Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

HAVENSCHAP TERNEUZEN

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

HAVENSCHAP TERNEUZEN

8 minuten leestijd

Rede van Ir. van Rossum

Ook wij zijn blij, dat wij in een zo vlot tempo dit wetsontwerp kunnen behandelen, mede gezien het feit, dat er grote haast bij is. In het verleden zijn er nogal wat moeilijkheden juist rond Terneuzen geweest. Wij zijn ook zeer content met de duidelijke beantwoording van de minister in de memorie van antwoord. De minister heeft het in een algemeen raam geplaatst. In Zeeland geschiedt de afstemming van belangen tussen beide Zeeuwse havenschappen en andere havengebieden onder meer vanwege het door het overlegorgaan Zeehavenontwikkeling zuidwest-Nederland ingestelde bureau voor gezamenlijke informatie en coördinatie van de acquisitie. Dit is een heel duidelijke zaak in Zeeland, maar hiernaast heeft ook overleg plaats in het nationale kader in het orgaan van het zeehavenoverleg waarvan ons medelid de heer Posthumus voorzitter is.

Het overleg met de Belgische havenautoriteiten

Bij alle waardering heb ik toch nog een aantal vragen, zonder ook maar enige consequenties hieraan te willen verbinden, want ik ben uiteraard geheel bereid met het wetsontwerp akkoord te gaan. Punten en vragen van de sprekers voor mij zal ik om des hjds wille maar laten rusten.

Een moeilijk punt lijkt mij dat van het overleg met de Belgische havenautoriteiten. Ik meen dat er moeilijkheden op dit stuk zijn. De Minisfer ^egt in de memorie van antwoord. dat er een informeel overleg en con-'act is. Is het wellicht mogelijk, dit ^eer te formaliseren? In Zeeuwsch-Vlaanderen heeft men op dit gebied leeds historie gemaakt met de internationale waterschappen - .ten aan-^len van waterschappen wordt w'el ^ens over oneigenlijke taken gespro-^n. maar dit is een oneigenlijke naam - : de Nederlandse waterschap-Pen en Belgische wateringen die met pkaar contracten hebben voor onder-'nge betaling van lasten, omdat van-"" België water in Nederland wordt geloosd en andersom, water uit Nederlandse waterschappen via de Belgische Schelde wordt geloosd. Deze - zoals men ze daar noemt - internationale waterschappen zijn de laatste jaren door een samenvoeging van waterschappen wel gedeeltelijk alweer opgeheven.

Is een zelfde soort constructie wellicht ook op havengebied mogelijk? Op Nederlands gebied komt er nu een nieuw publiekrechtelijk lichaam, nl. een havenschap. Misschien heeft men in België een soortgelijk orgaan - waarschijnlijk met een andere naam - voor het gebied tussen Zelzate en Gent. Tussen beide lichamen kan wellicht tot een overeenkomst worden gekomen, waarbij men elkaar niet langer vliegen afvangt, maar men tracht, zonder moeilijkheden met elkaar samen te werken. Op het ogenblik zijn 'er nog wel moeilijkheden. Ik ben het in dit verband niet geheel eens met de .stelling van de geachte afgevaardigde de heer De Beer, dat dit wel goed zal komen. Ik meen dat de vestigingsvoorwaarden op Belgisch gebied belangrijk beter zijn en tevens een geweldige agglomeratiewerking hebben, maar dat de uitstraling hiervan op het ogenblik niet goed naar Nederland doorkomt, misschien doordat wij op het gebied van de ruimtelijke ordening strengere voorwaarden stellen. Ik kan dit niet helemaal beoordelen, maar de gedachte leeft in ieder geval in Zeeland en misschien schieten wij door onze wetgeving het doel voorbij, wat ten nadele van dit havenschap zou kunnen zijn, wat ik ten zeerste zou betreuren.

Er is een duidelijke relatie tussen de havenontwikkeling en Het Kanaal

De Minister deelt een en ander over de plannen mede in de memorie van antwoord. Er is veel aandacht voor de schetsmatige ideeën van het plan van ir. Snijders. Deze hebben al aanleiding gegeven - zo zegt de Minister - tot havenprojectstudies, mede voor de grotere schepen. Het resultaat is echter, dat deze grote schepen voor het grootste deel Terneuzen snel voorbij varen en zien dat zij in België komen. Dit spijt mij. Er is een duidelijke relatie - dit staat ook in de memorie van antwoord - tussen de havenontwikkeling en Het Kanaal. Het zijn twee afzonderlijke zaken, maar zij hebben duidelijk een onderlinge interferentie.

De Minister zegt: Wij moeten afwachten, wat van de plannen - o.a. van ir. Snijders, maar het kunnen ook heel andere plannen zijn - noodzakelijk is, want wij moeten de behoefte afwachten. Op zichzelf is dit een begrijpelijke stellingname, maar ik meen, dat, wil men niet alles voorbij laten varen, er van het havenschap een zekere stimulans moet uitgaan. Ik meen dat de Minister met het apparaat dat hem ter beschikking staat ook als kanaalbeheerder bepaald wel enige invloed hierop zou kunnen uitoefenen, bij voorbeeld voor een zwaaikom, die daar nodig is voor de grotere schepen en die juist door deze node worden gemist.

