Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Doelwit · De SGP-er en de media

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Doelwit · De SGP-er en de media

11 minuten leestijd

In de sessies kadercursussen voor lokale bestuurders die in mei door Voorlichting & Vornning zijn georganiseerd, werd ook een cursus Mediatraining gehouden. Ook op lokaal bestuursniveau krijgt men immers steeds vaker -gev/ild of ongewild- met de pers te maken. Dan is het van belang om de basisregels te kennen en wat ervaring te hebben in het omgaan met de pers. De belangrijkste punten uit deze cursus, die werd gegeven door ervaringsdeskundige Dolf Lok, geven we graag aan de lezers door vla Doelwit.

Mediabeleid

Zoals veel lezers zullen weten, heeft het hoofdbestuur van de SGP een richtlijn gegeven hoe een politiek SGP-bestuurder om kan gaan met de media. Hoewel deze richtlijn tijdens de mediatraining niet het onderwerp was, is het niet ondienstig de kern ervan in dit verband nog even te noemen. De bedoelde richtlijn wordt verwoord in artikelen uit De Bomer van eind 1994.'

Gezien de bezwaren van de SGP tegen de inhoud van de media radio en televisie (dus niet tegen het medium op zich!), is een passief mediabeleid geboden. Dat betekent in de eerste plaats dat geen gebruik wordt gemaakt van de zendtijd voor politieke partijen en dat geen reclamespotjes voor de partij worden gemaakt. In de tweede plaats wordt niet uit eigener beweging naar een omroeporganisatie gestapt om een bijdrage aan te bieden. Passief betekent ook dat op verzoek wél meegewerkt kan worden aan radio- en televisieprogramma's.

In de Ban/erartikelen uit 1994 en een artikel in het Reformatorisch Dagblad van 27 februari 2004 komt een aantal aandachtspunten naar voren, die van belang zijn voor het omgaan met deze richtlijn in de politieke praktijk. Hier volgt een aantal van die afwegingen rondom de vraag'wat is actief, wat is passief'.

I.Tegenwoordig worden bijna alle politieke vergaderingen uitgezonden via een lokale, regionale of nationale zender of ze zijn te volgen via Internet. Dit is een typisch voorbeeld van passieve medewerking aan de media.2. Bij het beantwoorden van vragen van de media 'in de wandelgangen' betreft het doorgaans een bijdrage aan geïnteresseerde verslaggevers en serieus georiënteerde programma's. Een afwijzende, krampachtige houding is dan onterecht en zal alleen maar tot negatieve beeldvorming leiden.3. Het wordt anders wanneer men door radio- of televisieomroepen wordt benaderd om mee te werken aan een programma. Hoewel het onmogelijk is om hier voor elke situatie een passend antwoord te geven, kan als advies tenminste een aantal relevante te stellen vragen genoemd worden.Hoe vindt de bijdrage plaats, is het een interview (door wie wordt het afgenomen? ) of een debat met anderen (met wie.').' Waar moet het plaatsvinden? Thuis, in de studio, in de politieke context, in een debatcentrum, een school of een

café (denk aan lijsttrekkersdebatten die onder de noemer'politiek café' plaatsvinden in soms bedenkelijke settings)? - In welk programma krijgt de bijdrageeen plaats, wat is de aard van het programma en hoe werd in het verleden met de SGP en haar vertegenwoordigers omgegaan door deze omroep en de betreffende programmamakers? - Wanneer wordt het programma uitgezonden (zondag)? - Over welk onderwerp wil men onzemening toegelicht zien op de radio of televisie? Is het een uitgesproken politiek onderwerp of gaat het over een maatschappelijke ontwikkeling in de reformatorische achterban en kan de toelichting misschien veel beter door iemand anders gegeven worden omdat anders 'dé SGP' weer een stempel krijgt opgedrukt? 4. Tot slot is het belangrijk hoe we onze passieve medewerking in de media invullen. Er kan onderscheid worden gemaakt tussen enerzijds het afleggen van verantwoording over de ingenomen standpunten of het beantwoorden van vragen over politieke feiten en anderzijds een meer'algemeen' optreden dat niet direct aan de politieke functie is gerelateerd.

Context

Het is belangrijk bij deze richtlijn de context waarin deze staat, in ogenschouw te nemen. Dat wij een terughoudende houding ten aanzien van radio en televisie aannemen, heeft alles te maken met de plaats die onze boodschap krijgt tussen uitingen in de media die we op grond van Gods Woord moeten afl< euren. Op basis van dit argument zullen we ook niet aan elke willekeurige krant of (opinie)blad medewerking kunnen verlenen, wanneer dat verzocht wordt.Tussen haakjes: allerlei 'papieren' media kunnen natuurlijk wel ongevraagd en zonder onze medewerking over ons schrijven.

