Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

UIT HET EUROPEES PARLEMENT

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

UIT HET EUROPEES PARLEMENT

8 minuten leestijd

redactie: HJ. Hooglander

DE TOP VAN BERLIJN

Op 24 en 25 maart j.l. vond in Berlijn de Top van de Europese staatshoofden en regeringsleiders plaats. Op deze vergadering werd een akkoord bereikt over het omvangrijke hervormingspakket Agenda-2000. Daarbij gaat het met name om aanpassingen van het landbouw- en structuurbeleid om uitbreiding van de Unie met Midden- en Oost-Europese landen mogelijk te maken. Er werden eveneens afspraken gemaakt over de meerjarenbegroting van de Unie voor de periode 2000- 2006. Verder werd men het eens over de kandidatuur van de Italiaanse oud-premier Prodi als opvolger van de recent afgetreden Commissievoorzitter Santer. Ook legden de regeringsleiders een verklaring af over het Midden-Oosten. Hoe kijkt de Eurofractie terug op de besluiten van Berlijn en wat is de huidige stand van zaken?

LANDBOUW

De regeringsleiders namen in grote lijnen het eerder door de landbouwministers vastgestelde hervormingspakket voor de landbouwsector over. Dat betekent dat de garantieprijzen voor granen, rundvlees en zuivel worden verlaagd met respectievelijk 15, 20 en 15%. In ruil daarvoor krijgen de boeren directe inkomenssteun. Het uiteindelijke landbouwakkoord gaat duidelijk minder ver dan de Europese Commissie oorspronkelijk voorstelde. De Commissie wilde de prijzen voor granen en rundvlees met 20 respectievelijk 30% verlagen. De prijsverlagingen in de zuivel gaan volgens het nu gesloten akkoord pas vanaf 2005 gelden. De Commissie wilde de zuivelhervormingen reeds in 2000 laten ingaan.

Volgens de Eurofractie valt, gelet op de uitbreiding van de Unie, niet te ontkomen aan een zekere daling van de landbouwprijzen op de Europese markt. De landbouwprijzen in de kandidaatlanden liggen immers op een veel lager niveau. De Eurofractie heeft zich in het Europees Parlement echter altijd gekeerd tegen de idee om de prijzen te verlagen tot wereldmarktniveau. Ook in een uitgebreide Unie blijven beschermende maatregelen tegen grote prijsschommelingen noodzakelijk. In die zin zijn we blij met het akkoord van Berlijn waar de door de Commissie voorgestelde prijsverlagingen zijn afgezwakt. Wel is heteen slechte zaak dat de hervormingenin de zuivelsector pas in 2005van start gaan. Dat betekent dat deUnie zeker op dit terrein niet tijdigklaar is om nieuwe lidstaten uit Midden-en Oost-Europa toe te laten tot de Unie.

Een ander punt van zorg is de inkomenspositie van de boeren. Het Londbouw-Economisch Instituut (LEI) heeft berekend dat het gemiddelde akkerbouwbedrijf in Nederland er door het akkoord van Berlijn in 2002 er ongeveer 3.000 gulden per jaar op achteruitgaan. Ook in de melkveehouderij verwacht het LEI nadelige effecten, maar deze treden pas vanaf 2005 op. Voor de Nederlandse stieren- en kalverhouders lijkt het akkoord positief uit te pakken.

In het Europees Parlement heeft de Eurofractie nadrukkelijk aandacht gevraagd voor de sectoren die met Agenda-2000 in de knel dreigden te komen. De amendementen van Van Dam om de compensatiebedragen voor aardappelzetmeel te verhogen en een compensatiepremie in te voeren voor de kalfsvleessector, werden met grote meerderheid door het Parlement aangenomen. Het i: een goede zaak dat er op de Top van Berlijn vergelijkbare maatrege len zijn genomen.

