Bekijk het origineel

Van de Partijpenningmeester

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Van de Partijpenningmeester

7 minuten leestijd

Wij hebben de vorige week enige persstemmen weergegeven rondom het heengaan van Ds. Zandt. Ds. Buskes heeft een felle aanval op het dagblad „Trouw" gelanceerd, omdat dit blad het bestaan heeft Ds. Zandt na zijn dood tot een moderne Ezechiël te verheffen, ja dat hij naast Elia op de Karmel stond, en dat hij aan de beginselen der Reformatie gestalte heeft willen geven.

Ds. Buskes gaat dan verder en zegt: Als het waar is wat „Trouw" zegt, dat Ds. Zandt een moderne Ezechiël is geweest, is het een groot schandaal, dat wij niet naar hem geluisterd hebben. Hierin zijn wij het hartelijk eens met het betoog van Ds. Buskes. Het is natuurlijk verre van ons om Ds. Zandt op één lijn te stellen met de profeten van het oude verbond. Niettemin heeft hij naar de mate der genade en gaven, die God hem verleend heeft, gewerkt onder het Neder- landse volk, zolang het dag was. De profeten waren van Godswege aangesteld om de zonden van het huis Israels en van Juda te bestraffen, en het volk te waarschuwen, dat het zijn zonden moest laten en gerechtigheid moest beoefenen. Hierbij werd Gods oordeel over land en volk aangezegd, zo zij zich niet bekeerden. In Ezechlël 33 wordt de plicht van een getrouwe wachter getekend. De goddeloze afmanen van zijn goddeloosheid, opdat hij in zijn ongerechtigheid niet zou sterven.

Naar het voorbeeld van deze getrouwe wachter heeft Ds. Zandt onder ons verkeerd. In een tijd van toenemende afval heeft hij geleefd en gezucht onder de zonden van het Nederlandse volk. Hij heeft overheid en onderdaan getrouw gewaarschuwd door woord of geschrift. En daarom kunnen wij het met Ds. Buskes in zoverre eens zijn, dat het een groot schandaal Is, dat er niet naar hem geluisterd is. Dit is overigens niets nieuws, te konstateren, dat er niet geluisterd wordt als de zonde wordt bestraft, terwijl men de zonde met beide handen wil vasthouden. Jesaja moest al klagen: „Wie heeft onze prediking geloofd, en aan wie is de arm des Heeren geopenbaard? " Als Ds. Buskes verder gaat, kunnen we het vanzelfsprekend niet met hem eens zijn. Hij zegt: „We hebben terecht niet naar hem geluisterd". Hij ziet in Ds. Zandt de oprechte vertegenwoordiger van een uit-de-tijds en reaktionair christendom. Zo hebben ook de tijdgenoten van de profeten over deze gedacht. De oppervlakkige godsdienst van die dagen leefde in dodelijke vijandschap tot deze profeten. Dit volk nadert tot Mij met de lippen, maar hun hart houdt zich verre van Mij. Ook in het Nieuwe Testament lezen wij van hen, als Stefanus, vol zijnde des Heiligen Geestes, uitroept: „Gü, hardnekkigen en onbesnedenen van hart en oren, gij wederstaat altijd de Heilige Geest; gelijk uw vaders, alzo ook gij. Wie van de profeten hebben uw vaders niet vervolgd? En ze hebben gedood degenen, die tevoren verkondigd hebben de komst des Rechtvaardigen, van Welke gij lieden nu verraders en moordenaars geworden zijt. Gij, die de wet ontvangen hebt door bestellingen der engelen, en hebt ze niet gehouden". En wat was de reaktie van het godsdienstige Jodendom, vertegenwoordigd door het Sanhedrin? Als zij nu dit hoorden, berstten hun harten en zij knersten de tanden tegen hem. En even later: En zij stenigden Stefanus.

De apostel Paulus zegt in 2 Tim. 3 : 12 „En ook allen, die godzaliglijk willen leven in Christus Jezus, die zullen vervolgd worden".

