Bekijk het origineel

De uitslag

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

De uitslag

15 minuten leestijd

der verkiezingen voor de Prov. Staten

Terugkomend op deze uitslag, zullen wij daarover bij lange na niet zulke uitvoerige beschouwingen in „De Banier" geven als wij dat over de uitslag der verkiezingen van de Tweede Kamer plegen te doen, al zijn deze verkiezingen en hun uitslag voor de S.G.P. toch volstrekt niet van belang ontbloot. Van elke stem gaat immers ook bij deze verkiezingen een getuigenis uit. Bovendien geeft de uitslag van deze verkiezingen aan hoe het met de partij, waarop de stemmen zijn uitgebracht, gesteld is; of zij na de vorige Statenverkiezingen en de Tweede Kamerverkiezingen vooruit of achteruit gegaan is, of dat zij op dezelfde hoogte is blijven staan. Hierbij komt nog, wat stellig nog van grotere betekenis is, dat na de Statenverkiezingen door de gekozen leden het college van Gedeputeerden gekozen wordt, welks beleid en bestuur voor de betrokken provincie van grote betekenis is en ook het landsbelang hierbij nauw betrokken is, omdat de leden der Staten uitmaken hoe de Eerste Kamer samengesteld zal zijn, daar zij de leden daarvan benoemen. De Eerste Kamer is toch nog immer een kollege, zonder welks goedkeuring in ons Koninkrijk geen enkele wet tot stand kan komen. Daarenboven is het allerminst een onbelangrijke zaak, wie als Statenleden gekozen worden, wat er door hen al of niet besloten wordt en wat er door hen gesproken wordt. In dit opzicht is wel zeer verblijdend, dat al de Statenleden van de S.G.P. herkozen zijn en geen verlies, maar wel terdege winst voor haar te konstateren valt. Het is op zichzelf al een hele winst, dat ook deze verkiezingen weer aangetoond hébben, dat de S.G.P. staat mag maken op een vast kiezerskorps, waarbij verreweg de meesten, die hun stem op haar kandidatenlijsten uitbrachten, zulks deden uit getrouwheid aan haar beginselen, overtuigd als zij er van zijn, dat indien er naar deze beginselen geregeerd wordt, het ons land en hun provincie, waarin zij gestemd hebben, tot heil en zegen zou strekken zowel op geestelijk als op maatschappelijk gebied. Te betreuren valt het hierbij, dat de S.G.P. slechts in acht provincies een kandidatenlijst heeft kunnen indienen. Zij had dit gaarne in al de elf provincies gedaan. Doch dit had voor haar de onkosten te zeer verzwaard, afgezien nog van het feit, dat er op dit ogenblik voor haar niet de minste kans bestaat, dat in Limburg, in de provincie Groningen of in Drente één van haar kandidaten gekozen zou worden. Dit was, naar de mens gesproken, ook al in de provincies Noord-Holland, Noord-Brabant en Friesland het geval. En toch mag de S.G.P. verblijd zijn, dat zij in die provincies wel haar kandidatenlijsten heeft ingediend. Niet alleen stelde zij daarmede haar partijgenoten en vrienden in de gelegenheid om hun stem uit te brengen zoals zij dat van harte feitelijk begeerden, maar was de uitslag in deze provincies zo verrassend goed, vooral in de provincie Noord-Holland. Het vvas voor ons een grote verrassing — wdj hadden zulk een bepaald zeer gunstige uitslag niet verwacht — dat in deze provincie op de kandidatenlijst der S.G.P. niet minder dan 7536 stemmen werden uitgebracht, hetgeen nog omstreeks 1000 stemmen meer was dan bij de Tweede Kamerverkiezingen op haar kandidatenlijst werden uitgebracht en 2831 stemmen meer dan bij de Statenverkiezingen in 1954. Ook in de provincie Noord-Brabant was de uitslag voor de S.G.P. verheugend. Al bleef het stemmenaantal daar nog 890 beneden het aantal, dat zij bij de Tweede Kamerverkiezingen in 1956 bekwam, was het toch weer aanmerkelijk groter dan bij de Statenverkiezingen van 1954. Van de provincie Friesland kan hetzelfde gezegd worden. Ook daar valt een vooruitgang in vergelijking met de Statenverkiezingen van 1954 te konstateren en ook daar bleef het stemmenaantal van de S.G.P., vergeleken met de verkiezingen van de Tweede Kamer in 1956, ten achter.

