Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Meditatie · Gods Trouw aan een ontrouw volk

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Meditatie · Gods Trouw aan een ontrouw volk

5 minuten leestijd

Efraïm, wat heb Ik meer met de afgoden te doen? Ik heb hem verhoord en zal op hem zien. Ik zal hem zijn als een groenende denneboom, uw vrucht is uit Mij gevonden.

Hoséa 14: 9

Efraïm was de tweede zoon van Jozef. Zijn naam betekent: "De vruchtbare". Maar zijn leven openbaarde dat het doodsvruchten waren. Zo komt openbaar het leven uit de diepte van de val. De gevallen mens leeft zijn val uit. Hij is dood in de zonde en de misdaden. Bij de geboorte van Efraïm heeft Jozef uitgeroepen: "lk zal wassen in mijn ellende". Het is de getuigenis van de levende gemeente des Heeren. Zij moetende belijdenis van Jozef smartelijk inleven. Ook zij leerden dat de wasdom

gaat door de inleving van de diepte van de val. De belijdenis van de ouden moet ervaren worden: "Hoe groot mijn zonden en ellenden zijn."

In de tekstwoorden wordt met de naam van Efraïm hetTienstammenrijk bedoeld. De handelingen met dit volk zijn in de profetie van Hoséa op verschillende wijze beschreven. Zo lezen wij

in Hoséa I l: 3: "lk nochtans leerde Efraïm gaan. Hij nam ze op Zijn armen: maar zij bekenden niet, dat Ik ze genas". In het achtste vers lezen wij: "Hoe zou Ik u overgeven, o Efraïm? U overleveren, o Israël? "

Als Hoséa in het veertiende hoofdstuk Efraïm aanspreekt, is het volk vanwege de zonden onderworpen aan het naderende oordeel Gods. De Heere roept het ze toe: "Neemt deze woorden met u en bekeert u tot de Heere: zegt tot Hem: Neem weg alle ongerechtigheid en geef het goede, zo zullen wij betalen de varren onzer lippen".

Toch zal Efraïm delen in de bijzondere genade Gods. Efraïm is immers een dierbare zoon, een troetelkind. Gods ingewand rommelt over hem met barmhartigheid.Tegen de ontrouw van Efraïm staat Gods wonderlijke trouw. Efraïm heeft de band met God doorgesneden. Zij hebben het verbond verbroken. Het volk heeft met sprekende daden de Heere de rug en de nek toegekeerd. De aanspraak door de Heere is beschamend."Efraïm!" Vruchtbare? Daarmee betoont de Heere Efraïm te kennen. Hij roept Efraïm. De aanspraak is in gunst. Het is een oproep tot bezinning en het leidt tot waarachtige bekering.

Hoe vaak heeft de Heere ons al aangesproken door Zijn Woord? Hoe vaak is beschamend gewezen op uw vruchten? Hoe menigmaal heeft de vinger Gods u gewezen op de zonde en zondeplaat-

sen. Hoe vaak hebben wij de oren gestopt voor de zonde-afmanende boodschap? Zo leeft de mens onder de waarschuwende prediking rustig voort in zijn vijandschap en opstand tegen de Heere. Hij verwerpt de boodschap en spot met de boodschappen Hoelang zal de Heere dat nog verdragen, gij onwijs volk? Dacht u dat er geen wetenschap is bij de Allerhoogste? Zijn oordeel kan niet dan vreselijk wezen. De hel is vervuld met de verachters van Zijn Woord en bediening. Ook nu laat de Heere ons nog aanspreken.Verlaat de zonde en leef, buigt u voor de hoge God, eer uw voeten zich zullen stoten aan de schemerende bergen.

Efraïm, wat heb Ik meer met de afgoden te doen? Efraïm is een vrijbuiter, hij neemt het niet zo nauw met Gods ordeningen en dag. De Godsnegering is onbeschaamd en brutaal.Wij lezen in het dertiende hoofdstuk: "Als Efraïm sprak, zo beefde men, hij heeft zich verheven in Israël; maar hij is schuldig bevonden aan Baal en is gestorven."

En nu zijn zij voortgevaren te zondigen en hebben zich van hun zilver een gegoten beeld gemaakt, afgoden naar hun verstand, die allemaal smedenwerk zijn, waarvan zij zeggen: De mensen die offeren, zullen de kalveren kussen". Efraïm zoekt overal steun en levensbehoud, zij maken hun afgoden en dienen deze slaafs en getrouw. Zij zoeken de ontspanning van het leven in levensvermaak op de zonde en wereldplaatsen en voelen niet meer hoe ver zij van God af leven. Zij voelen ook niet de spranken van het helse vuur dat hun straks zal verteren. Zo leeft Efraïm en zo leven wij. Zo maken wij trektochten zonder God en ontspannen ons in een ijdele vakantievreugde waarin velen

zelfs de uitwendige schaamtegevoeens schijnen verloren te

hebben. Laat het ons toch eens aanspreken: "Efraïm, wat heb Ik meer met de afgoden te doen? "

De afgodendienst is door de Heere een tijdlang geduld.Velen hebben gedacht dat de Heere het daarmee goedkeurde. Een zwijgend God in de zondetijd is echter een groter oordeel dan

een sprekend God. Als de Heere ons door laat gaan in ons zondeleven moeten wij vrezen.

Denkt nu niet dat het zondeleven alleen bestaat in de uitleving van het vlees op de zondeplaatsen. De ijdele godsdienst in Efraïm wekte het ongenoegen Gods meer op. Hoevelen leven alzo? Ook zij hebben een vermeende Godsdienst waar het werk van de Heilige Geest niet in wordt aangetroffen. De vleselijke mens zoekt immers een vleselijke Godsdienst waar zijn verstand in gestreeld wordt en hij strijdt daarvoor en schrijft er vele boeken over. Maar deze zelfhandhaving en zelfrechtvaardiging zal als stro en kaf blijken als de Heere zal gaan richten. Ook tot dezen klinkt het Woord des Heeren: "Efraïm, wat heb Ik meer met de afgoden te doen? "

Kootwijkerbroek, ds. P. Blok

Het tweede deel van deze meditatie wordt in het nummer van D.V. 14 juni geplaatst.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 mei 2002

De Banier | 16 Pagina's

Meditatie · Gods Trouw aan een ontrouw volk

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 mei 2002

De Banier | 16 Pagina's

PDF Bekijken