In het verleden speelde in de discussies binnen de partij ook een rol het toenmalige radio- en televisiebezit. Door als SGP actief gebruik te maken van deze media vreesde men de drempel te verlagen voor het bezit van radio en televisie. Inmiddels heeft dit argument een wat ander perspectief gekregen, zeker als we de uitkomsten van het eind vorig jaar gepubliceerde RD-onderzoek naar mediagebruik in de gereformeerde ge- zindte hiernaast houden. Evenwel blijft het een feit dat op radio en televisie steeds meer'vervuiling' optreedt en dat we alleen al daarom voorzichtig moeten zijn in het gebruik van deze media.

Persbericht

Tijdens de kadercursus werd in de eerste plaats aandacht besteed aan het persbericht.Voor velen zal dit een bekend middel zijn om in de media aandacht te vragen voor de standpunten van de fractie. Door zelf op professionele wijze met nieuws naar buiten te komen, kan de redactionele verwerking van nieuws positief worden beïnvloed. Dat geldt zeker ook voor negatief nieuws; als een fractie dat zelf naar buiten brengt, komt dat geloofwaardig en sterk over. Een goed persbericht schrijven is echter makkelijker gezegd dan gedaan. Daarom een aantal tips.

1. Zorg dat het nieuws in de kop van het persbericht staat en in de eerste alinea nader wordt toegelicht. Het bericht moet natuurlijk echt nieuwswaarde hebben. Bedenk dat een journalist dagelijks veel persberichten onder ogen krijgt en dat de kop dus dermate aantrekkelijk moet zijn, dat dit persbericht nu eens niet in de oud-papierbak zal verdwijnen. Actualiteit van het bericht is natuurlijk een voorwaarde.2. Dat geldt ook voor de rest van het persbericht. Is de kop pakkend en interessant, maar volgt er daarna een onbegrijpelijk, ellenlang uitweidend of juist veel te kort nietszeggend verhaal, dan belandt het persbericht alsnog bij het oud papier. Let er ook op dat u de informatie objectief brengt. Journalisten zitten er niet op te wachten dat u een waardeoordeel geeft over uw eigen politieke standpunten, dat doen ze liever zelf.3. Bedenk voor welk medium het persbericht bedoeld is. Is het een persbericht met als doel een bericht in de krant, dan is het goed hierin wat uitgebreidere informatie te zetten zodat de journalist er zonder verdere toelichting een krantenbericht van kan maken.Wilt u juist bewerkstelligen dat u gevraagd wordt om een mondelinge toelichting te geven, dan kan het persbericht korter en zal vooral de inhoud interessant genoeg moeten zijn om de journalist uit te dagen u op te bellen voor meer informatie. In sommige gevallen is het noodzakelijk om verschillende persberichten over één onderwerp te schrijven voor verschillende doelgroepen. 4. Vergeet nooit: het woord PERSBE­RICHT in opvallende letters bovenaan het bericht; eveneens bovenaan de 'afzender' van het persbericht; de datum van publicatie; eventuele aanduiding embargo en tot wanneer; duidelijk lettertype en voldoende regelafstand; onderaan het persbericht de naam en het telefoonnummer (waarop iemand ook echt bereikbaar is!) van de contactpersoon (of meerdere personen) die men kan benaderen voor meer informatie over de inhoud van het bericht.5. Zorg dat het persbericht een 'quote' bevat van de persoon die het politieke standpunt uitdraagt. 6. Let op een zorgvuldige timing van hetversturen van het persbericht. Laat zo weinig mogelijk berichten onder embargo verschijnen.

Interview

Er zijn verschillende vormen van het interview. Vanzelfsprekend is het onderscheid tussen de verschillende media: een kranten-, radio- of televisie-interview.Als het gaat over radio- en televisie-interviews kan onderscheid worden gemaakt tussen een interview via de telefoon of in de studio, in dezelfde studio als waar de presentator zit of in een andere studio. Het hangt van de situatie af, onder andere de lengte en het onderwerp van het interview, wat de meest ideale vorm is.Vraagt de omroep u om naar de studio te komen en bent u daar in principe toe bereid, maar zal het gaan om een interview van slechts een paar minuten, dan is het heel logisch wanneer u voorstelt dit telefonisch te doen.

Vervolgens maakt het uit of het interview met u alleen wordt gehouden of met meerdere personen tegelijk, of dat het interview in eerste instantie met u alleen lijkt te zijn maar dat halverwege het interview blijkt dat iemand anders meegeluisterd heeft. Wat dit laatste betreft: om niet voor verrassingen te komen staan, is het raadzaam voor aanvang van het interview aan de presentator te vragen of dit het geval zal zijn. U hebt er recht op dat te weten. Een ander belangrijk verschil is of u zelf een aparte microfoon heeft, of deze met de presentator of eventueel met andere geïnterviewden moet delen. Wanneer u zelf een microfoon hebt, staat u sterker omdat de interviewer u in ieder geval niet letterlijk het woordkan ontnemen door de microfoon wegte halen.