Beschouwen wij de uitslag van de gehouden Statenverkiezingen in deze provincies, dan zijn deze alleszins moedgevend en geven zij reden om de Tweede Kamerverkiezingen hoopvol tegemoet te zien. En wat de provincies Groningen, Drente en Limburg betreft, wij hopen dat de uitslag van de Tweede Kamerverkiezingen in 1960 daarin van dien aard gunstig voor de S.G.P. mogen zijn, dat vooral in beide eerstgenoemde provincies bij de volgende Statenverkiezing in 1962 bij leven en welzijn ook een lijst van de S.G.P. ingediend kan worden. De bevolking van de provincies Groningen en Drente is toch zeer overwegend protestants; vooral in Groningen heeft de gereformeerde waarheid eenmaal vele aanhangers gehad. Wij kunnen ons zo voorstellen, dat de belijders van de oude beproefde waarheid, de overtuigde S.G.P.-ers, die, al zijn zij niet groot in aantal in de provincies Groningen en Drente, gaarne ia de gelegenheid gesteld worden om hun stem uit te brengen op de kandidaten van de partij, welker beginsel zij delen. Het zou ons dan ook verblijden, al hebben wij wel te bedenken dat ons nog twee jaren van 1960 scheiden, indien in 1960 bij de Tweede Kamerverkiezingen, wanneer men dan bij leven en welzijn wel in de gelegenheid zal zijn om zijn stem op de kandidatenlijst der S.G.P. uit te brengen in de provincies Groningen en Drente, dit in zulk een groten getale moge geschieden, dat ook ten aanzien van de kosten, welke zulks mee zou brengen voor de S.G.P., verantwoord zou zijn om in de genoemde twee provincies een eigen kandidatenlijst in te dienen. Meer zullen vidj er niet van zeggen, want wij weten niet eens of wij in 1960 en in 1962 nog zullen leven, en weten al evenmin onder welke omstandigheden wij alsdan zullen verkeren. Met dat al zou het toch een zeer verblijdende zaak zijn, wanneer althans in Groningen en in Drente — in Limburg valt daaraan thans in het geheel niet te denken — ook bij de verkiezingen voor de Provinciale Staten een kan­ didatenlijst voor de S.G.P. kon ingediend worden. Doch waar dit thans niet het geval is geweest, zullen wij ons er thans toe bepalen, ook al opdat onze lezers een juist overzicht geboden wordt van de stand van zaken en het aantal stemmen, dat in de acht provincies, waarin de S.G.P. een eigen kandidatenlijst had ingediend, door de onderscheiden partijen, die aan deie verkiezingen deelnamen, weer te geven, met opgave van het aantal stemmen, door hen in 1958 en in 1954 behaald, alsook van het aantal afgevaardigden, dat de onderscheidene partijen in 1958 hebben en in 1954 hadden.

