Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

God oefent gerechtigheid

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

God oefent gerechtigheid

5 minuten leestijd

Want Ik zal over de wereld de boosheid bezoeken, en over de goddelozen hun ongerechtigheid: en Ik zal den hoogmoed der stouten doen ophouden, en de hovaardij der tirannen zal Ik vernederen.

(Jesaja 13: 11)

Geliefde lezer, hebben wij ooit in ons leven de wijze bedoeling Gods al eens opgemerkt? Wat mag een mens door hemels licht begenadigd daarbij dan zien? Wat vreugde geeft dit zien dan in het leven van Gods gunsteling? Wel, dot de Heere altoos op Zijn eigen eer aanwerkt. Ja, van eeuwigheid is dit het doel en oogmerk van ai wat God schiep en onderhoudt.

En wat moeten wij mensen dan anders beogen dan Gods lof en eer in ons leven. Doch helaas, wij moeten vergeleken worden met de koningen van Babel, die dronken waren van hoogmoedswoonzin. Wij zijn als zijn sterken, die vertrouwen op de kracht van een vleselijke arm. We zijn als zijn machthebbers, die menen al de zaken en belangen der wereld te kunnen beheren. Dit moet tot verhoging van de mens op de troon dienen. ., ', hoe dwaas zijn wij geworden sinds onze diepe val. Wat is er toch de genanige ontdekking voor nodig om voor vod, onszelf en anderen te bekennen c.it wij eigen bedoelende mensen zijn.

I^och »vie zal God van Zijn eer kunnen beroven. Vijands macht zal worden verpletteid. De machtigen zullen van hun tronen worden nedergestoten. O, koningen uw eer gaat ten gronde. Welke lof '5 er gelegen aan vorsten en koningen die niet dan stof zijn voor God. God verandert hun raad tot lof van Zijn majesteit en ter, gunste van Zijn volk.

Wie zal ons kunnen verlossen uit de nand van de enige en wraakdoende God? Wat vermogen de af- en drekgoaen die we van nature dienen? Geen eer noch lof verdraagt God aan die go- '^en en gesneden beelden. Hoe dwaas is net om wat niets is, eer en aanbidding 'oe te brengen, welke alleen aan God toekomt. Hoe zouden wij, nietige menden, in eigen kracht - al gelijken wij op die sterke mannen - hopen op behoudenis voor tijd en eeuwigheid. Och, het is de mens eigen al zijn goed buiten God om te zoeken. Ons leven kenmerkt zich in opstand en vijandschap tegen God. Nu zoeken wij eer, vreugde en vermaak in deze wereld en zien haar met een vleselijk oog. Dit leven eindigt in een diep ongeluk.

Let eens op de dingen die in het wereldgebeuren geschieden. De hand Gods gaat in Zijn alwijs bestuur over al de zaken die zich aldaar voltrekken. En wanneer de Heere komt in kracht en verbolgenheid, beeft en schudt de aarde op haar grondvesten. In Zijn gramschap of toorn verwoest Hij dit aardrijk in één ogenblik. Laat Hij Zijn bewarende hand los, dan zijn we er niet meer. O, laten we God toch eerbiedig vrezen.

Wanneer de Heere het voor Zijn eer opneemt, neemt Hij het tegelijkertijd voor Zijn volk op. Daarin wil de Heere het wonder van Zijn gunst aan Zijn volk tonen. Daaruit volgt dat Hij ze door de almachtige kracht Gods bewaart en onderhoudt. In het midden van een krom en verdraaid geslacht leidt de Heere een volk dat Hem vreest, en dot op Zijn Naam vertrouwt. Dat volk weet dat er onderscheid gemaakt is waar geen onderscheid is. Ze weten bij zichzelven dat dit onderscheid voortvloeit uit het verkiezend welbehagen des Vaders van eeuwigheid. O, dat steunt op Zijn eeuwig verbond dat God daartoe gesloten heeft in de Zoon, Die Heere is van alles en het gezegend Hoofd van Zijn Kerk.

Is de inhoud van de ware godsdienst niet dit, dat des Heeren naam, eer, werk en eigenschappen zouden worden verheerlijkt? O, we mogen er niet aan voorbij gaan dat de oorspronkelijke bedoeling Gods geweest is dat de mens de lof des Heeren zou vermelden. Zo stond de eerste mens in de lusthof Eden. zo was zijn leven en werk in het paradijs Gods. Met welk een grote lust en liefde heeft hij dit werk tot Gods eer volbracht in de staat der rechtheid. Welk een verlustiging moet dat geweest zijn om God zo te dienen. Zijn weg te gaan, in die gehoorzaamheid te wandelen en God in alles te eren. Maar och, wee onzer, welk een smart, want de kroon is ons van het hoofd gevallen. En dat door eigen schuld.

Dit is niet anders voor dit volk in Babel. We moeten als het volk dat met Jeremia treurt, klagen in de woestijn van dit leven als we door Babel geknecht zijn en we in dienstbaarheid onderworpen worden. O, welk een tirannen benauwen de ziel van Gods volk. Wat heeft die geweldenaar en verwoester een schade gedaan aan de eer van God. De tempel is verwoest. De gevangenen worden als ballingen in grote getale weggevoerd naar een ver land. Van alle kanten worden verstrooiden bijeengebracht onder de macht van die geweldenaar. Maar o wonder, voor dit machteloze volk geldt dat de Heere evenwel Zijn verbond houdt ook in de vreemde. De geestelijke werkzaamheid der zielen die God in der waarheid vrezen werkt door, opdat God ook daar in hun leven verheerlijkt worde. Zoals zij daartoe verwaardigd werden, zal het nabijkomende werk dat nooit kunnen doen. Wanneer zulken tot de belijdenis van de enige ware God komen is het uit een onbegenadigd hart geperst. Omdat zij moeten erkennen dat God de God der goden is, wil dat nog niet zeggen dot zij van hun afgoden zijn afgebracht. Wel moeten zij nu deze God kennen in Zijn macht, in Zijn kracht, in Zijn heerlijkheid en in Zijn wonderwerken. Ach dot de Heere ons ontdekkende genade gaf en ons leidde in de weg der verzoening door Jezus Christus.

Rijssen, ds. A. Kort

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 augustus 2000

De Banier | 16 Pagina's

God oefent gerechtigheid

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 augustus 2000

De Banier | 16 Pagina's

PDF Bekijken