Voorbereiding

Het geven van een interview staat of valt met een goede voorbereiding. Niet altijd is er tijd voor voorbereiding, maar als het even kan moet daaraan aandacht besteed worden. Als u ruim de tijd en de keuze hebt, is het goed van te voren na te denken over bovenstaande keuzemogelijkheden.

De vraag die hieraan nog vooraf gaat en eigenlijk heel logisch is, is of u de juiste persoon bent om over dat onderwerp een interview te geven. Die vraag behoort een journalist zich natuurlijk ook te stellen, maar die kan om bepaalde redenen afwijken van wat logisch zou zijn. Maar als het interview inhoudelijk gezien bijvoorbeeld meer op de weg van een fractiegenoot of een provinciale bestuurder zou liggen, kunt u naar die persoon verwijzen.

Een goede inhoudelijke voorbereiding spreekt voor zich. Het is nuttig om voor uzelf of in samenwerking met anderen een lijst van mogelijke vragen en de daarbij door u te geven antwoorden te maken. Probeer u voor te stellen wat voor de journalist interessante vragen zijn. Dat kan namelijk nogal eens afwijken van wat u zélf het belangrijkste vindt in het nieuws.

Het interview zelf

Tot slot iets over het interview zelf. In de eerste plaats is het van belang een centrale zin of gedachte, eigenlijk de kern van uw boodschap, enkele malen in verschillende bewoordingen te herhalen. Als uw boodschap zich daartoe leent, kan het handig zijn een oneliner paraat te hebben.

Een journalist kan verschillende technieken hanteren tijdens het interview. Het is goed zich daarvan bewust te zijn. Er zijn drie soorten vragen: I) open, informatieve vragen, als geïnterviewde hebt u veel vrijheid, 2) informatieve, gesloten vragen, u wordt dan al beperkt omdat u bijna gedwongen wordt tot een ja- of nee-antwoord, en 3) suggestieve, uitdagende vragen, de interviewer heeft dan vaak de regie in het gesprek en wil u bepaalde dingen laten zeggen. Wees dan op uw qui-vive!

Het is belangrijk uzelf te blijven in een interview. Wees niet zenuwachtig: u hebt een boodschap die het waard is om uitgedragen te worden! Bedenk dat u het partijstandpunt uitdraagt en niet een persoonlijke mening. Pas op met de beantwoording van als-dan vragen en de "stel nu eens dat..."-situaties.Tot slot is het heel belangrijk dat u uw boodschap niet te moeilijk formuleert. Het gebruik van vakjargon en politieke formuleringen is voor een politicus soms vanzelfsprekend, zeker als u net uit een debat komt waar iedereen op de hoogte is van het onderwerp en de bijbehorende vaktermen. Het vergt dan ook inlevingsvermogen om op zo'n moment om te schakelen naar een verwoording van uw standpunt voor een breder publiek.

Praktische tips

Tijdens de kadercursus werden praktische tips gegeven voor het geval men oog in oog komt te staan met een televisiecamera. Blijf altijd naar de intervie­ wer kijken en niet in de lens.Als het buiten plaatsvindt en het is mooi weer, zet dan een eventuele zonnebril of bril met verkleurende glazen af. Bedenk dat een journalist vaak op zoek is naar een quote, dat wil zeggen één zin of een afgerond stukje tekst waarin uw mening kort en duidelijk verwoord wordt. Als u deelneemt aan een debat dat op televisie wordt uitgezonden, let dan op het volgende: ga niet zitten wiebelen of schuifelen op uw stoel; zit stil en ga niet met handen of een pen spelen; kijk altijd naar de persoon die aan het woord is en laat door uw uitdrukking zien dat u de inbreng van anderen belangstellend volgt; als u zelf aan het woord bent, kunt u uw verhaal kracht bij zetten door mimiek met de handen.

Dit artikel is een korte neerslag van de inhoud van de cursus. Hebt u belangstel­ ling om in de toekomst de cursus mediatraining te volgen (waarin ook veel geoefend wordt met bovenstaande), neem dan gerust contact met ons op. Wilt u meer lezen over het mediabeleid van de SGP, dan kunnen wij het dossier over dit onderwerp naar u opsturen (tel.: 070-302 9072, e-mail: voorlichting@sgp.nl). Wilt u meer lezen over het praktisch omgaan met de media (tips voor persberichten, interviews, debatten), dan verwijzen wij naar de volgende literatuur: Sjoerd Dijkstra, "ln het nieuws... maar hoe? ", Meppel 2000.

Rudi Biemond

'. Een commissie binnen het hoofdbestuur is bezig om de richtlijn van 1994 te toetsen aan depraktijk. Binnen enkele maanden hoopt dezecommissie te rapporteren.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 9 juli 2004

De Banier | 20 Pagina's

Doelwit · De SGP-er en de media

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 9 juli 2004

De Banier | 20 Pagina's

PDF Bekijken