De uitslag dezer verkiezingen had ten gevolge, dat de P.v.d.A. in het geheel 2 zetels verloor en het aantal van haar Statenleden van 180 tot 178 terugliep, de K.V.P. 4 zetels won en het aantal van haar Statenleden van 186 tot 190 klom, de A.R.P. 6 zetels verloor, waardoor het aantal van haar Statenleden van 69 tot 63 daalde, de C.H.U. eveneens 6 zetels verloor, waardoor dat van 65 thans 59 werd, de V.V.D. 14 zetels meer in de Staten bekwam, zodat het aantal harer Statenleden nu opliep tot 63, tei-wijl het tevoren 49 bedroeg, de kommunistische partij met verlies van 6 zetels, waarvan alleen in de provincie Noord-Holland 3, thans 18 zetels in de Staten bezet tegen voorheen 24, terwijl het G.P.V. en de S.G.P. beide hun aantal zetels behielden, de eerstgenoemde 2 en de S.G.P. 11. Wat dit over het algemeen genomen voor ons land betekent, daarover hebben wij in een vorig artikel het onze reeds gezegd en daarop zullen wij in dit artikel slet terugkomen. Alleen moeten ons enkele opmerkingen over de uitslag van de S.G.P. uit de pen. Hierbij doet zich het zo merkwaardige voor, dat de S.G.P. in tal van steden, in _ de ene meer en in de andere minder, in stemmenaantal vooruitging. Wij zullen hierbij niet in bijzonderheden afdalen, maar ons alleen maar tot het weergeven van de uitslagen in de vier grootste steden bepalen. In de hoofdstad des lands, in Amsterdam, was deze vooruitgang al bijzonder groot. Jaren lang bleef het stemmenaantal daarin nog ver beneden de 1000. Voor het eerst viel daarin een belangrijke vooruitgang te konstateren bij de Statenverkiezing in 1954; toen werden er 1615 stemmen op haar lijst uitgebracht, welke in 1956 bij de Tweede Kamerverkiezing tot 1365 terugliepen, maar toeh nog altijd ver boven de 1000 bleven. Bij de laatste verkiezingen werd het aantal stemmen van de S.G.P. op 50 stemmen na 3000, dus 2950. Ook in Rotterdam ging de S.G.P. in stemmenaantal Mnmerkelijk vooruit. Daar werd het 9Ï18, tegen 8594 in 1958 en 8785 in 1954, zodat, wat nog nooit eerder gebeurd was, het stemmenaantal van de S.G.P. de 9000 overschreed. In Den Haag was de uitslag der verkiezingen zeer goed. Daarin zijn er jaren gewest, dat de S.G.P. nog geen 2000 stemmen op haar kandidatenlijst zag uit- Sebracht. Thans is haar stemmenaantal tot over de 5000 gestegen. Het bedroeg « nu 5290, tegenover 4364 in 1956 en ^873 in 1952. In Utrecht bleef het stemmenaantal wel beneden dat van het getal in 1956, toen bedroeg het 1563 tegenover thans 1497, maar het verschil in het stemmenaantal was toch in 1958 tegenover dat in 1954 zeer ten gunste van de ^•G.P. Het verschil was er veel minder Sroot dan het anders tussen de Tweede Kamerverkiezingen en die der Provinciale Staten was. In vergelijking met het stemmenaantal van 1954 bij de Provinciale Staten, toen het stemmenaantal van de S.G.P. 1259 bedroeg, is de vooruitgang wel zeer mooi. Wij zouden aan de uitslagen van deze vier grote steden nog wel andere kunnen toevoegen, maar zullen dit met het oog op de plaatsruimte in „De Banier" niet doen, ook mede omdat wij niet over een volledige opgave van alle uitslagen beschikken en wij allicht een stad niet zouden vermelden, waarin de uitslag voor de S.G.P. zeer gunstig was. Wij volstaan met op te merken, dat het een verblijdende zaak is, dat er in het algemeen genomen in de steden geen geringe vooruitgang voor de S.G.P. was. Tevens zullen wij ten aanzien van de provincies in geen nadere beschouwingen treden. Uit de in dit artikel weergegeven volledige uitslagen der provincies kan iedere lezer waarnemen, dat de uitslag van deze verkiezingen aan de S.G.P. alleszins reden geeft tot grote tevredenheid. Aan die zo bevredigende uitslag hebben zowel de verkiezingen in de steden, alsook die in de dorpen medegewerkt, want daar zijn ook gelukkig tal van plattelandsgemeenten op te noemen, waarin de S.G.P. soms belangrijk, soms minder belangrijk vooruitging, ook al zijn er ook waarin helaas stilstand, soms zelfs achteruitgang waar te nemen viel. Het is hierbij een verblijdend feit, dat er ook wel velen zijn geweest, die voor het eerst hun stem uitbrengende, deze op een S.G.P.