niet omdat het dit wenst, maar omdat de Sovjet-Russische politiek gesn andere keuze laat".

En ook zijn hier na volgende woorden: „Zo lang de Sovjet-Unie deze eisen niet inwilligt, zo lang zij geen werkelijke bewijzen van haar vredelievende bedoelingen geeft, is Amerika vast besloten de gemeenschappelijke verdedigingskracht van de vrije wereld op te bouwen. Geen land ter wereld, dat werkelijk vrede wil, heeft echter enige reden om de Verenigde Staten v. Amerika te vrezen". De Sovjet-Unie en haar koloniale satelieten vormen door hun reusachtige legers zo wel in Europa als in Azië esn voortdurende bedreiging van de vrede. De vrije landen moeten echter macht tegenover macht stellen. Dit is niet alleen de taak van de Verenigde Staten van Amerika, maar van alle vrije landen tezamen".

Ui it Trumans rede kan niet misverstaan worden, dat de wedloop in bewapening thans in volle gang is, dewijl er macht tegenover, macht gesteld zal worden.

Daarop is men in de Amerikaanse regering thans bovenal bedacht. Dat valt ook op te maken uit het feit, dat de op initiatief van Amerika ingediende resolutie, waarbij een internationale politiemacht ingesteld zal worden met de stemmen van het Russische blok tegen in de politieke commissie van de Organisatie der Verenigde Naties is aangenomen geworden. Als reactie daarop — zo wordt vrij algemeen aangenomen — is Molotol of een ander hooggeplaatste Rus in Praag aangekomen om daar besprekingen te voeren met de ministers van buitenlandse zaken van de „volksdemocratieën" en die van Oost-Duitsland De hoofdschotel van die besprekingen zal de aanstaande bewapening van West- Duitsland wel uitmaken. Daarbij is het volstrekt niet uitgesloten, dat er besloten zal worden tot een krachtiger bewapening van Oost-Duitsland.

Ja, daar zal macht tegenover macht gesteld worden, met gevolg, dat de wederzijdse bewapening zo geducht mogelijk opgevoerd zal worden. Dit zal niet nalaten om op de onderscheidene volken zware lasten te leggen en doet voor de toekomst het ernstigste vrezen.

Of de viermogendhedenconferentie, welke de Russen belegd willen zien, daarin enige verandering ten goede zal brengen, staat zeer te vrezen. In de kringen der geallieerden heeft men daar al zeer geringe verwachtingen van. Maar de Sovjet-Unie staat daar nu eenmaal sterk op. Daarom zal zij dan ook straks wel plaats vinden. Amerika heeft reeds te kennen gegeven, dat zij daar geen bezwaar tegen heeft. Ook van Britse zijde heeft men zich in diezelfde geest uitgelaten, alleen werd van die kant er zeer terecht bij opgemerkt, dat men er goed aan doet te bedenken, dat de huidige crisis niet ontstaan is uit gebrek aan conferenties. Ook Frankrijk heeft zich niet bepaald afkerig ten aanzien van de aanstaande viermogendhedpnconferentie betoond.

Doch zoals reeds is opgemerkt, men verwacht er ter oplossing van de bestaande kwesties in de kringen der geallieerden al bijzonder weinig van. De Amerikaanse gedelegeerde, Dulles, drukte zich op dit punt al bijzonder sceptisch uit, als hij zeide: „Wij zijn bereid aan de conferentie deel te nemen; de deur staat open. Ik kan niet zeggen, dat ik voor een dergelijke ontmoeting van de vertegenwoordigers der grote mogendheden erg veel hoop koester; maar men kan nooit weten". Ook de Amerikaanse minister van buitenlandse zaken, Acheson, sprak al in diezelfde geest, als hij op zijn wekelijkse persconferentie verklaarde, dat „hij weinig resultaten van de eventuele besprekingen tussen Rusland en de Westelijke drie verwacht, zo lang de gewapende macht van beide partijen niet even sterk is en Rusland zijn houding niet wijzigt".

1 en slotte zij nog vermeld, dat de strijd op Korea zijn einde nadert. De hoofdstad der Noord-Koreanen, Pyongjang, is reeds gevallen. 70.000 Noord- Koreanen zijn gevangen genomen. De Noord-Koreaanse regering is naar Mandsjoerije uitgeweken, zodat Mac Arthur met recht kon verklaren: „De oorlog is nu stellig spoedig afgelopen", al behoeft niemand zich te verwonderen, indien Noord-Koreaanse guemllabenden af en toe vanuit Mandsjoerije opduiken om hier en daar in Noord-Korea de nodige onrust te verwekken. Dat de strijd in Indo-China voorbij is, kan echter niet gezegd worden. Men verwacht echter, dat nu de oorlog op Korea beëindigd is, de Fransen aldaar aanmerkelijk meer steun van geallieerde zijde geboden zal worden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 oktober 1950

De Banier | 8 Pagina's

BUITENLANDS OVERZICHT

Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 oktober 1950

De Banier | 8 Pagina's

PDF Bekijken