De kvifaliteitseisen van hét water

Een ander punt, waarop ik toch nog de aandacht zou willen vestigen, zijn de kwaliteitseisen van het water. De Minister is daarop ook ingegaan en zegt: Dat voldoet bepaald niet. Integendeel, er zijn monsters genomen van Belgische en van Nederlandse zijde en zij zijn het niet geheel eens over de resultaten, maar toch is men het er wel over eens, dat de kwaliteit bepaald niet in overeenstemming is met de eisen, die in het tractaat van 1960, gepubliceerd in Tractatenblad nr. 105, in de artikelen 27 en 32 worden gesteld. Daarin zijn heel duidelijk eisen gesteld, zelfs ook inzake de doorspoeling. In plaats dat men nu komt met doorspoeling van - zoetwater van Belgische zijde, lees ik, dat • er grote verontreinigingen afkomstig zijn van de Gentse agglomeratie en van het riviertje de Leye. Dat is bepaald wat anders dan zoetwater-doorspoeling, zoals het in het tractaat is geregeld.

Dit zou wel eens van invloed kunnen zijn op onze industrievestiging in het havenschap, omdat uitdrukkelijk in artikel 34 van het tractaat is geregeld, dat onttrekking van water aan het Nederlandse kanaalgedeelte aan derden slechts zal worden toegestaan onder de voorwaarde, dat de onttrokken hoeveelheid weer in het kanaal zal worden teruggebracht. Dus daaraan kunnen heel duidelijk voorwaarden worden gesteld. Die onttrekkingen zijn natuurlijk geheel afhankelijk van de kwaliteit. Het zou daarom wel eens een heel nadelig effect kunnen hebben op onze industrievestiging. België heeft er natuurlijk meer belang - bij dat er in Nederland geen vestiging komt dan dat er wel een vestiging komt. Als Nederland niet star en strak vasthoudt aan de tractaatverplichtingen, kan dat ten nadele van de industrievestiging in het havenschap zijn. Om die reden zou ik er toch bepaald voor willen pleiten, dat de Minister, die binnenkort weer contact zal hebben met zijn Belgische collega, daarop nadrukkelijk wijst en, als dat niet verandert, er wat andere maatregelen voor bedenkt dan alleen een vriendelijk contact tussen twee ministers. Een tractaatverplichting daaromtrent staat duidelijk vast en ik meen, dat daaraan toch wel mag worden vastgehouden.

De subsidie aan het waterleidingbedrijf Zeeuwsch-Vlaanderen

Een ander punt, waarop de Minister ook is ingegaan in de memorie van antwoord is, dat het Ministerie van Economische Zaken een subsidie heeft gegeven aan het waterleidingbedrijf Zeeuwsch-Vlaanderen om te voorkomen, dat de kosten van het water bij de industrievestiging te prohibitief zouden worden. Om die reden zou ik willen vragen, wat onder , , prohibitief" moet worden verstaan. Is er een duidelijke vergelijking van de kosten van het water in het havenschap Vlissingen en in het havenschap Terneuzen? Zitten daar heel grote discrepanties in, dat men om die reden - het is het streven van de Minister om die twee havenschappen wat gelijk te schakelen - is gekomen tot deze subsidie? Het betreft een vrij groot bedrag en ik meen, dat daarin ook iets zit, dat men indirect is gekomen tot een subsidie - uit de stukken kan ik dat echter niet lezen - aan de elektriciteitscentrale, die hier komt, met een mogelijkheid daar tevens zoetwater te maken. Indirect zou dat toch ook van invloed kunnen zijn op de stroomprijzen voor industrievestiging. Ik meen, dat er tussen deze twee zaken een bepaalde relatie bestaat.

Het dempen van het oude sluizencomplex en de oude havens in Terneuzen

Mijn laatste punt betreft het dempen van het oude sluizencomplex en de oude havens in Terneuzen. Daarover wordt ook gesproken in de schriftelijke stukken. De Minister zegt, dat er duidelijk een verschuiving in de plaats is. Als men op de ene plaats een haven of een sluis dicht en er op een andere plaats weer één bijmaakt, dan kan de omzet van de middenstand wel eens iets verschuiven, maar dan moeten de ondernemers zich meer daarop instellen. Ik huldig het standpunt, dat de vrije ondernemers dan maar moeten zien, dat zij de markt opzoeken om zo goed mogelijk aan hun trekken te kunnen komen. De moeilijkheid is echter niet de verschuiving in de plaats, maar de verschuiving in de tijd. Door het dempen zijn de ondernemers een heleboel klanten kwijtgeraakt en zij konden niet op hetzelfde moment op een andere plaats klanten krijgen. Die klanten moeten namelijk nog in het havenschap komen. Daarin zit een gap van diverse jaren. Daardoor zijn heel wat bedrijfjes in grote moeilijkheden gekomen. De klantenkring wordt niet onmiddellijk aangevuld, m.aar eerst als het havenschap gaat functioneren. Om die reden is er mijns inziens misschien toch wel reden aan deze middenstanders iets meer dan gewone aandacht te besteden. Het feit dat wij niet nog grotere

tijdsmoeilijkheden willen veroorzaken is mede een reden dat ik er nu langer over wil uitweiden. Wij moeten zo snel mogelijk dit wetsontwerp tot stand brengen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van Thursday 3 June 1971

De Banier | 8 Pagina's

HAVENSCHAP TERNEUZEN

Bekijk de hele uitgave van Thursday 3 June 1971

De Banier | 8 Pagina's

PDF Bekijken