-er hebben uitgebracht. Telken jare toch ontvallen door de dood de S.G.P. personen, die op haar kandidaten hun stem uitbrachten. Dat is sedert 1954 en ook gewis sedert 1956 het geval geweest. Trouwe strijders voor en aanhangers van de S.G.P. zijn er in de loop der jaren al wat van ons heengegaan. Sedert het jaar harer oprichting, nu veertig jaar geleden, heeft er in het kiezerskorps wel een zeer sterke wijziging plaats gegrepen. Hoe velen uit vroegere jaren komen daarin nu niet voor! Hoezeer toch is het kiezerskorps in de loop van die 40 jaren veranderd! En ook hoe vele stemmen meer dan toen voor het eerst overeenkomstig het stelsel der evenredige vertegenwooirdiging een verkiezing plaats vond, dan in 1922, toen Ds. Kersten voor het eerst als Tweede Kamerlid gekozen werd, dan in 1925, toen Ds. Zandt mede met hem door de S.G.P. als Kamerhd werd afgevaardigd, zijn er thans nodig om bijvoorbeeld een afgevaardigde in de Tweede Kamer te bekomen. Door de zo sterke aanwas onzer bevolking wordt de positie van een kleine partij als de S.G.P. steeds moeilijker. Er zijn daardoor bij elke verkiezing steeds meer stemmen nodig om de kies­ deler te halen. En daarom mede is het zo verblijdend, dat er onder de jeugdige kiezers nog blijken te zijn, die zich met hun stem onder de vlag van de S.G.P. scharen, en er ook nog zijn, die na langere of kortere jaren op andere partijen gestemd te hebben, thans in de gelederen der S.G.P. mede ter stembus optrekken. Vooral ten aanzien van de jeugd is het zo verblijdend, dat er onder haar zijn, die de beginselen der S.G.P. aanhangen. Onze jeugd beleeft toch moeilijke tijden. Er is thans nog al zo veel meer dan in vroegere jaren, dat haar van de waarheid aftrekt. De verleidingen zijn heden ten dage zo groot en zo vele voor hen. De geest van leugen en bedrog is onder ons volk zo diep doorgedrongen Op de kantoren en werkplaatsen, waar zij voor hun bestaan en arbeid moeten verkeren, zijn er gemeenlijk niet weinigen, die hen zoeken afkerig te maken van de waarheid en de beginselen, welke de S.G.P. voorstaat. Allerlei valse voorstellingen, allerlei schone voorspiegelingen, allerlei aanprijzingen van de dienst der wereld en der zonde, waarbij de S.G.P. er gewoonlijk maar slecht afkomt, worden daarvoor gebruikt. En niet weinige keren valt de jeugd hoon en spot, smaad en verachting, dat zij met de nek wordt aangezien als zij voor de waarheid en de beginselen der S.G.P. uitkomt, ten deel. Daarenboven laat de wereld, zoals de kerkvader Augustinus reeds in zijn dagen heeft opgemerkt, zulke aantrekkelijke, bekoorlijke vaandels en vlaggen wapperen. Wee echter, zo heeft hij opgemerkt, degene, die zich daardoor laat verleiden, want de wereld doet de rijkste beloften, maar betaalt steeds met slaag. Stellig ook met het oog op onze zo donkere tijd, vol met vijandschap en afkeer tegen de waarheid, is het zo verblijdend, dat bij verlies van oude strijders voor en aanhangers van de S.G.P. haar rijen nog steeds weder aangevuld werden met degenen, die, toen zij voor het eerst hun stem uitbrachten, en ook later, deze aan de kandidaten van de S.G.P. gaven, zodat in den regel de verkiezingen, de ene wel gunstiger dan de andere — uitgezonderd dan die van het jaar 1937 voor de Tweede Kamer, welke al heel slecht voor de S.G.P. verliep — voor de S.G.P. gunstig verliepen, waaraan steeds weer een belangrijk aandeel hebben gehad, ook bij deze verkiezingen weer, die voor het eerst stemden. Was dat niet het geval, dan zou de S.G.P. al, bij wijze van spreken, doodgebloed zijn en gelijk zo vele kleine partijen, die even vóór haar, tegelijk met haar of later opgericht zijn, al lang niet meer bestaan. Dat zij echter niet zulke eklatante suksessen behaalt als de V.V.D. bij deze verkiezingen behaald heeft, is v^n haar niet te verwachten, daar zijn haar beginselen niet naar, dan zal zij water in haar wijn moeten doen om bij de grote massa van ons volk ingang te vinden, wat echter voor haar geen ^vooruitgang, maar ondergang zou zijn.

