Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

GROEN VAN PRINSTERER

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

GROEN VAN PRINSTERER

6 minuten leestijd

GROENS STERFBED

Hoe de serie' over leven en v^rerken van de 19e-eeuwse Evongeliebelijder Groen van Prinsterer af te sluiten? Die vraag is niet zo makkelijk te beantv/oorden. Er zijn immers tal van passages uit Groens v/erken die zich hiervoor lenen. Passages v/aarin hij doordringt tot het hart van de christelijke politiek, passages v/aarin Groen treffend de toekomst schildert die nu realiteit is, of passages v\^aarin "de veldheer zonder ieger" onnavolgbaar de tijdgeest blootlegt. Stuk voor stuk pracht- ^assages om mee af te sluiten.

NAGESLACHT

uiteindelijk is de keuze gevallen op enkele woorden van Groen én van zijn onafscheidelijke vrouw Betsy. Het zijn de woorden die Groen op zijn sterfbed uitsprak en die door mevrouw Groen zijn opgeschreven voor het nageslacht - ook voor ons. Overigens is het hier ofgedruk- •e slechts een deel van een veel omvangrijker dagboek.^ Groen stierf op 19 mei. Hier beginnen we het dagboek op de vierde van die bloeimaand...

4 Mei. De nacht onrusfig; enkele oogenblikken niet helder, maar hij bemerkt dat zelf en verzocht den Doctor toch niemand toe te laten. I 1 uur. "Heere, wees mi/ zondaar genadig. Hij is gestorven voor onze zonden, opgewekt tot onze ''echtvaardigmaking". Met bijzondere nadruk, maar zeer zwakke stem de 130e Psalm. "Zeg aan Lohman hoezeer ik hem in liefde gedenk; met dank voor alles, ook voor de laatste stukken over het onderwijs, die ik met instemming heb gelezen", tioe is het mogelijk in een land, als ons land, kinderen te onderrichten, zonder God in de geschiedenis. Wat was ons land, had Hij het niet aangezien en gezegend? " Er is veel misbruik gemaakt van de praedestinatieleer. Een groote en heerlijke waarheid: Uit God en tot God zijn alle dingen.

4 Mei. 's Avonds het bed verlaten; een paar uren opgebleven. Op de knieën gebeden met innige overgifte en dank". 5 Mei. Hoe was de nacht? "Rustig. Weer dezelfde verschijning: ja nog heerlijker. Ik zag de draad die dit ziekbed bindt aan Gods genadetroon; ik wist het was geschied; nu dat alles is volbracht voor mij". [...]

6 Mei. Somtijds gesproken over de bediening van het Heilig Avondmaal, verklaarde hij dot niet meer te verlangen. "Waar de Heere zelf in Zijn genade spreekt tot onze ziel, hebben wij ook zonder eenige menschelijke tusschenkomst alles in Hem in leven en in sterven. Onafgebroken voorlezen 2 Cor. V, Openbaring V, VII, ook het laatste capittel (...) Ik ging een boek zoeken, hij zeide bij mijn heengaan: 't Faalt aardschen vrienden vaak aan krachten, maar nooit een vriend als Jezus is". Door de kamenier voorlezen Gez. 187: 6, bij herhaling. Gez. 46 V. 47-51. Altijd meer. De geloofsartikelen, de lijdensgeschiedenis, de kruiswoorden, het gebed des Heeren. "Gaarne weer. Ik zou het vijftig keer kunnen bidden, zonder verzadigd te wezen ".

7 Mei. Groote zwakheid. "Laat voor mij danken in de Kerk". "Ook bidden", zei de docter: "gij zijt heel zwak". "Nu goed, danken en bidden". Later, bij 't hooren van de klokken der Duitsche kerk: "Wordt óók daar voor mij gebeden? Heel goed; wat heerlijke zegen", (...j Fide Sole - 't geloof alleen, dat is 't eenige tegenover den vijand". {...) Wat zou onze lieve vriend Beynen zeggen als hij mij nu zag in zoo groote zwakheid? Ik vermag niets meer". De grond waarop ik eeuwig bouwe Lig niet in mij, ligt in Gods trouwe En daar alleen op, sterf ik Heer. Op Uw genade wil ik leven, Op Uw gena den doodsnik geven, O Heer, aan Wien ik mij vertrouw.