FINANCIËN

De regeringsleiders zijn erin geslaagd om een zuinige meerjaren begroting op te stellen voor de ko mende jaren. De uitgaven voor de huidige vijftien lidstaten zullen tot 2002 nog enigszins stijgen, maar nemen daarna of tot het huidige L gavenniveau van circa 196 miljar gulden per jaar in 2006. Daar bc venop is een bedrag gereserveerd voor de toetredingslanden oplope' J tot circa 31 miljard gulden in 200 Daarmee komt de totale EU-begro ting in 2006 uit op circa 227 miljard gulden.

De Nederlandse regering melde trots dat ze erin geslaagd is om d< in haar regeringsakkoord ingeboe - te bezuiniging van 1, 3 miljard gui den op de contributie aan Brussel, binnen te halen. En inderdaad, Nfderland heeft in Berlijn succes geboekt op dat punt. Zo behoeft Ne derland straks minder bij te droge • aan de bijzondere positie van het Verenigd Koninkrijk op het punt vn de lastenverdeling. Ook mag Nederland een groter deel van de de i- oneheffingen als eigen inkomsten aanmerken.

Grote vraag is wel wat het uiteind'^lijke effect is van Agenda-2000 op de netto-betalerspositie van Nederland. De oorspronkelijke Agenda- 2000 voorstellen betekenden dat Nederland in de toekomst meer zr J moeten betalen aan de Europese begroting. Wegen de nu behaalde bezuinigingen daar tegenop? Het '< opvallend dat minister Zalm daar- /er nog weinig opening van zaken eeft gegeven. Dat geeft weinig reen tot optimisme.

GOEDKEURINGnOOR PARLEMENT

elen gaan ervan uit dat nu alles /er Agenda-2000 in kannen en ^uiken is, maar daarbij wordt over et hoofd gezien dat het Parlement .jg zijn goedkeuring moet geven on Agenda-2000. De stemming er Agenda-2000 staat gepland ; or de plenaire vergadering van i'. Aan de landbouwparagraaf .i niet meer gesleuteld worden. ver dat beleidsterrein heeft het irlement weinig te zeggen. Maar ; p het gebied van de financiën -; 9eft het Europees Parlement wel evoegdheden en kan ze nog aar- '9 wat zand in de raderen gooien.

-/S begrotingscommissie van het ' ariement heeft inmiddels aangeondigd dot ze niet akkoord gaat : iiet het in Agenda-2000 vastgestelie financiële kader. Men vindt het ' vanciële kader veel te krap. Ook . . men meer mogelijkheden om te ; huiven met overschotten van de '9 begrotingscategorie naar de dere. De begrotingscommissie eft het Parlement opgeroepen om -f zogenaamde interinstitutioneel -''.koord tussen EP, Raad en Com- I''ssie te verwerpen In dat akkoord . rrden de begrotingskaders voor ' komende zeven jaar vastgelegd. ) er geen interinstitutioneel ak- )ord tot stand komt, valt men voor .ie jaarlijkse vaststelling van de begroting terug op artikel 203 van het 'erdrog. Dat betekent onder andere 'jt de Europese Commissie het ciarlijkse groeipercentage van de ï'tgaven bepaalt. Dat percentage 'ordt gebaseerd op de inflatie, de "vconomische groei en de gemiddeloe variatie van de begrotingen van de lidstaten. Dat zal in de praktijk ertoe leiden dat de uitgaven veel sneller groeien dan nu op de top van Berlijn is besloten. Daarmee '^omt de besparing die Nederland '''seft ingeboekt op zijn afdrachten aan Brussel, weer in gevaar. Heeft Zalm dus toch te vroeg gejuicht? i' et moge duidelijk zijn dot de Euro- . actie in dezen meer aan de kant van de Raad dan aan de kant van de meerderheid in het Parlement staat. Er bestaat geen behoefte aan net verder vergroten van de Europese begroting. Natuurlijk moeten er kredieten beschikbaar komen om de uitbreiding mogelijk te maken. Maardie zullen gevonden moeten wordenbinnen de huidige financiële kaders.

