Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Doelwit · Brandweerzog

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Doelwit · Brandweerzog

8 minuten leestijd

'Brandweer presteert overal onvoldoende' kopt het NRC Handelsblad van 8 februari 2007. Dit artikel was zo alarmerend, datTweede Kamerlid Griffith (VVD) er op 13 februari 2007 vragen over stelde aan de toenmalige minister van Binnenlandse Zaken, Remkes.V\/at is de achtergrond van dit artikel? En wat is de relevantie hiervan voor raadsleden? In deze bijdrage worden voornoemde vragen beantwoord.

De Inspectie voor Openbare Orde en Veiligheid (OW) heeft onderzoek gedaan naar de bestuurlijke aansturing van de brandweerzorg. Dit is een taak van de inspectie krachtens artikel 19 van de Brandweerwet: 'het toetsen van de wijze waarop een bestuursorgaan van ... een gemeente ... uitvoering geeft aan de taken met betrekking tot het voorkomen van, het voorbereiden op en het bestrijden van een brand, ongeval of ramp'. Het onderzoek bevat twee deelrapporten. Het eerste deelrapport schetst een beeld van de manier waarop de brandweer in gemeenten bestuurlijk wordt aangestuurd. Hierin komen ook de prestaties van de brandweer op het gebied van de hoofdtaken preventie, preparatie en repressie in de periode 2000-2005 aan de orde. Het tweede rapport schetst een beeld van het interbestuurlijk stelsel voor de brandweerzorg. Dit onderzoek is tot stand gekomen door onderzoek van professor dr. F. Fleurke, verbonden aan de Vrije Universiteit van Amsterdam. Dit artikel zal in het bijzonder ingaan op het eerste deel.

Aansturing door gemeente

Volgens professor Fleurke ligt de verantwoordelijkheid voor de brandweerzorg in het hart van het lokaal bestuur. Op grond van de Brandweerwet regelt de gemeenteraad de organisatie, het beheer en de taak van de brandweer per verordening. Het college van burgemeester en wethouders heeft de zorg voor het voorkomen, beperken en bestrijden van brand en beperken en bestrijden van gevaar voor mensen en dieren bij ongevallen, anders dan bij brand'. De Inspectie OOV concludeert echter dat er over het algemeen een opvallend verschil van opvattingen en kennis is tussen de burgemeester en de gemeenteraad met betrekking tot onderwerpen als de kwaliteit van de brandweerzorg en de betrokkenheid van de gemeenteraad bij de brandweer. Wat echter voor beide partijen geldt is dat het thema brandweerzorg niet of nauwelijks op de politiek-bestuurlijke agenda staat. Ook in dit verband lijkt de stelling'onbekend maakt onbemind' op te gaan. Bestuurders en volksvertegenwoordigers blijken namelijk niet of nauwelijks over actuele, betrouwbare en relevante beleidsinformatie over het functioneren van de brandweer te beschikken. Zo heeft het gemiddelde raadslid nauwelijks kennis van de professionele (prestatie)normen van de brandweer. Dit leidt ertoe dat beschouwingen over de brandweer meer gebaseerd zijn op perceptie dan op beleidsinformatie.

Professor dr. F. Fleurke heeft onderzocht waarom er zo weinig bestuurlijke belangstelling is voor de brandweer. Hij geeft een viertal verklaringen. In de eer­

ste plaats ziet het gemeentebestuur de brandweerzorg als een beleidsveld met een beleidsarm karakter. Omdat het beleidsveld wordt beheerst door professionele normstelling, uitvoering en techniek, laat men dit over aan de professionals, de brandweer zelf. De tweede oorzaak heeft te maken met de controletaak van de ge­ meenteraad. De gemeenteraad wordt niet in staat gesteld zijn controlerende taak uit te oefenen omdat de beleidsvoering van de brandweer niet is opgenomen in de systematiek van 'planning & control' op basis waarvan de gemeenten worden gecontroleerd. Een derde verklaring die Fleurke geeft, heeft betrekking op de manier waarop de brandweerzorg in Nederland is georganiseerd. Zo ontbreekt een systeem van 'checks and balances'. Dit betekent dat men niet leert van fouten, maar deze eerder in stand houdt, omdat er geen actie op volgt.Tenslotte blijkt het Rijk zich zeer op de achtergrond te houden als het gaat om de handhaving van de gestelde normen. Dit leidt ertoe dat gemeenten er ook weinig ernst mee maken. Er zijn immers andere zaken die aandacht vragen en wél gecontroleerd worden.

Prestaties brandweerzorg

De toenmalige minister van Binnenlandse Zaken, Remkes, heeft dit onderzoeksrapport op 8 februari 2007 naar de Kamer en naar alle gemeenten gestuurd, vergezeld van een uitgebreid schrijven waarin hij zijn visie weergeeft. De minister onderschrijft de conclusies van het rapport. Hij vindt dat de brandweerzorg hoger op de politieke en bestuurlijke agenda van de gemeenteraad moet komen. Deze aandacht zou zich dan met name moeten richten op de prestaties en de kwaliteit van de brandweerzorg. Overigens benadrukt de minister dat de bestuurlijke aansturing van de brandweerzorg in belangrijke mate een zaak is van de gemeenten. De concrete invulling behoort tot hun autonomie. Opvallend is dat meer dan de helft van de gemeenten geen informatie kan verschaffen over de uitrukprestaties van de eigen brandweer. Indien deze gegevens wel kunnen worden verschaft, blijkt de prestaties onder de maat. Daarom adviseert de minister om te komen tot een kwaliteitssysteem dat betrouwbare informatie verschaft over de prestaties van de brandweer. Een mogelijk instrument is het INK-model. Dit model is in 2004 al toepasbaar gemaakt voor de brandweer. Het INKmodel is een breed gebruikt managementmodel en is bedoeld voor organisaties om een zelfevaluatie uit te voeren.Vaak worden deze zelfevaluaties uitgevoerd door auditors om zo een onafhankelijk mogelijk beeld van de organisatie te krijgen. Door middel van het INK-modeP worden verbeterpunten geïndiceerd. Het model helpt organisaties te focussen op de gebieden waar verbeteringen mogelijk zijn.

