Bekijk het origineel

REPLIEKREDE

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

REPLIEKREDE

3 minuten leestijd

uitsprak: Mijnheer de voorzitter. Ook ik wil beginnen met de minister dank te zeggen voor de aandacht, die hij aan het door mij gesprokene heeft gegeven. Nu zou er wel aanleiding zijn om nog over verschillende zaken te gaan spreken, maar ik zal dit toch niet doen, want ik meen in eerste in­

stantie daarin wel duidelijk genoeg te zijn geweest, zodat het niet nodig is, dat ik dat herhaal, en daarom wil ik mij op het ogenblik toch wel beperken tot wat zogenaamd het knelpunt geworden is in deze bespreking. Mijnheer de voorzitter. De bouw in de

vrije sektor

staat gelukkig buiten dit knelpimt, want de vrije sektor zou geen vrije sektor zijn, wanneer zij niet vrij was, en daarom meen ik, dat het toch wel wenselijk is, die vrijheid te behouden. Ik sta die vrijheid zeer sterk voor. Mijn streven is: laat de bouw vrijer, maar — ik heb het vandaag nog gezegd — bevorder de bouw, want wij hebben gebrek aan woningen.

Met het beleid van de minister, om de bouw vrijer te laten, heb ik mijn instemming betuigd, maar ik heb in eerste instantie gezegd: laat toch bouwen! Dit houdt in: geen beperking! Het gaat er mij om, dat er woningen komen, en al wil ik, dat de bouw in de vrije sektor meer op de voorgrond zal komen, toch meen ik, dat subsidiëring op zich zelf eigenlijk vrije bouw niet uitsluit, ook al acht ik dan de toestand nog niet gewoon. Ik meen, dat wij hier toch wel onderscheid moeten maken tussen een gewone toestand en een toestand van subsidiëring, maar er is een groot verschil tussen het geven van een subsidie aan een vrije bouwer en het bouwen door de overheid. Het is mij niet duidelijk, dat het nodig is de

gesubsidieerde bouw

zo te beperken, ten einde daarmede de spanningen tegen te gaan, tenzij — dan wordt het wel duidelijk, dat de nadruk valt op de grote betekenis van de subsidie — het bouwen in de vrije sektor door het niet opvangen daarvan zeer wordt afgeremd. Dit wijst er dan ook op, dat in deze toestand inderdaad nog geholpen zou moeten worden, want dan leven wij nog niet onder gewone omstandigheden. Daarom willen wij het streven, wat meer mogelijkheden te geven tot gesubsidieerde bouw, wel steunen. Wat de

moties

betreft, gevoelen wij meer voor de motie van de heer Van Eibergen dan voor de andere. Ik heb in zekere zin nog wel enig bezwaar tegen deze motie. Ik had liever gezien, dat men niet had voorgesteld de toevoeging gelijkelijk op te delen tussen woningwetwoningen en andere woningen. Ik had dus liever gezien, dat er alleen was gesproken over het verruimen van de subsidiëring van de woningbouw.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 maart 1961

De Banier | 8 Pagina's

REPLIEKREDE

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 maart 1961

De Banier | 8 Pagina's

PDF Bekijken