Prof. Dr. J. T. Bakker te Kampen schreef: „We zeggen dan ook, dat we dit karakteristieke geluid zullen missen en dat het toch mooi is dat zoiets in Nederland nog kan. Ook dat hebben de hoorders van Ezechiël gevonden, want we lezen in Ezech. 33 : 30—33:

„En gij, o mensenkind, de kinderen uws volks spreken steeds van u bij de wanden en in de deuren der huizen; en de een spreekt met de ander, een iegelijk met zijn broeder, zeggende: Komt toch en hoort, wat het woord zij, dat van de Heere voortkomt. En zij komen tot u, gelijk het volk pleegt te komen, en zitten voor uw aangezicht als Mijn volk, en horen uw woorden, maar ze doen ze niet; want ze maken liefkozingen met hun mond: maar hun hart wandelt hun gierigheid na. En ziet, gij zijt hun als een lied der minne, als één die schoon van stem is, of die wel speelt; daarom horen zij uw woorden, maar ze doen ze niet. Maar als dat komt (zie, het zal komen) dan zullen zij weten, dat er een profeet in het midden van hen geweest is".

Zo ziet u, dat ook de hoorders van Ezechiël dit een karakteristiek geluid vonden, dat ze wellicht node zouden missen. En dan vervolgt Prof. Bakker: „De profeten waren er echter niet, om een karakteristiek tintje aan het geheel te geven en we konden de toespraken van Ds. Zandt welwillend verdragen, omdat er geen 76 van in de Kamer zaten. Dan waren we met elkaar geëmigreerd". Zo was het nu precies met Ds. Zandt. Deze zat evenmin in de Kamer om een karakteristiek tintje aan het geheel te geven, maar hij wist het zijn dure roeping om het volk van Godswege te waarschuwen.

Hij heeft het volk steeds weer terug geroepen tot de wet en tot de getuigenis, omdat er geen dageraad zal bestaan voor hen, die niet spreken naar dat Woord. En wat dat emigreren betreft, ik geloof zeker dat Prof. Bakker ook geëmigreerd zou zijn, als er bij wijze van spreken 76 Ezechiëls in de Kamer hadden gezeten. Dan zou de sociale dwangverzekering, waartegen Ds. Zandt zich altijd heeft verzet, eveneens ten einde zijn. Dan zou de Europese integratie zonder Nederland tot stand moeten komen. Dit volk zou alleen wonen en haar nationale souvereiniteit nimmer prijsgeven.

Hiervoor heeft de S.G.P. steeds het pleit gevoerd. Zij heeft altijd weer aangedrongen wetten te maken, die de toets van Gods Woord kun­ nen doorstaan. Dat heeft Ds. Zandt gewild. En nu kan Ds. Buskes wel schrijven: „Wanneer Ds. Zandt in de Tweede Kamer zijn zin had gekregen, hadden we in Nederland geen leven meer, dan zou ik Ds. Buskes tot slot deze vraag willen voorleggen. Hoe beschouwt u het begrip „leven"? Er zijn m.i. maar 2 uitleggingen voor. Er is een leven overeenkomstig Gods Woord en wet en er is een leven naar het goeddunken van ons boos en verdorven hart. Als wij voor het eerste kiezen, verwerpen wij het laatste en omgekeerd.

De afgelopen week werden er weer 13 abonnementen geboekt voor „De Banier" en wel 1 in Aalst, Amersfoort, Barendrecht, Dordrecht, Krabbendijke, Maarn, Utrecht en Werkendam. 2 in Rotterdam en 3 in Bruinisse. Hiervan werden er weer verscheidene door agenten van „De Banier" en door kiesverenigingen geboekt. De agent Vos uit Rotterdam bracht het vierde abonnement in korte tijd binnen. De kiesvereniging te St. Philipsland gaf weer 22 adressen op voor proefnummers. Wie volgt? We hopen van harte, dat het werk ter uitbreiding van het abonnementental gestadig zal voortgaan. Er kwam de afgelopen week nog een klein bedrag aan giften binnen voor ons lektuurverspreidingsfonds, en wel ƒ 19, 20, als volgt gespecificeerd: N.N. te Z. ƒ 7, 50 (reiskosten naar een vergadering geschonken aan de partijkas). Via „De Banier" ontvangen van M.Z. te B.O.L. ƒ 8, 35, en van B.T. te S. ƒ 3, 35.

Wij houden ons aanbevolen voor verdere giften voor dit doel. Het gironummer van de penningmeester der S.G.P. is 119560, ten name van C. Jansen, Schiebroekselaan 46 b, Rotterdam 11.

R. J.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 mei 1961

De Banier | 8 Pagina's

Van de Partijpenningmeester

Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 mei 1961

De Banier | 8 Pagina's

PDF Bekijken