EUROPESE OMMISSIE

Nadat de leden van de Europese Commissie zich na het verschijnen van een uiterst kritisch rapport van het Comité van Wijzen hun ontslag hadden ingediend, moest worden gezocht naar een nieuwe invulling van de Europese Commissie. Als eerste moet er een nieuwe voorzitter komen die dan in overleg met de nationale regeringen de andere Commissarissen kan voordragen. Met de inwerkingtreding van het Verdrag van Amsterdam (waarschijnlijk juni a.s.) krijgt het Europees Parlement de bevoegdheid om de invulling van de EC goed- of af te keuren. Verschillende namen zijn genoemd als kandidaten voor de Voorzitter van de EC. Er werden eigenlijk twee 'functie-eisen' gesteld, namelijk de kandidaat zou uit een Zuid-Europees land moeten komen en van socialistische huize zijn. (De 'oude' voorzitter Santer was een christen-democraat uit Luxemburg.) Ook de naam van 'onze' ministerpresident Kok werd nadrukkelijk als kandidaat genoemd, maar hij was niet beschikbaar en kwam bovendien niet uit Zuid-Europa. Eén van de weinige kandidaten die overbleef, was de Italiaanse oud-premier Prodi. fHij was bovendien beschikbaar. De voordracht was toen snel klaar. De Eurofractie SGP-GPV-RPF stemt in met deze kandidaat. In Italië heeft Prodi zeer veel nuttige zaken op orde gesteld (o.o. Italië 'klaar' gemaakt om mee te doen aan de EMU en een horde aanpak van fraude). Het tijdpad waarmee de nieuwe EC zal aantreden, vormt dan nog het enige probleem. Als Prodi in mei wordt gekozen door het EP kan hij namelijk pas daarna met zijn formatie-werkzaamheden beginnen. Het zal dan op z'n vroegst september worden voordat het Europees Parlement haar goedkeuring kan geven aan deze nieuwe EC. Tot die tijd blijft de huidige demissionaire EC aan het werk. Dat betekent dat ook de Commissarissen waarover in het rapport vernietigende uitspraken stonden tot die tijd politiek verantwoordelijk blijven. De Eurofractie zou liever zien dat er sneller een nieuwe EC komt, maar of dat lukt, is sterk de vraag.

Een ander gespreksonderwerp van de Europese Top was het Midden Oosten. De Europese regeringsleiders gaven hun steun aan de plannen voor de oprichting van een Palestijnse staat. In een verklaring die werd uitgegeven met de conclusies van de Top werd gewezen op het Palestijnse recht van onafhankelijkheid. Het uitroepen van een Palestijnse staat werd lange tijd meer als een politiek drukmiddel van Arafat gezien dan als realistisch plan. Toch heeft deze Palestijnse leider nu bereikt dat de Europese regeringsleiders dit streven ondersteunen. Bovendien wezen zij in hun verklaring op het belang van een snelle hervatting van de vredesonderhandelingen. Het is de vraag of deze steunverklaring verstandig is. De komende verkiezingen leveren in Israël al voldoende spanning op en het onder druk zetten van het vredesproces heeft nog nooit wat opgeleverd. De onvoorwaardelijke steun van de Europese Unie aan de Palestijnse zaak was altijd al duidelijk. Wellicht was het beter geweest als nu eerst duidelijk zou worden wat de Palestijnen zich precies voorstellen bij deze staat. Over welk grondgebied hebben ze het? Gaat het over de Westoever, Gazo en (Oost)-Jeruzalem of over de stukken land die momenteel onder Palestijnse controle staan? De Palestijnse achterban verwacht er veel van. De inzet van Israëlische zijde kan in dit onderhandelingsproces weleens minder zijn dan deze verwachtingen veronderstellen.

Heleen van den Berg Bert-Jan Ruissen

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 april 1999

De Banier | 20 Pagina's

UIT HET EUROPEES PARLEMENT

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 april 1999

De Banier | 20 Pagina's

PDF Bekijken