Uitbesteding aan regionale brandweer

Als de gemeentelijke brandweer bepaalde taken zelf niet kan uitvoeren, dan kan ze deze taken uitbesteden aan de regionale brandweer Uit het onderzoek komt naar voren dat enerzijds een groot deel van de gemeenten niet voldoet aan de normen, maar anderzijds dat de taken nauwelijks worden uitbesteed. Elk gemeentelijk brandweerkorps heeft tegenwoordig te maken met kapitaalintensieve, specialistische taken die niet door het eigen korps kunnen worden uitgevoerd. De'balans Veiligheidsregio's'^ geeft weer dat van de vijfentwintig regio's er al zeven zijn die het beheer van de brandweer inmiddels volledig hebben geregionaliseerd. In andere regio's worden voorbereidingen getroffen om ook zo ver te komen. Deze regionalisering zal bijdragen aan een positieve ontwikkeling van de kwaliteit van de brandweerorganisatie. Zaken die voor een gemeentelijk brandweerkorps te groot of te duur zijn, kunnen door een groter korps wel worden uitgevoerd. Ook bestuurlijk gezien kan dit positieve gevolgen hebben.Wanneer er sprake is van een 'volwassen' regionaal brandweerkorps met veel expertise, zal zij in besprekingen en overleggen als een volwaardige partner aan de bestuurstafel kunnen aanschuiven. Dit zal de aandacht vanuit de gemeenteraad en het gemeentebestuur doen toenemen.

Visie VNG op ontwikkelingen

De Vereniging van Nederlandse Gemeenten heeft uiteraard gereageerd op deze alarmerende rapporten. Haar grootste bezwaar is naar hun mening het feit dat de in de onderzoeken gehanteerde normen onbekend zijn bij de gemeenten.Tevens vindt de VNG dat er gediscussieerd kan worden over de wenselijkheid van deze normen, omdat dit gehanteerde normenkader 'de autonomie van de gemeenten raakt'. Een tweede risico bij soortgelijke normen is dat men vervalt in 'technocratische normstellingen'. Wel deelt de VNG de conclusie dat de informatievoorziening aan de raad verbeterd dient te worden. Toch moeten professionele normen niet leidend zijn. Volgens de VNG echter zijn de rollen van de raad en het college wel veranderd met de invoering van het dualisme. Het is maar de vraag of dit ook werkelijk zo is. Ook na de invoering van het dualisme immers moet de raad kunnen beschikken over adequate gegevens over de hoofdtaken van de brandweer? Hoe zou de raad anders zijn kaderstellende en controlerende taken kunnen uitvoeren? Ook de VNG vindt dat er verschillende mogelijkheden tot verbetering zijn. Zo is de VNG voornemens om een handreiking te maken voor het opstellen van dienstverleningsovereenkomsten tussen gemeenten en de veiligheidsregio, zodat de mogelijke samenwerking een positieve impuls krijgt.Tevens wil de VNG meedenken over kwaliteit en kwaliteitseisen in het kader van de wetgeving rond de veiligheidsregio's. Het is voor iedereen van belang dat het brandweerpersoneel niet alleen vakbekwaam wordt gedurende de opleiding, maar ook vakbekwaam blijft. Daarom is het van belang dat er tijd en middelen voor training beschikbaar zijn.

Conclusie

De conclusie van minister Remkes op het rapport laat aan onduidelijkheid niets te wensen over: 'Ik vind het teleurstellend, maar ook zorgwekkend te moeten constateren dat de brandweerzorg blijkbaar in veel gemeenten als een beleidsarme taak wordt beschouwd. Dit doet geen recht aan de verantwoordelijkheid van gemeenten ten aanzien van de uitvoering van de wettelijke taken met betrekking tot de brandweerzorg en het belang van de rol van de brandweer in het veiligheidsdomein. Evenmin doet het recht aan de lessen die getrokken zijn uit de incidenten die de afgelopen jaren hebben plaatsgevonden"". Deze incidenten geven inderdaad duidelijk aan hoe groot de verantwoordelijkheid van de gemeente is en hoe groot de risico's voor de burgers zijn als de gemeente haar gemeentelijke brandweerzorg niet in de hand heeft. Met name de cafébrand inVolendam (2001) is hier een duidelijk, maar ook aangrijpend voorbeeld van. Regionalisering leidt tot professionalisering. Een groot korps kan beter tijd vrij maken voor oefeningen, controles en repressieve taken. Op die manier bestaat er dus een mogelijkheid om het steeds ingewikkelder geworden takenpakket uit te voeren. Daar is iedereen bij gebaat. Als een gemeente om welke redenen dan ook (nog) niet voor (volledige) regionalisering kiest, zal zij er in ieder geval voor moeten zorgen dat brandweerzorg geen sluitpost, maar een uitdagend beleidsterrein is.

Just van Toor

' Artikel 1.4 Brandweerwet' Instituut Nederlandse Kwaliteit, Nederlandsetak van de European Foundation for QualityManagement (EFQM)'' Kamerstukken II 2006-2007, 29517, nr. 20" Conclusie in begeleidende brief aan deTweede Kamer, 8 februari 2007

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 april 2007

De Banier | 32 Pagina's

Doelwit · Brandweerzog

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 april 2007

De Banier | 32 Pagina's

PDF Bekijken