8 Mei. Ik vraag of het licht minder was. "Spreek daarvan niet meer, ziet wat ik zag of sprak - alsof ik op iets anders zag, of in iets rust vond dan in Christus alleen. Christus en Zijne gerechtigheid alleen. Daar ga ik de eeuwigheid op in". "Laat ons samen bidden". Daarop bad hij zelf zoo kinderlijk, zoo zacht "kon 't zijn! mocfiten wij nog met elkander den weg vervolgen. Maar in alles Uw genade, o Heere Jezus, om U te volgen 1" De bijbel gevraagd en met potlood, op bed, aangeschrapt Openb. Vll: 9-17 en 't laatste capittelj...] 9 Mei. Heel zwak. Met de aandoenlijkste heftigheid verlangende op de knieën te bidden, gebogen, zoodat wij het hoofd met moeite ondersteunden. Droge lippen schenen verlichting te geven.

PRIKKEL

10/l1 mei des nachts tot Rika: "Zeg aan mevrouw dat het gebed verhoord is. - o Hem danken, danken. O Heere Jezus, barmhartige Hoogepriester, O Heer onze gerechtigheid! De gerechtigheid in het gebed. Dat is reeds de overwinning. Hoe meer oprechtheid, hoe meer men elkander zal liefhebben". "De eeuwigheid is zaligheid. Zaligheid, o Heilige Geest!". "Dood, waar is Uw prikkel; Hel, waar is Uw overwinning? " "Als een gespeend kind bij zijne Moeder is mijn ziel". Deze woorden zijn somtijds als in den slaap uitgesproken - door Rika opgeteekend.

Van den elfden mei af dikwijls gejaagd spreken. Reciteeren stukken uit geschiedenis - Fransch- nooit hadden wij een vreemde uitdrukking van dezen man gehoord. Vol smart verliet ik een oogenblik de kamer, bad tot onzen God; terugkeerende hoorde ik met zachte stem: "Jezus alleen, Jezus alleen ". 13, 14 en 15 mei. Bij tusschenpoozen gesproken, zonder mij te herkennen. Geen voedsel verlangende. "Weg met al het aardsche. Jezus alleen". (...) Geen klacht bij het opnemen of verbinden. Geen oogenblik van ongeduld. Somstijds opeens: "Ik dank U allen". Dan weer met saamgevouwen handen, de oogen omhoog, sterke stem: Christus is één, Christus alleen, is Priester over allen. O Kruis, o Kroon, ja Amen ja Op Golgotha Een Priester onzer zielen. 15 Mei 's Avonds opeens bij volkomen kennis: "Ik ben vermoeid". De vervulling van mijn wensch, nog een woord, was niet naar Gods wil. Zijn naam zij geprezen voor alles, in ons leven en op zijn sterfbed. Maandag 15 mei ingesluimerd, dinsdag, woensdag, donderdag, zonder spreken, gesloten oogen - saamgevouwen fianden die soms naar boven werden opgeheven - altijd zachter ademhaling, tot vrijdagmorgen half zeven..."

Menno de Bruyne

Alie Groenartikelen die het afgelopen jaar in De Banierz't]n verschenen, zijn gekopieerd en gebundeld. Te bestellen op het Partijbureau.

^Voor een meer volledige versie von Groens laatste v/oorden verwijs ik naar hef boekje 'Vonken van heilig Vuur' dat is verschenen onder redactie van mr. D.J.H, van Dijk en mr C.G. van der Stoaij. De tweede druk is inmiddels uit.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 december 2001

De Banier | 32 Pagina's

GROEN VAN PRINSTERER

Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 december 2001

De Banier | 32 Pagina's

PDF Bekijken