Zien wij op deze verkiezing en op de veertig jaren van haar bestaan terug, wat is er dan een overvloedige reden tot erkentelijke dankbaarheid jegens de Heere! Voorts nog enkele woorden over de laatst gehouden verkiezingen. Het verheugt ons, dat tal van leden van de S.G.P., onder wie ook de besturen en de vrienden der partij, terdege bij deze verkiezingen de handen hebben uitgestoken. Dit wijst ook het zeer grote aantal der verkiezingslektuur, die bij de drukkerij „De Banier" besteld en afgenomen en onder ons volk verspreid is, wel uit. Dat heeft gelukkig alles een goed en vlot verloop gehad. Toch zal het in het vervolg raadzaam zijn, waar de verkiezingslektuur, welker samenstelling — men denkt daar gemeenlijk te licht over — bij lange niet gemakkelijk is, tijdig gereed hgt op de drukkerij „De Banier", deze zo tijdig en snel mogelijk aldaar te bestellen Daai-mede worden onnodige onkosten vermeden en daarmede is men bovendien verzekerd deze tijdig te kunnen en te zullen ontvangen. Er zijn altijd nog personen en verenigingen, welke met hun bestelling te lang dralen en dit op het laatst doen. Dezen raden wij ten sterkste aan hierin een verbetering aan te brengen. Gelukkig heeft de verzending der lektuur een vlot verloop gehad en is de lektuur op tijd kunnen verspreid worden, hetgeen toch immer van groot belang is. En dat deze op zo ruime schaal thans verbreid geworden is en voor al de moeite en arbeid, welke de besturen, leden en vrienden der S.G.P. zich voor het bekomen van een goede uitslag voor de S.G.P. getroost hebben, worde him hier een woord van zeer erkentelijke dank gebracht. De beginselen der S.G.P., zoals zij geheel op Gods onfeilbaar Woord gegrond zijn, zijn het overvi'aard, dat men daarvoor terdege de handen aan de ploeg slaat. Alken toch wanneer er naar die beginselen gehandeld en geregeerd wordt, is er heil en zegen voor ons volk te verwachten. Helaas zien wij dit hoe langer hoe verder in verval wegzakken, geleid en beheerst als het wordt door de tijdgeest, die de geest uit de afgrond is. Het worde de afgevaardigden der S.G.P., ook de gekozen leden der Staten, gegeven om daartegen in de sterkte en mogendheid des Heeren op te trekken, al is dit bij lange na niet gemakkelijk, want zij staan daarbij geheel alleen in de openbare kolleges. Doch zij mogen liever alle smaad en hoon, alle verachting en kleinering verdragen, dan te dezer zake ontrouw te zijn. Ook al zal hun stem daarbij de stem van een roepende in de woestijn zijn, zij hebben zich vrij te maken, ook al wendt men afkerig de oren van hen af. Zij hebben in geen geval te handelen als degenen, die zeggen: , , , Ben ik mijns broeders hoeder? " Zij dragen op hun posten een zware verantwoordelijkheid. De Heere moge hun dit doen gevoelen en Hij moge hen met wijsheid, voorzichtigheid en met Zijn kracht omgorden, opdat zij alzo met hun getuigenis en arbeid ons volk ten zegen mogen zijn, waarbij wij nogmaals een ernstig beroep doen op al degenen, die met de Geest der genade en der gebeden begiftigd zijn, om hen op hun zo zware en verantwoordelijke post aan de troon der genade in hun gebeden te gedenken, opdat zij, naar Zijn geboden, ter eer van God en tot welzijn van ons volk dienstig mogen zijn.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 april 1958

De Banier | 9 Pagina's

De uitslag

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 april 1958

De Banier | 9 Pagina's

PDF Bekijken